Odysseus en onsterfelijkheid



Kleinbeeld

Onsterfelijkheid
een zware last?

Odysseus en onsterfelijkheid?
Hij tartte goden en zette Achylleus,
de onkwetsbare voor schut. Met
al zijn beperkingen, was Odysseus
de vindingrjke zelfs voor
filosofen vaak een weinig
achtenswaardige figuur, maar
toch, hij is het meest menselijk. 
Bas Heijne bracht in de laatste aflevering van de reeks "De volmaakte mens"  een mooie afsluiter  waarin de verhouding tussen technologische ontwikkelingen en de ethische overwegingen dezer dagen ter sprake kwamen. Inderdaad, er lijkt een probleem te zijn om ethische afwegingen bij de tijd te brengen. Maar de discussie over het inzetten van ggo's - ook binnen Greenpeace blijkt er een begin van dat debat te komen, maar Greenpeace zegt nog altijd die technologie te vuur en te zwaard te bestrijden, terwijl het wel eens mee een instrument zou kunnen zijn om de zaak in de eerste plaats de gevolgen van de demografische boom op wereldschaal te temperen en vervolgens om de kwaliteit van leven van mensen in ontwikkelingslanden te verbeteren. Blind kiezen voor of tegen iets lijkt me overigens weinig ethisch, want de zaak waar men voor staat, zal zelf ook ter discussie staan.

Maar het debat dat we konden volgen was best wel interessant, al was het maar omdat we inderdaad zouden kunnen dromen van een leven van 1000 jaar, maar tegelijk moeten we dan afvragen of we dat wel kunnen behappen. Je zou inderdaad meer dan 9 levens kunnen leven, maar het zou allicht ook uitlopen op een eindeloos herhalen van hetzelfde. De dood is des mensen en daar moeten we, aldus vooral de meisjes en dames in het gesprek ons voordeel mee doen. Het gaat evenwel niet enkel om de eindigheid van het bestaan, want het gaat ook over het feit dat men wel eens iets beginnen kan, iets nieuws bedenken kan. Dat men leven geven kan, dat men een nieuw wezen het leven kan geven, is minstens zo kwestieus als de sterfelijkheid, maar wordt niet zo gauw onderzocht.

 Nu kennen we in het verlichtingsdiscours de opvatting dat men elk lijden zouden moeten terugdringen en het finale lijden, de dood, moet men beschouwen, zegt men, als een schandaal. Eeuwige jeugd moet men dus nastreven. Ik denk dat dit een eigenaardige opvatting is, want als de soort ertoe in staat geweest was, had men inderdaad het lange leven kunnen bereiken. Nu, er werd een dame 121 jaar oud,  Jeanne Calmant, die gedurende jaren de oudste mens op aarde was, van wie de geboortedatum gekend is. Zij was 1 jaar ouder dan mijn grootvader, die overleed in 1955 en door mijn vader geholpen werd als het op pijnbestrijding aankwam. Het blijft me daarom wel eens verbazen dat men mensen van vroeger zomaar als minder menselijk voorstelt of als strak in de leer. Het moet wel niet gemakkelijk zijn voor de zoon de vader morfine toe te dienen en in overleg met artsen het bij gepaste doses te houden.

Het was dat inzicht, mag ik wel zeggen, dat mij deed nadenken over hoe we het leven kunnen aanvaarden in dank en weten dat het eindigen kan voor we het weten. Sterfelijkheid, zo schrijft J.R.R. Tolkien is een doem der mensen, maar het laat hen toe fouten te maken en zich te corrigeren. Dat onbepaalde maakt hen, ons dus, wel eens haastig en het vormt ook de samenleving. Want de andere wezens zitten gevangen in hun eeuwigheid en onsterfelijkheid en kunnen finaal niet onder de mensen verblijven. Als ik een zwak heb voor Tolkien, the lord of the rings, dan is het omdat de auteur via een schier grenzeloze verbeelding een wereld schiep die consistent was en waar het contingente een plaats had. Nu is dat voor veel mensen iets waar men zegt niet van te houden, want we houden van patronen, voor iets waar het onverwachte geen plaats heeft, terwijl we vaker dan we denken op onze eigen onvoorspelbaarheid botsen. Dat we soms zelf voor onszelf niet geheel helder zijn, kan het zijn dat we tegelijk menen "het" allemaal wel te doorzien en te begrijpen. Zo accepteren we nagenoeg allemaal zonder voorbehoud de gedachte dat we geen leed moet aanvaarden voor onszelf, maar als we, zelfs ongewild, anderen in problemen brengen.

Het probleem van het lijden in de samenleving, het lijden van personen ligt voor een deel in onze natuur, want de eindigheid impliceert ook de mogelijkheid dat het systeem, de humana fabrica meestal wel naar behoren werkt, maar altijd op een dag zal stokken. Maar zelf hebben we ook een aandeel in het eigen leed en dat van anderen - maar aangename ervaringen kunnen ook nog altijd - maar dat hebben we liever niet geweten. Als men dus beweert dat men psychisch lijden, fysisch lijden niet acceptabel vindt, kan men zich afvragen hoe groot onze inbreng daarbij is. Hoe vaak houden we ons bezig met het welbevinden van anderen, met het goede? En zou het echt niet bestaan, moreel lijden?

Het zal wel een al te moralistische vraag lijken, maar ik kan me niet van de indruk dat het discours over lijden en het afwijzen van het lijden voor moreel lijden kan zorgen. Dat we liever niet sterven, liever een lang en onbezorgd leven willen leiden, mag dan wel zo zijn, wie zou bekwaam zijn, verzwakt als men is, eenmaal ouder dan 100, nog echt een zinvol leven te lijden? Of het zou moeten zijn dat we het verouderen kunnen stoppen. Maar dat verandert de human condition en dat zal mentaal voor nogal wat gewring zorgen. Zou het kunnen dat we ons met recht en rede inlaten met het genezen van aandoeningen, ziekte, dat we de kwaliteit van leven optimaliseren maar dat over een bepaalde grens niet zullen geraken? Dat zou ook betekenen dat een bepaalde vorm van preventie of het aanklagen van bepaalde aandoeningen op hoge leeftijd, kanker, diabetes... in wezen zinloos mag zijn. Maar dat zullen we niet geweten hebben, want we moeten koste wat het kost zo lang mogelijk gezond blijven en dan in een keertje gaan, als het toch niet anders kan. Als je mensen van 80, 90 ontmoet, dan merk je rijk palet van gevoelens, tenzij dementie heeft toegeslagen. Maar dat het minder is, blijkt niet voor iedereen zo dramatisch als we denken.

De dood hoeven we niet te kiezen, die kiest ons wel, maar we hoeven ze dus ook niet te omhelzen, al zal men begrijpen dat sommige mensen geen andere uitweg meer zien. Maar er is weinig ruimte dezer dagen om mensen, ook jonge mensen het goede leven en het goede van het leven te vertellen. Voor vluchtelingen uit oorlogsgebied, Syrië en Irak, maar er zijn er nog andere gebieden, zal dat niet overtuigend klinken, al kan goede opvang voor hen betekenen dat ze het leven kunnen hernemen, maar niet op de oude voet. Het valt me wel op dat we voorheen oorlogsslachtoffers, vluchtelingen opvingen, toen ze een gezicht en een naam hadden, maar nu lijkt het niet meer zo goed mogelijk die massa's vluchtelingen te zien als medemensen.

Dat zal dus wel een ander verhaal zijn, maar het is juist voor hen dat we het goede van het leven niet mogen verhelen. Onze samenleving kent een hoge mate van veiligheid en stabiliteit en soms vinden we dat maar niets, te saai en te vervelend, terwijl we zoveel kunnen verrichten. Toch is het nooit allemaal perfect, die veiligheid, stabiliteit, maar daar kunnen we dus aan werken, wetende dat de opbrengst van zo een aanpak na verloop van tijd minder wordt.

De volmaakte mens mag dus niet sterfelijk zijn, volgens sommigen, maar anderen menen dat het leven dan ondragelijk zou worden. Overigens, wat met een crimineel die gevat wordt en levenslang krijgt? Achilleus, de Griekse held zegt het bij Sandor Marai, dat in al zijn onkwetsbaarheid alleen maar vocht en dacht aan zijn thymos, maar van het leven niet zo veel gebakken had, vergeleken met Odysseus. Maar goed, de meeste filosofen vinden juist Odysseus een typische burger, leep, geslepen en altijd uit op eigen voordelen. Maar hij overleeft het allemaal wel, al weten we niet of hij sterft in de armen van Penelope. Maar in zijn streven en leven, al wordt hij misleid en misleidt hij anderen, komt hij toch naar voor als een moderne mens.   

Bart Haers  


Reacties

Populaire berichten