De zaak Annette Schavan


Brief

De ernst van de universiteit
De kwestie plagiaat oftewel


Mevrouw de minister,

Wilhelm von Humboldt die de universiteit begin 1900 een
nieuwe vorm gaf en de Bildung in gymnasia en universiteit
behoorlijk gewicht gaf. Mevrouw Schavan verwijst blijkbaar
naar diens visie en vraagt zich af hoe dat toe te passen aan
het begin van de 21ste eeuw. 
Ik hoorde net dat u bent afgetreden, omdat u zich wil verdedigen tegen de beschuldigingen van plagiaat in uw doctorale scriptie, nu 33 jaar geleden. Wie heeft dat werkstuk opnieuw bekeken en op welke manier heeft men besloten dat er sprake van plagiaat moet zijn? De vragen borrelen op en er is geen sprake van schaliegas, eerder van miasmen, van een moeras, maar laat mij eerlijk blijven, over uw geval kan ik moeilijk iets zeggen, wel over deze hele gang van zaken. Intussen las ik dat u beschuldigd wordt op grond van een analyse door een anonieme nerd.

Integriteit van de onderzoeker en de commissie die zo een doctorale scriptie te beoordelen heeft, mogen toch verondersteld worden. En wat gezegd van een rector die zomaar zijn voorgangers te kijk zet en besluit dat het kalfsvel terug ingeleverd moet worden? Bedenkelijk. Zo een commissie, of de senaat zou minstens pro forma  een maand de tijd moeten genomen hebben. Waarom? Omdat de universiteit die bulle toch maar verleend heeft. Het is dus wel nuttig even na te denken. Maar blijkbaar was de zaak al in mei op gang gekomen. Een artikel in Die Welt geeft mogelijk meer inzicht in de situatie: http://www.welt.de/debatte/kommentare/article113512184/Schavan-ist-ein-Opfer-der-digitalen-Welt.html

Hoe kan een leescommissie in 1979-1980 voorbij zien aan de mogelijkheid dat de doctoranda een tekst overnam zonder enige voetnoot? Een leescommissie, dat betekent drie of meer hooggeleerde heren en dames die in het vakgebied goed ingevoerd zijn, is doorgaans ook voorgesteld uit mensen uit mensen van verschillende universiteiten die verschillende intellectuele netwerken vertegenwoordigen. Dus blijft de kans dat de doctoranda een uitgewerkte tekst zou gekend hebben die de leden van de commissie niet kenden moeilijk voorstelbaar. Kon ze die tekst  overnemen zonder risico betrapt te worden, het lijkt me bizar en zelfs buitengewoon ongeloofwaardig.

De academische wereld was toen wellicht ook net overzichtelijk genoeg, de titels van tijdschriften en reviews in het domein dat hier aan de orde was, in het Duits, Frans en Engels was waarschijnlijk ook best te overzien. Het doctoraat droeg als titel Persoon en geweten en zij studeerde  Person und Gewissen – Studien zu Voraussetzungen, Notwendigkeit und Erfordernissen heutiger Gewissensbildung.… Het artikel in De Standaard vermeld nergens het domein waarin de dame die nu terugtreedt zich blijkbaar voldoende had ingewerkt om de zaak goed uit te werken.

Het doet het academische leven weinig goed als men na 33 jaar de zaak zo wenst af te handelen, want uiteindelijk zou Heinrich Heine over deze zaak wel het zijne weten te vertellen. Zij die na openbaar examen iemand de bulle te verlenen, aan wie dan ook, zijn verantwoordelijk voor de kwaliteit van hun beoordeling. Het geval van zu Gutenberg was al verrassend, in deze blijft de kwestie toch dat de universiteit zich blijkbaar met bekwame spoed ervan verzekerd heeft de smet op het blazoen weg te werken.

 De kern van de zaak is dat het afnemen van een doctoraat, als het om vermeend plagiaat gaat in het publiek moet bediscussieerd worden. De openbaarheid van het onderzoek, examen bij het verlenen kan dus alleen maar een waardig tegenwicht krijgen in een evenzeer openbaar examen van het vermeende plagiaat. Maar nu moet dus een advocatus diaboli aantonen dat de titel van doctor ten onrechte verstrekt is. Want men kan dat toch niet lichtvaardig binnenskamers besluiten? Die Welt (zondag 10 februari) besluit een artikel over mevrouw Schavan als volgt:

Aber sie wurde ohne persönliche Anhörung, ohne Anhörung ihrer Doktorväter eines schweren Delikts beschuldigt, vorsätzlicher Dokumentenfälschung, und man hat sie auch gleich verurteilt. Computer lügen nicht? Was hier geschah, ist "gesundes Volksempfinden" in digitaler Form. Was aussieht als ob, wird sofort zur Tatsache, und ein Kopf muss rollen. So sieht sie aus, die Rechtsprechung per Computer.

Het artikel laat zien dat het wel eens zo zou kunnen zijn dat mevrouw Schavan in haar status quaestionis, de stand van zaken op wetenschappelijk gebied, de literatuurstudie inderdaad, gelijklopende formuleringen bracht met andere teksten. Maar als een historicus over nationalisme een stand van zaken geeft, zal hij ook onvermijdelijk in een terminologie terecht komen die een Lode Wils of een Bruno de Wever hanteren. De taal is rijk, maar binnen vakgebieden ontstaat al vlug een taalgebruik waardoor de eigen inbreng, zeker in literatuuronderzoek – laat dit dus begrepen worden als een status quaestionis van de vigerende inzichten.

Overigens, enige tijd geleden was er ook ten onzent sprake van plagiaat bij masterscripties. Men zou het varkentje gauw wassen met een tekstanalyse op basis van een computerprogramma. Ik vroeg me toen af en nog altijd af waar men de brontekst vandaan zal halen. Men kan altijd besluiten dat jufrouw De Klugere of jonge heer Van alwetendheid een scriptie hebben afgeleverd die absoluut niet  spoort met wat ze als twaalf jarigen schreven maar dat is lichtjes oneerlijk. Een van de dingen die men leert aan de universiteit is precies de redactie van teksten volgens bepaalde formele geplogenheden. Tot en met zinsneden zullen teksten binnen een discipline aan bepaalde ongeschreven normen beantwoorden, bijvoorbeeld de manier om een nuance aan te brengen in een tekst, in een gedachte. Als ik naar academici luister hoor ik bijna – zonder iets over het over onderwerp mee te nemen – wat de discipline is. Althans binnen de alfawetenschappen. Het discours is zeer verschillend tussen filologen en literatuurwetenschappers, tussen sociologen en filosofen en zo verder. Het gaat om verschillende taalvarianten binnen het academische metier.

Dus wie plagiaat wil aantonen zal binnen een discipline de geplogenheden moeten kennen, wat heus niet moeilijk mag heten omdat men in een opleiding de literatuurlijsten aangeboden krijgt  door de professoren, en als men die leest, ontdekt men een hele wereld van kennis maar dus ook van de overdracht. Ik denk dat men dit aspect van het studeren echt wel onderschat, namelijk dat men leert gedachten te ordenen zoals het binnen het vak pleegt te gebeuren. Daar zijn ook wel modes in, maar bijna altijd zijn ook dat variaties en vaak zijn het kwesties van vertaling uit anderstalige tradities. De invloed van de Franse filosofen of van Britse taalkundigen kan men daarbij moeilijk negeren. Net omdat wetenschap ook wel een zekere mate van mimetisme en maniërisme kent, zal men in de academische cultuur wel degelijk originaliteit met mate waarderen, herkenbaarheid niet minder.

Het valt op dat in deze teksten van geen brontekst sprake is, waaruit die mevrouw zou gestolen hebben. Met alle respect, maar dat zou men dus moeten onder de aandacht brengen. Mijn indruk is bij doctoraten het copiëren van teksten van belang is, omdat men discursieve wetenschap bedrijft en dus allerlei voorhanden zijnde literatuur onderzoekt. Een bibliografie van een doctoraat is afhankelijk van onderwerp en aanpak vaak een boekdeel op zich. De examinatoren zullen niet schromen een vreemde referentie te onderzoeken en zeker proberen er de betrouwbaarheid, nuttigheid en betekenis van te onderzoeken. Een tekst te voorschijn halen die een specialist niet kent, het blijft een riskante onderneming.

Het zijn alle gedachten die me ertoe brengen de vraag naar het motief te stellen. Het motief waarom men na 33 jaar met dit verhaal op de proppen komt. Ofwel waren er meerdere doctoraten in de jaren 1980 die niet zuiver op de graat waren, ofwel probeert men gewoon iemand te pakken. Mevrouw Schavan heeft onlangs laten weten dat het invoeren van de Bologna-doctrine – het Bachelor-Master curriculum versneld in te voeren – voor de universiteit en de Bildung der studenten m/v problematisch is gebleken. Een minister van onderwijs die zich openlijk vragen stelt bij beslist beleid… (http://www.zeit.de/2012/09/C-Interview-Schavan) Beleid waar ze zelf bij betrokken was…

Onder andere valt dit te lezen in Die Zeit:

Schavan: Das ist mir zu einfach. Richtig ist: Es ist an der Zeit, eine neue gesellschaftliche Debatte über den Wert und das Wesen von Bildung zu beginnen, und zwar unabhängig von ihrer Verwertbarkeit auf dem Arbeitsmarkt. Man hat sich beim Umbau der Studiengänge zu lange auf formale Aspekte konzentriert und versäumt, die entscheidende Frage zu beantworten: Was bedeutet Bildung durch Wissenschaft, das alte Humboldtsche Ideal, für die Hochschule des 21. Jahrhunderts?

En ook dit:

Schavan: Zu Recht. Erst die Reform hat die Studierneigung spürbar erhöht, Abiturienten gerade aus bildungsfernen Elternhäusern haben mehr Lust auf ein Hochschulstudium bekommen. Die technischen Fächer haben wieder Zulauf. Kurzum: Bologna war die richtige Antwort auf die Herausforderungen einer Gesellschaft, in der nahezu 50 Prozent eines Jahrgangs studieren und die nur durch eine möglichst hohe akademische Qualifikation möglichst vieler international bestehen wird. Alles in allem ist die Bologna-Reform eine Erfolgsgeschichte. Aber das hindert uns nicht, die noch vorhandenen Defizite anzugehen. Wir haben zu viel über Strukturen und zu wenig über Inhalte und Ziele von Bildung diskutiert. Wir haben bei all der Spezialisierung den Raum für das große Ganze eingeengt. Es geht um die Begeisterung für das Neue, das Unbekannte.

Het verhaal gaat verder, maar de lezer kreeg de verwijzing mee en kan dus verder volgen waar het om gaat. Ik heb de indruk dat mevrouw Schavan wel degelijk geloofde dat ze ter goede trouw verbeteringen aan het project Bologna voorstelt. De vragen die academische vorming meebrengen hebben voor de opleidende personen ook een ethische context. Blijkbaar wordt haar kwalijk genomen dat ze bepaalde elementen en dan nog belangrijke opnieuw onder de aandacht brengt.

Of men mevrouw Schavan schuldig acht aan plagiaat, lijkt mij gezien de werkmethodes toen weinig realistisch, tenzij toen aan de universiteit elk doctoraat zeer makkelijk te verkrijgen was, maar goed, dan is precies de universiteit verantwoordelijk. Of haar herzien van de onderwijspolitiek over de universiteit in het geding is, weet ik niet, maar het valt me wel op dat bijvoorbeeld in Vlaanderen de invoering van Bologna en de BAMA-structuur met overhaaste spoed werd doorgevoerd, waarbij studentjes bij een hoorzitting in het Vlaams parlement mochten tussenkomen maar de inhoudelijke vragen of de Bildungskwestie niet aan de orde kwamen. De vorming van de student kan niet enkel op de arbeidsmarkt gericht zijn, want dan maakt men die studie tot een voorspelbaar nummer, de student tot een poppetje, gelijk aan de anderen. Precies in scripties komt de persoonlijke verwerking, de begeestering aan de orde. Bijgevolg? Mij komt dit voor een vieze zaak te zijn en nog meer, het artikel in Die Welt laat zien dat degene die de klacht van plagiaat uitbracht anoniem is en dat er eindelijk niets ten gronde bewezen wordt. De universiteiten moeten nu alle doctoraten uit die periode gaan bekijken, toch? Anders is deze aanval persoonlijk en arbitrair en dat mogen instellingen die prat gaan op objectiviteit en gedegen onderzoek, rechtvaardigheid en billijkheid toch niet over zich heen laten gaan.

Mag ik hopen dat u de zaak te boven komt? Niet omdat we al dan niet dezelfde politieke inzichten zouden delen, maar omdat deze zaak te mistig is om onbeslist te laten.

Vale,

Bart Haers 

Reacties

Populaire berichten