Het gaat niet om Emiel

Brief

Aan Journalisten van de VRT
Over fijngevoeligheid en menselijkheid

 Brugge,  7 januari 2014,

Sommigen zullen dit misschien ongepast vinden, maar het
gaat om de gedachte van de Renaissance, dat alle glorie
voorbij gaat. Toch mag men daar van genieten. Maar leren leven
en weten dat het over kan zijn, ligt vandaag moeilijker dan ooit.
Wie kiest voor euthanasie kan dat nu zonder gevaar, maar
moeten wij dat weten? Is dat ook geen inbreuk op de persoonlijke
levenssfeer? Het is maar een wijsgerige vraag. 
Beste lIeven en Martine,

Het was ontroerend die oude man afscheid te zien nemen van zijn vrienden en familie, een man van 95 die na een lang leven besluit niet het lijden van een lange ziekte te moeten ondergaan. Men kan er het plaatje bij zien en begrijpt die keuze. Ik geloof dat zaterdag in het Nieuwsblad al over dit gebeuren werd geschreven, maar toch, de presentatie van het gebeuren in het nieuws en Ter Zake vond ik stuitend.

Ik ben niet tegen de wetgeving over euthanasie, maar ik denk dat dit altijd een persoonlijke zaak is, te kiezen voor een eigen benadering. Het gaat, zegt men, om het scheppen van een mogelijkheid, maar het gaat evenzeer over de vraag of mensen inderdaad autonoom of in overleg met magen en vrienden in alle rust mogen sterven. Ach, het gaat niet om een stoïcijns “als ik er ben is de dood er niet, is de dood er, dan ben ik er niet meer”. Het gaat om iets dat veel moeizamer in woorden te vatten, omdat het te maken heeft met de vraag wat ons tot mens maakt en hoe het eindige niet zomaar iets is dat we kunnen ontkomen.

Mieltje was bekend in Brugge, maar voor zover ik weet was niet iedereen bekend met hem. Bovendien, als hij kiest voor euthanasie, dan is dat een persoonlijke keuze, waar zo te zien zijn omgeving mee kan instemmen. Sinds mijn grootvader medische hardnekkigheid afwees en begreep dat zijn leven best in alle gemoedsrust beëindigd kon worden, heb ik begrepen dat elkeen op een eigen manier in het leven staat. Maar het was op zijn hoogst een zaak van mijn grootouders en hun kinderen, mijn moeder en tantes en de schoonzoons. Ziekte en dood behoren, ook na de medische revolutie tot het leven.

Men zal van mij niet horen dat die medische revolutie niet mag of kan, want ik heb er zelf voldoende aan te danken. Maar waar het om gaat, geachte dames en heren journalisten: de vraag of men publiciteit moet maken voor een euthanasie? Mag het? Ja. Stoort het? Mij alvast en ik vernam dat ik niet de enige ben die de hele zaak ergerlijk vond. De nieuwswaarde blijft ter discussie staan, want sterven is een particuliere aangelegenheid, maar van euthanasie maakt men wel eens stampei. Over mensen die levensblijde oud worden, of het leven ten beste nemen, dat is geen nieuws. Natuurlijk, nieuws, dat gaat over problemen, zoals ouderenmishandeling, om maar iets te zeggen. Maar kijk je dan naar Vranckx, dan krijg je alle wereldproblemen over je heen, terwijl er over Afrika, Azië echt wel andere invalshoeken te bedenken vallen. Het boek van Lieve Joris, over de vliegende draak…

Ik week niet af, het gaat om de wijze waarop u, bij de openbare omroep met informatie en inzichten omgaat en dan wordt de balans echt wel negatief. De publiciteit rond de Exit van Mieltje blijft dan problematisch. Maar goed, het was niet de eerste keer. Overigens, dezer dagen was er in de krant enige stennis rond de mogelijkheid dat men in de toekomst geen kinderen meer zou moeten of kunnen geboren laten worden met het syndroom van Down. Eugenese. Uiteraard. Het onnodig lijden uit de wereld helpen? Of zou het zijn dat de techniek en een sirenenzang van de technologie het overnemen van onze menselijke maat? Mensen die voor de keuze staan, zo blijkt, moeten veel meer afwegen dan dat ene vraagje, abortus, euthanasie, maar hoe dan verder moet, met de overlevenden?

Ik denk daarom dat het nuttig is vragen te stellen bij de aandacht die de openbare omroep besteedt aan euthanasie. Niemand hoeft onnodig te lijden, zoveel is zeker, maar ook mensen die lijden tellen wel eens hun zegeningen en zien dat de balans vooralsnog positief uitvalt. Pas als het op is, als het tijd wordt dat het uit is, kunnen ze in sereniteit gaan, delend de dankbaarheid om wat is geweest, aanvaardend het verdriet om het afscheid. Daar hoeft men geen camera op te zetten. Men kan misschien een film maken, zoals die van Nic Balthazar, Tot nooit meer, maar een verhaal bedient zich van de werkelijkheid om er enig zicht op te krijgen. En die film, tja, leek mij ook verdacht veel op een promoten van een specifieke keuze. Na de beelden van Mieltje had men in het nieuws minstens kunnen verwijzen naar een contactpunt, voor mensen die dat willen, zoals na berichten over – het is niet anders – zelfdoding of familiedrama’s. Sommige mensen, zeer oude mensen genieten nog van het bestaan, ondanks de beperkingen, anderen zijn verbitterd en boos omdat het niet meer gaat. Spuit, boem, dood.

Het ga u goed, dames en heren van de nieuwsdienst van de openbare omroep. Neutraliteit vraag ik niet, betrokkenheid moet kunnen, maar toch, enige kiesheid mag best. Zoals die vrouw, Alicia Herz Sommer, die Theresiënstadt overleefde en nu   110 jaar oud nog steeds het leven omarmt, ondanks het feit dat ze niet meer zo goed met de piano overweg kan, ondanks het feit dat haar zoon en enig kind reeds lang geleden overleed (1989) en het verlies van haar wereld in de Shoa. Laten we wel wezen, Emiel mag gaan, maar u, als journalisten moeten hier wel de vraag stellen, wat u zal doen als er een bericht op uw bord kwam: arts pleegt zelfmoord nadat hem fout handelen in de schoenen werd geschoven door co-assistent en waarbij haar studiebegeleiding geen contact opnam met de arts, maar met de gezondheisinspectie. De man had een zwaar lijdende patiënt, die hij afdoende kende, een dosis morfine gegeven en toen die onvoldoende bleek bewust zwaardere doses toegediend. De beschuldiging van onzorgvuldig handelen was formeel misschien aanvechtbaar, maar werd nergens getoetst aan de omstandigheden, aan het ziektebeeld van de patiënt en de gebeurtenissen bij het bestrijden van de pijn. Maar goed, over het boek van Bert Keizer, het is druk aan de uitgang, is in Vlaanderen nog niet veel gesproken. Dat, dames en heren journalisten, mag men u aanrekenen, dat u slechts een richting uitkijkt. Maar goed, we zijn blij dat we tegelijk het sterven onder controle krijgen en het leven van mensen in de juiste bedding kunnen leggen, ons beroepend op het zelfbeschikkingsrecht. Van newspeak gesproken.

Valete,


Bart Haers 

Reacties

Populaire berichten