Linkse Hobby's

Kleinbeeld

Linkse Hobby’s

Kunst en cultuur, ontwikkelingssamenwerking, volgens Geert Wilders zijn het linkse hobby’s voor een elite, wat als onzin kan afgedaan worden, ware het niet dat links zelf door aanpak en benadering dat odium op zich geladen heeft. In werkelijkheid bv is de SP-a in Vlaanderen zeker niet zomaar te verbinden met kunsten en cultuur, wel integendeel. Wel kan men moeilijk doorheen het bos de bomen zien, want vele kunstenaars en artiesten etaleren zich graag als links en gedragen zich tegelijk als een elite, of krijgen dat etiket in de media. Nu met alle respect voor Will Tura, maar in hem kan ik geen linkse gedachten zien en ook Lotti lijkt me burgerlijk. Echter, bij schrijvers, musici en ander schoon volk leeft de idee dat je bepaalde idées reçues moet delen, wil men tot de club behoren. Het gemakkelijke conformisme dat hieruit voortvloeit, ontneemt aan de kunstenaar het aureool van de Einzelgänger, maar ontneemt de denker, degene die over de samenleving ernstig probeert na te denken, ook elke kans om over dat geneuzel van wat links niet is, heen te gaan. Het overlijden van Tony Judt en de wijze waarop zijn denken gewoon in de brede media genegeerd wordt is er een sprekend en schrijnend voorbeeld van[1]. Men roept maar wat, maar als lieden die in alle bescheidenheid tot een aantal inzichten komen, bijvoorbeeld over het failliet van links, van zowel de ideologie als van wat men inderdaad een sociaal denken zou kunnen noemen, dan roept men alleen nog maar harder dat men links is.

Geert Wilders heeft overigens ongelijk al die thema’s aan links te laten, omdat het wel goed klinken kan dat men niet meer aan ontwikkelingssamenwerking wil doen, of dat men zal korten op middelen voor onderzoek en vooral in de ondersteuning van de kunsten de schaar zal zetten. Ook het aanbod op televisie, de publieke omroep blijkt daaraan onderhevig. Nog eens, links heeft niet het monopolie op de kunsten, maar ook hoeft rechts zich niet van het esthetische en de kunstensector af te wenden. Het is een sector die nogal wat meerwaarde schept en die bovendien ook maatschappelijk ongenoegen kan opvangen en absorberen. Vooral evenwel is kunst in een samenleving en voor mensen die er de tijd voor hebben een belangrijk expressiemiddel of nog, het zou een deel van ons bestaan mogen zijn. Maar goed, links heeft het ongenoegen vertaald in verontwaardiging over het onrecht in de wereld, een nogal steriele verontwaardiging, want eindelijk gaat het om een systeem, niet meer om de mensen die het onrecht ondergaan moeten. Men wil armoede bestrijden, maar doet in wezen weinig om de oorzaken ervan aan te pakken en zoals men de christenen verwijt dat ze geen liefde kennen, geen naastenliefde, doch hun aalmoezen in geritualiseerde vorm zouden geven, zou men de verontwaardiging van de linkse tafelspringers kunnen afdoen als een parade. Peter Sloterdijk heeft dit probleem dan ook glashelder aangekaart in zijn boek “Zorn und Zeit” waarin hij die woede, verontwaardiging te kijk zette als een soort wisselbank, waar men eeuwig op de uitkering van de winsten van de toorn kan wachten. Bovendien, zo bekeken is ook Wilders iemand die de toorn van anderen weet uit te buiten, alvast aan te spreken en soms is men niet onder de indruk van linkse partijen die zich tegen dat Wilderiaanse gedoe keren, want het zijn vaak arbeiders en mensen die niet echt in het burgerlijke bestaan hun gading vinden, die hem graag volgen.

Deze hypocrisie, ook vanwege intellectuelen, doorbreken, kan men ook wel met meer ijver betrachten, want het klinkt mooi voor een rechtvaardige wereld op te komen, te beweren dat men honger een onrecht vindt, zonder dat er een aanzet komt, al decennia niet, om de ontwikkelingswerk niet als een westerse schuldaflossing te zien, maar als een poging daadwerkelijk samenlevingen de kans te geven de eigen mensen de toegang tot welzijn en welbevinden te geven. Overigens zitten daar vele adders en ander ongedierte onder het gras verscholen, want wie de authentieke cultuur van die mensen wil beschermen mag de medische parameter niet verbreken, anders komt het wankele evenwicht tussen de (kleine) leefgemeenschappen en hun biotoop in gevaar, mag hen ook niet van betere wapens of vistuig, zelfs geen betere rijstsoorten of zo geven, want telkens holt men tradities en gewoonten uit. Het is een dilemma voor wie tegelijk aanneemt dat de westerse waarden van gelijkheid, vrijheid, emancipatie een universele waarde hebben, en aanneemt dat onze cultuur geen aanspraak maken kan op een universele betekenis. Omdat we in deze voege ook nog eens te stipuleren wat voor links zo belangrijk is, het cultiveren van een wereldburgerschap, waardoor men doorheen het discours van het cultuurrelativisme fietst, krijgt men de indruk dat allemaal niet zo ernstig gemeend is. Of anders, dat het er uiteindelijk niet zo erg toe doet wat men brult, als men maar iets te brullen heeft. Accepteren dat onze, deze cultuur in de wereld tegelijk veel kwaad en veel goed heeft veroorzaakt, lijkt voor velen een onmogelijke opdracht om dit zelfs maar in overweging te nemen, laat staan dat een bijzonder moeilijke opdracht zou zijn de balans op te maken van dat goede en dat kwade, dat in de wereld kwam door de vorderingen van kunsten, wetenschappen, filosofie en reflectie.

In die zin zijn de aanvallen van Wilders alleszins gratuit, maar ook wie als burger en rechtse kiezer om de samenleving bekommerd is, moet afstand nemen en houden van die Wilders en vooral van zijn uitspraken. Maar links moet dan vooral onderkennen dat de aanwezigheid van vele – tja, hoe moet men die mensen met een etiketje vangen – allochtonen en hun nazaten maar ook van massamigratie de bevolking niet zint of lekker zit. Men kan het erg vinden dat mensen die veranderingen in de samenleving niet begrijpen, zelfs niet accepteren, maar juist die mensen om wie men zegt te geven, de armen onder ons en de zwak opgeleiden hebben er problemen mee, leven in de wijken, ontmoeten hen in winkels en scholen, kortom, leven er samen mee. Nogal wat welmenende mensen die zich de zaak van de migranten aan beweren te trekken kunnen dit als dagtaak doen, zeer zeker professioneel, maar ’s avonds gaan zij naar toneel of praten in de Dansaertstraat over de nieuwste CD van Sting, met muziek van Dowland, of andere zogenaamde cross-overs. Natuurlijk, de rockmuziek is dood, want de helden James Dean, Jimmy Hendrickx en John Lennon, Elvis zijn al lang dood en wat men nu presenteert als rock heeft niks rebels meer, zelfs de seks op mtv is eindelijk maar een belegen zootje. Het verhaal van de kunst in de 20ste eeuw, waarbij de burgerij de eerste en voornaamste bron van inspiratie, het belangrijkste cliënteel en de belangrijkste pleitbezorgers waren, gaat ook op voor de subculturen, die telkens weer door de commercie gerecycleerd worden, waarbij mensen na gebruik vlot bij het oud vuil worden gezet.

Links en rechts hebben van dit alles in het algemeen bewust een soort vijgeblad gemaakt. Men doceert nu rock en lichte muziek aan de academies en tegelijk behandelt men de klassieke muziek met zoveel dedain, ook waar die muziek in de eigen tijd revolutionair, progressief was, dat men zich afvragen kan of iemand er nog iets van begrijpen wil, van die kunst zelf en van het feit dat een halve eeuw geleden mensen op zondag “noar den Franschen theoter”gingen, naar de opera. Of zie vandaag hoe amateurs toch met enig doorzettingsvermogen aria’s uit Mozart of Verdi weten te brengen ( Una Voce Particulare – met kapitalen, want dat verdient dit programma wel) wat ons er toe brengt al die mensen die een schietgeweer bovenhalen als ze maar het woord cultuur of kunst horen, best eens bij zichzelf te rade gaan over de betekenis van het esthetische, van het omgaan met kunst, of zelf kunst te brengen, ook als amateur, want de wereld zou er wel erg grondig anders uitzien daarzonder. Daarom denken we dat het belangrijk is, dat rechtse partijen mee ertoe bijdragen dat minstens het debat op een andere leest geschoeid wordt, over kunst, maar ook over de verhoudingen in de wereld. Men moet van de media verlangen dat zij zich inlaten met deze kwesties en de deze discussie niet als een ideologisch debat gaan voeren.

Het grote probleem van het (verschralende) politieke debat is dat telkens als Links zus zegt populistisch rechts iets anders moet zeggen en vice versa. Rechts, wat we dan burgerlijk rechts noemen, die zit er dan bij en weet niet gauw genoeg wat het aan moet met die onzin. Ook al omdat veel mensen, hoe burgerlijk ze in wezen ook zijn de travestie niet kunnen laten zich als links voor te doen, soms zelfs als working class heroes. Dat is pas een linkse hobby, zich een verleden toeschrijven waaraan men part noch deel heeft. Het gevolg is dat men plots volksfiguren is gaan opwaarderen, zoals Eddy Wally of Bobbejaan Schoepe. Zelfs als die laatste enige verdienste heeft, dan nog blijft het hypocriet hen plots een heldenstatus te geven. Er zijn er zo nog, terwijl men dan weer veel moeite doet om anderen, die werkelijke verdienste hadden, Ramses Shaffy of Kris de Bruyne nog nauwelijks op de playlists zet van Radio 1, enfin van actualiteitenprogramma’s als de Ochtend of Vandaag.

Opvallend is ook dat het lezen van boeken als hobby of vrijetijdsbesteding iets bijzonders dreigt te worden, iets wat men niet aan de grote klok kan hangen. Evengoed hoort men dan dat Thomas Mann een oude zeur is, maar de man is ooit wel jong geweest en briljant. Maar het is zoals met Hemmingway, velen kennen de naam, maar wie las zijn boeken? Van Thomas Mann kan men eens Der Erwahlte proberen om te zien hoe inventie en creativiteit in de uitwerking kunnen werken. Maar goed, we mogen zot zijn van A en van Alfons de Ridder, meer moet het niet wezen.

Linkse hobby’s? kan best, maar het is niet daarom dat we die zaken terzijde moeten laten, wel integendeel, we moeten ze als belangrijk deel van het beleid zeer ter harte nemen en ook de toegang tot het artistieke versterken, opdat het geen monopolie worden zou van een kleine groep gekende namen die ten eeuwige dage de zaak in handen kunnen en durven houden.

Kortom, ook journalisten en burgers moeten zich nu maar eens over hun reacties op Wilders gaan beraden en zich daarbij niet blindstaren op zijn harde Islamtaaltje, maar op het geheel van zijn soms bizarre inzichten. Laten we onze ogen openen voor de kunsten, voor de verdienste van onze cultuur, technologie en wetenschappen, voor Wilders ze dichtslaat met dwaze oneliners en dus doet wat links zo graag wil, iedereen gelijk schakelen.

Want finaal is dat de uitdaging waar de samenleving voor staat en waar Judt voor waarschuwt, dat de overheid, ook zonder Wilders, maar daartoe gedwongen door de eigen logica, via de EU gesanctioneerd, dat de staat zelf onbetrouwbaar wordt en daar zijn de politici, maar ook het gehele apparaat omheen politici, ambtenaren, woordvoerders, spindoctors en wat al niet meer zich maar halvelings bewust van, omdat ze denken dat het volk, een vormeloze massa wel niet zal weten hoe het echt in elkaar steekt. Maar de burger is niet zomaar een te manipuleren sujet, dat zich met schone woorden tevreden laat stellen. Niet toevallig behoren politici en journalisten voor velen tot de minst betrouwbare beroepsgroepen in de samenleving. Natuurlijk, de wetstraatjournalist, de economische redactie van een grote krant of openbare omroep zijn nog iets anders dan showbizz-Bart.

Wilders veegt overigens ten onrechte de vloer aan met het hele zootje, want en daar moeten we op wijzen, politiek kan alleen door mensen gemaakt worden, door mensen verslaan en door andere mensen begrepen worden. De naakte man die sinds vandaag boven Brugge hangt, kunst noemen, kan een weldenkend mens alleen maar nonsens noemen. Het is een reclamestunt en wie er meer wil van maken belazert de kluit. Ook journalisten die erin meegaan – met politici – dat een bepaald beleid zus of zo te verantwoorden valt, maar net de cruciale gegevens niet geven, of niet aangeven dat een verantwoording in zekere zin de situatie kan verergeren, maar dit ook openlijk durven aan te geven, kunnen na verloop van tijd het publiek niet meer onder ogen komen. Toch zijn er vele die er hun hand niet voor omdraaien zonder duidelijke opgave van redenen van mening te veranderen. Links heeft op dat vlak een bedroevende staat van dienst. In die zin heeft Tony Blair, die de mondeo-man wilde aanspreken wel degelijk een rechtlijnig parcours gevolgd. Zijn slaafse houding tegenover Bush was de trigger, maar zijn onvermogen de mensen, waarover Theodore Dalrymple het heeft, de zogenaamde onderklasse aan hun lot overlaten, was voor de kiezer de echte oorzaak van zijn verlies en het verlies van Labour.

Maar wat zal Wilders doen voor die onderklasse? Korten op voorzieningen die voor hen het verschil maken tussen leefbaar en regelrechte onderdompeling in dakloosheid, moedeloosheid en zelfvergetenheid? Rutte en Verhaeghe dienen zich op dat vlak, net als andere politici in Europa bewust te zijn dat het gezwaai met statistieken over armoede, waar we nu weer getuige van zijn geen beleid kan sturen. Het pijnpunt zit deels in het feit dat de definitie van armoede altijd beladen is met een statistische flou, de beleving van de eigen individuele situatie en de mogelijkheden die er zijn om de hindernissen te overwinnen maken de statistische realiteiten onbruikbaar. Er zijn, Judt wijst er terecht op, in Europa nogal wat instanties die behoorlijk werk leveren om mensen uit hun complexe maar moeilijke situatie te laten opklimmen, maar er is ook een taalgebruik dat mensen de kans geeft zich aan die bijstand en hulp te onttrekken. Het kan geen linkse hobby zijn mensen te laten verkommeren terwijl men in de salons van de macht gaat lawaaien over de schandalige verrijken van hogere kaders en renteniers, ondernemers en politici.

Geef de mensen jobs, maar vele kleine jobs worden ook door links met het oog op efficiëntiewinsten weg gesaneerd. Natuurlijk, een groot deel van die evolutie ligt al achter ons, maar politici als Luc Vandenbossche en Louis Tobak hebben zich niet onbetuigd gelaten. De vraag is en was hoe we in de samenleving omgaan met mensen die een minder goede scholing kregen, soms omdat de omstandigheden tegen zaten, heel vaak omdat ze door een verandering in het onderwijslandschap, de verhoging van de leerplicht zonder meer, van hun mogelijkheden vervreemd raakten. De miskenning van de waarde van mensen die niet een hogere opleiding kregen, maar die nodig zijn in de samenleving, blijft problematisch en zowel Wilders als andere politici, maar ook vele spraakmakende opiniemakers maken zich hier schuldig aan. Een deel van de jobs die we wegsaneerden zouden vandaag het leven veraangenamen, als we het succes van de dienstencheques goed bekijken. De bieruitzetter, de melkman die rondrijdt met (verse) zuivel, dat was vroeger zegt men dan, maar zou het echt het leven niet veraangenamen? De postbode vandaag kan geen tijd meer vrijmaken voor – toegegeven, soms een te veel – borrel en een gesprek met mensen. Efficiëntie is een economische categorie, maar geen menselijke, hoezeer we ook denken dat we ons efficiënt, nuttig en nodig moeten maken. We zien hier dat links noch rechts antwoorden op hebben, onder meer omdat het denken over humanisme zelf, zonder daarin utopische sporen te gaan volgen, maar mensen van vlees en bloed te onderkennen, stil gevallen is.

Zou het een linkse hobby zijn, La Liekens of een andere fraaie persoonlijkheid die naar een Afrikaans land trekt om er als ambassadeur voor een of ander goed, voor de VN, Unicef of iets anders op te treden? De linkerhand hoeft niet te weten wat de rechterhand doet, maar het kan soms bezwarend uitvallen als hulpprogramma’s voor nieuwe behoeftigheid zorgt.

Er valt misschien wel iets voor de diagnose te zeggen, dat er zoiets bestaat als linkse hobby’s, maar er bestaat een reële samenleving die ons omringt en waarin miljoenen leven met hoop, verwachtingen, die al dan niet ingelost kunnen worden. “Wordt schandalig rijk!” slogan van de Lotto, een staatsloterijbedrijf en Euromiljons spot met de gedachte dat mensen door te werken of gewoon te leven een goed bestaan kunnen opbouwen. Televisieomroepen die mensen uitbuiten – een ander woord is er niet – om hun kunstjes te doen en er dan mee te lachen of soms eens overdreven waarde aan te hechten, maar het ambacht, van kok of van schoenmaker – tiens, hoeveel zouden er nog zijn? – zelf, daar spreekt men zelden over, het werken en de beleving van de patissier die zijn taart van de maand zoekt te maken, dat kan men ook moeilijk overdragen. In die zin, nog maar eens, zal de huidige politieke kaste, zal men het mediabedrijf ernstig moeten bevragen. Er zijn daartoe aanzetten, zoals Susan Neiman in “Morele helderheid” betracht heeft.

Laten we dus middelen zoeken om die mensen die bij Wilders en marktventers hun heil zoeken, te ondersteunen, zodat ze niet gaan zweren bij loze boodschappen. Maar, zoals Judt, Jacques van Doorn, helaas beide overleden, het aangeven, moeten politieke partijen een deel van hun verkiezingspraatjes houden voor die periode, maar, zoals Vaclav Havel, een zekere authenticiteit in hun boodschap brengen.

Tot slot denken we dat Wilders en co het met hun utopie, of noem het een dystopie, van een samenleving zonder hinderlijke migratie en zonder de aanwezigheid van een religie inderdaad hinderlijk is voor een behoorlijk bestuur. Maar men moet ook geen andere utopie aandragen, waar iedereen behoort tot de happy few, tot een zo vaak met toeters en bellen, veren en kroontjes zonder dat men daar het zijne zelf moet voorstellen. Het onderwijs als gelijkschakelingsmachine – nu stelt men het voor alsof onderwijs de ongelijkheid in stand zou houden - brengt het einde van de ontwikkelingen mee, omdat kennis, niet enkel van wiskunde en natuurkunde, maar ook van methodes en instrumenten om over de samenleving te reflecteren, een hinderlijke hobby, maar niet enkel voor Wilders, want het werk van auteurs als Martha Nussbaum of Susan Neiman blijft merkwaardig onderbelicht, terwijl beide dames toch wel met hun kennis van de filosofie, van Thales over Aristoteles tot Foucault een interessante bijdrage hebben geleverd aan het denken over de samenleving. Intussen blijft bijvoorbeeld het filosofiemagazine – ondanks de vele zinzoekers – in Vlaanderen totaal buiten beeld. Maar ook in Nederland zien we dat dit tijdschrift en andere eindelijk niet zo vaak in het brede publiek onder de aandacht te brengen.

Linkse hobby’s of niet, de samenleving vergt een veel genuanceerder debat dan waar Wilders op aanstuurt. Maar of CDA er goed dan wel fout mee deed het kabinet in te gaan, zal niet van Wilders afhangen, maar van hun bereidheid om net die aanpak in beleid om te zetten. Maar ook vanwege de media mag men verwachten dat zij een aantal thema’s en issues opnieuw bekijkt, want bijvoorbeeld de discussie over onderwijs blijft men voeren vanuit de mantra dat dit een machine voor ongelijkheid zou zijn, over cultuur blijft men baarlijke nonsens verkopen. En wat het economische beleid aangaat, daar loopt men echt helemaal verloren. Het kleinbedrijf heeft in de economie een belangrijke functie, maar men miskent en blijft miskennen dat grote ketens en bedrijven vooral kostenefficiënt werken en het kleinbedrijf vaak kwaliteitgedreven functioneert.

Er valt over links en rechts nog veel te vertellen, maar vooral dat het vandaag in het goede leven een vorm van welbevinden heeft gevonden, zodat men het sociaal vindt dat iedereen op vakantie kan of iedereen per se deel moet hebben aan rimpelrock, dat is een vorm van consumentisme, waarbij men categorieën eindelijk in hun vrijheid en voorkeuren beperkt, vooral een gebrek aan respect dus. Er zijn alternatieven, maar die kan men niet in “15 kwijt – 15 seconden dus.

Wilders heeft vlot en zonder veel weerstand enkele dwaze gedachten kunnen ventileren, de antwoorden en reacties waren vooral ontoereikend omdat men dan teveel van het eigen discours diende op te geven en eigen analyses opnieuw diende te bekijken. Ons komt het voor dat dit de tragiek van de ideologische stelsels vormt, maar ook het falen van de brede media bloot legt.

Bart Haers

donderdag 14 oktober 2010



[1] Nederland 2 bracht op maandag 11 oktober in tegenlicht een mooie documentaire: het testament van Tony Judt, met onder meer interviews met werknemers van Opel Antwerpen.

Reacties

  1. Heer Haers,

    Een kleine passage uit uw betoog heeft mijn bijzondere aandacht weerhouden:

    '... want wie de authentieke cultuur van die mensen wil beschermen mag de medische parameter niet verbreken, anders komt het wankele evenwicht tussen de (kleine) leefgemeenschappen en hun biotoop in gevaar, mag hen ook niet van betere wapens of vistuig, zelfs geen betere rijstsoorten of zo geven, want telkens holt men tradities en gewoonten uit.'

    Het is mij al dikwijls opgevallen dat in de (linkse?) media medelijdend en meewarig wordt gedaan als een of andere volksstam uit het - ik zeg maar wat - Amazonegebied dreigt uit te sterven of ten onder te gaan in de maalstroom der geschiedenis. Telkens en telkens weer proef ik die schroom om ingrijpende maatregelen te nemen om die mensen te helpen. Het zou immers het broze evenwicht van hun gebruiken verstoren.

    Zo herinner ik mij een persartikel van enkele jaren geleden, waarbij een vrouw ten tonele werd gevoerd die blijkbaar de allerlaatste vertegenwoordiger was van haar ras. Al haar 'soortgenoten' waren uitgestorven. Ik herinner het mij vooral omdat taal mij fascineert en omdat zij dus als laatste die specifieke taal (dat dialect?) sprak. Ik had medelijden met haar omdat ik mij bewust was van de verpletterende eenzaamheid waarin die vrouw zich wel moest bevinden. Stel u voor dat u - tot overmaat van ramp ook nog eens zat van dagen - de laatste Vlaming op deze planeet zou zijn...

    Vindt u het dan ook niet logisch dat oudere mensen in het westen afkerig staan tegenover al te ingrijpende veranderingen in hún leefwereld? Omwille van diezelfde dreigende teloorgang van hun beschaving? Of is het juist dat wat u wilde zeggen?

    U moet het mij maar vergeven dat ik soms worstel met uw teksten, want u bent duidelijk langer naar school geweest dan ik. ;-)

    Met vriendelijke groeten,

    De Drs.
    stadsgenoot (denk ik)

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Licentiaat Letteren en wijsbegeerte heb ik gestudeerd en de graad gehaald in de richting geschiedenis, vakgebied Middeleeuwen. Maar ten gronde, wat u zegt over die vrouw als laatst overgeblevene van een leefgemeenschap, klopt wel. Het punt is dat sinds veertig, vijftig jaar materiële hulp (nood-)hulp geboden wordt in gebieden, waardoor men staat en bedrijven ontslaat van de zorg voor die mensen. Het ontbreken van een economisch draagvlak voor de demografische ontwikkeling zorgt voor nieuwe armoede. Een bevolking van 6 miljoen, laat staan een cultuur die vele honderden miljoenen draagt sterft zo gauw niet uit. Maar mensen willen geen veranderingen, behalve als die hun leven gemakkelijker maken.
    Wat we bedoelden met de passage is dat je niet ongestraft hulp, materiële nood brengt in sommige landen en hen niet de instrumenten biedt om over eigen omstandigheden te reflecteren, dus de cultuurshift voorstelt. Hoe zij daar eclectisch mee omspringen, kan men niet voorzien, maar dat het niet per se de antwoorden zullen zijn, die wij verwachten, bewijst net Brazilië. Zonder conflicten zal dat ook niet verlopen, maar voor alles dient men er zich bewust van te zijn dat ontwrichtende hulp zonder aandacht voor zoiets als bewust ouderschap, verwoestend kan werken. En net daar geven de dragers van het cultuurrelativisme niet thuis. Ik hoop dat u begrijpt dat de situatie niet zomaar zonder de complexiteit ervan te miskennen in simpele voorstellingen getoond kan worden.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Heer Haers,

    Het ging er mij vooral om dat de goegemeente zeer beschermend optreedt als het om andere culturen gaat, maar omwille van de politieke correctheid wel toestaat dat de eigen cultuur aangelengd of versneden wordt met andere culturen.

    Het is een rechts standpunt, ik weet het.

    Waarvoor excuus.

    De Drs.

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Excuses hoeven niet, net omdat verscheidenheid van inzichten zelf al een noodzaak is omdat goede inzichten te komen. Imeers, de ene heeft andere info en vorming en dan volgt daar toch vanzelf debat uit.

    Nu, metissage van culturen vind ik niet wenselijk noch afschuwelijk, maar volgend uit de aard der dingen. Bescherming van culturen omwille van de authenticiteit vind ik wat dubieus, want je kan mensen daarmee ernstig tekort doen. Rechts? Links? humanistisch lijkt het me wel. Nu, als stadsgenoot van Simon Stevin houden we ons graag bezig met de voorwaarden voor een hoogtepunt van cultuur, in wetenschappelijke, technische of artistieke zin.Maar de ordening is nooit definitief en dus gegeven, maar dient steeds weer heroverd op de chaos die het tierende leven veroorzaakt.

    BeantwoordenVerwijderen

Een reactie posten

Populaire berichten