Over onze smeekbede om leiderschap



Kritiek


Pantocrator
vs. Jedermann
Over onze smeekbede om leiderschap

Manend en zegenend staat de zoon van God, dus in wezen God zelf
op deze icoon, want alles bestierend ontsnapt niets aan zijn
zijn oog of oor. Maar moeten we vandaag nog een
leiderschap vragen... dat bijna Goddelijk zou heten. Men zegt
dat dit de bedoeling niet is, maar ja, waar houdt de macht zich in?
In een democratie dus wel.  
Pantocrator, het is het beeld van de almachtige god, de alwetende god ook die alles beheerst en onder controle heeft. Het mag duidelijk wezen dat we dezer dagen zoiets niet meer voor lief nemen. En toch merkt men dat commentatoren en mensen die men doorgaans als gewoon omschrijft smeken om een instantie die alles controleert en onder controle heeft. Wellicht zullen lezers het beeld van de pantocrator overdreven vinden, maar zullen ze zich ook niet graag als een Elcerlijc zien, een Jedermann. Het gewone volk bestaat niet, helaas volgens sommigen, maar als men gelijkheid hoog in het vaandel voert kan men daar geen afwijking op toestaan. Daarom meen ik dat het nuttig is de gelijkheid niet los te beschouwen van uniciteit van de persoon en blijkbaar geeft tweelingenonderzoek nu aan dat de verhouding tussen "nature" en "nurture" elkaar in evenwicht zou houden en dus dat omgevingsfactoren op de persoonlijkheid van een mens niet geheel in de natuur gelegen is. En ja, religie zou voor een derde op erfelijkheid berusten. We vermelden dit, maar vragen ons tegelijk af hoe een en ander op elkaar interageert. Wel heeft die bevinding enig belang voor dit onderzoek. Want het blijft dan zo waarom we alleen het juiste zouden doen als er een stevige wet voor staat en een al even stevige stok achter de deur gehouden wordt, om te straffen met geldboetes of vrijheidstraffen.

Want waarom wil men per se zoveel macht in handen van een leider leggen, terwijl men met veel moeite inspraak heeft verworven en een democratisch bestel dat tegelijk de rechten van elkeen verdedigt en garandeert. Maar die democratie heette ook garant te staan voor vrijheid en daar lijkt het nu wel eens minder op gericht. We kunnen altijd nog aannemelijk maken dat vrijheid een illusie wezen zou, een waan, maar er zijn redenen om aan te nemen dat we altijd in concrete omstandigheden andere afwegingen maken dan men zou verwachten.

De pantocrator hoeft overigens niet meer de gestalte aan te nemen die we kennen van de Grieks-orthodoxe icongrafie, maar kan de vorm aannemen van een Big Brother. Nu zeggen we natuurlijk wel graag dat we zo iets niet moeten willen, maar tegelijk is de vraag om leiderschap in deelgebieden, maar zeker op het maatschappelijke vlak een aanzet om na te denken over het bereik van de macht die we hem of haar zouden willen delegeren. Tenzij die instantie de macht zou ontlenen aan rationele overwegingen en geacht wordt volkomen rationeel te functioneren, maar dat zou betekenen dat er geen ruimte meer rest om de omstandigheden in aanmerking te nemen.

Waarom men dan een pantocrator aan het roer zou willen? Net omdat politieke discussies altijd weer op niets tenzij besluiteloosheid lijken uit te lopen. Die besluiteloosheid of de onmogelijkheid te beslissen komt er deels uit voort dat men op sommige terreinen de belangen die er zijn gewoon tegen elkaar laat opbotsen, zoals blijkt in grote dossiers omtrent wegeniswerken en infrastructuur, ook de kwestie van de windmolenparken blijkt aangetast door een eindeloze discussie waarbij mensen vaak niet te rationaliseren tegenzin formuleren, maar die men dan toch niet gemakkelijkheidhalve kan negeren, want men zal dan wel rationele argumenteren construeren om toch de eigen positie te behartigen.

Tegelijk zien we dat regeringen wel in staat blijken en vaak met een kamerbrede meerderheid maatregelen uit te vaardigen, zoals in verband met wapendracht - in Europa dan toch - of tabakgebruik. Inzake onderwijsbeleid zien we dan weer dat de grote voortvarendheid van experten in het publieke debat stuit op weerstand bij burgers en onderwijzend personeel omdat ze menen dat dit onderwijs niet altijd het beste voorheeft met de leerlingen, want uitgaat van een bepaald type leven, creatief, hip en intellectueel, al wil dat laatste nog wel eens tegenvallen. Ook de onderwijsexperten geloven immers in een maakbaarheid van de wereld en vooral van mensen. Maar of mensen altijd gewenst reageren op al die invloeden die zogenaamd het beste met hen voorhebben, kan het beste met de ervaring van precies het traditionele onderwijs benaderd worden, aangezien daar vaak zeer slimme jongens de opgelegde normen en visie niet wensten te aanvaarden. Toen het onderwijs democratiseerde heeft men dat oude model niet geheel zonder redenen willen bijsturen, maar wat er sinds de invoering van het VSO - een concept van Belgische en Vlaamse makelij zo rond 1974 uitgerold - aan de orde was helemaal op de schop werd genomen.

 Leiderschap veronderstelt verder vanzelfsprekend mensen die zich laten leiden en waarbij men zich moet afvragen hoeveel ruimte er is voor kritiek en eventueel het aanbrengen van adviezen. Men zal dan aangeven dat sinds de 12de eeuw de omvang van de politieke hofhouding steeds verder is uitgedijd, ook al omdat op sommige ogenblikken de vorst en zijn raadgevers de kans zagen meer macht naar zich toe te halen ze dat niet nalieten. Tegelijk kwamen er nieuwe groepen op die de zittende machten graag uitdaagden en dat soms door toedoen van buitenaf de centraliserende macht ondergraven werd.

Links zegt dat ze voor democratie zijn en voor de versterking van de persoonlijke levensruimte, maar tegelijk zien we telkens weer dat links graag de koers kiest van het centraliseren om een meer rechtvaardige samenleving mogelijk te maken.  Duidelijk is dat tegelijk de krachten niet aflieten om eigen gewicht in de weegschaal te leggen. De democratisering van de samenleving leidde ertoe dat de samenleving sociaal redelijk vlak geordend is geraakt, al wil men vandaag met enig recht betreuren dat er een soort kloof gegroeid is tussen de 1 % rijksten en de 99 % anderen. Maar zijn die 99 % arm? Of machteloos? Ook dat is niet het geval. Men heeft de afgelopen decennia vaak maatregelen genomen om via formele procedures de gelijkheid meer te bevorderen, maar in de politieke besluitvorming zijn het niet per se de 1 % die daarbij het hoge woord voeren. Het zijn namelijk mensen uit de middenklasse die daar het hoge woord voeren en dat vaak met goede argumenten realiseren.

Maar kijkend naar de problemen rond privacy, blijkt dat mensen bepaalde vormen van schendingen van de persoonlijke levenssfeer sterk in de verf zetten en andere minder ernstig nemen, omdat ze er zelf geen uitstaans mee hebben. De mogelijkheid van digitale spelers, platformen voor sociale media om binnen te dringen in de persoonlijke levenssfeer is ontzettend groot, maar er zijn nauwelijks tegenkrachten, ook al omdat men wel eens hoort dat wie niets fout zegt of doet ook niet aangesproken zal worden. Het blijkt bovendien courante praktijk dat ook geheime diensten veel inspanningen leveren om geschriften en gesprekken te volgen. Maar die geheime diensten gedragen zich niet als pantocrators, wel ten dienste, indien het zo zou evolueren van een of andere leider die alles onder controle wil houden. Omdat we zelf geen ambras willen, vragen of smeken we er wel eens om, maar bij nader inzien moet men dat als een vergissing beschouwen.

Het zou een maatschappelijk verlies zijn als de wetgeving zo werd uitgebouwd dat alles wat we maar kunnen bedenken bij wet zou worden geregeld. Het is nu al zo dat er een hoop zaken geregeld worden en die niet altijd goed gehandhaafd kunnen worden. Zelfs op de weg ziet men vaak automobilisten verkeersregels bewust negeren, zoals rijden over een doorlopende witte lijn. Maar of er boetes volgen, blijft natuurlijk altijd onduidelijk. Maar de wetshandhaving is zo belangrijk dat men zich moet afvragen of er zoveel wetgeving nodig is. Ja, zegt men, omdat we onduidelijkheden niet moeten willen, maar dan wel omdat men mogelijke misbruiken wil voorkomen. Of mensen niet vanzelf binnen bepaalde krijtlijnen blijven, wil men wel aannemen, maar een wet is beter dan geen wet, ook al zal men wel eens de ongewenste neveneffecten betreuren.

Het blijft de vraag hoeveel wantrouwen er te pas in stand gehouden wordt, want als we kijken naar het geweld in de samenleving, dan zou moeten blijken dat het geweld van burgers tegen burgers de afgelopen decennia sterk is afgenomen, al zijn er probleemgebieden. Toch zijn er deze dagen zoveel veiligheidsinstanties en instrumenten, zoals camera's overal in de stad. Sommige politici willen nog meer slimme camera's, om er zeker van te zijn dat alles verloopt zoals het hoort, maar soms gebeuren zaken omdat mensen zich genoopt voelen iets te doen dat niet tegen de wet ingaat, maar misschien in de private levenssfeer best niet te bekend wordt.

Wie om leiderschap vraagt, moet begrijpen dat men dan de vrije ruimte voor persoonlijke keuzes inperkt en dat kan zowel economisch schadelijk uitpakken als dat het maatschappelijk een gemiste kans kan betekenen. We moeten dus niet te hard roepen om stevig leiderschap, maar wel vertrouwen op de wens van burgers om hun eigen wegen te gaan, naar eigen inzichten, omdat die niet per se tegen de wet ingaan. Het goede leven mogelijk maken betekent dat overheden oog hebben voor proportionaliteit in wet- en regelgeving, inclusief de handhaving, omdat mensen niet a priori tegen de wet ingaan. Zoals een Franse commentator het eens stelde en ik denk dat het klopt: de wet moet zo zijn dat mensen er in principe geen last van hebben en de staat laat zich het minst voelen...1 Het is dan dat Jedermann zich het best kan uitleven, wat zoals gebleken is, maatschappelijk het meeste voorspoed brengen kan. Aan de dood kan men niet ontkomen, maar aan een pantocrator moet men zich niet al te veel gelegen laten liggen. Vrijheid is belangrijk om zelf keuzes te maken en, zoals de manager Johnny Thijs het stelde, men moet tegelijk goed zien wat mogelijk is en af en toe wat lef hebben. Zo een CEO kan zich wel eens boven het grauw verheven voelen, maar de heer Thijs liet zien dat hij zich echt niet beter voelt dan anderen. Jedermann blijft ook altijd bijzonder en indien nodig zal hij of zij - we zijn nogal modern - de overdreven aanspraken van de zittende macht wel belachelijk maken. Hebben we daarom ook niet meer nood aan een paar scheutjes subversie?

Bart Haers




_______________
1. Les peuples heureux et prospères sont ceux où la loi intervient le moins dans l'activité des hommes et où l'Etat se fait le moins sentir. Read more at http://www.mon-poeme.fr/citations-peuple/#i3wbj73CkDdcFF3K.99



Reacties

Populaire berichten