Veerkracht aanboren en in goed vertrouwen



Dezer Dagen


Voluntarisme, vrijheid en verantwoordelijkheid

Verwarrende tijden, zegde een wat verbeten jonge dame, die vond dat men zich daar niet door hoeft te laten afschrikken; we moeten de juiste analyses maken en dan handelen, want kunnen alles weten en dat met grote nauwkeurigheid. Maar wat weten we van mensen? Hoe ze in hun concrete leven met elkaar omgaan. Soms kan dat behoorlijk fout gaan, komen mensen in de cel terecht omdat ze een moord pleegden of bedrog. Maar hoeveel mensen doen het behoorlijk en leven tamelijk blij gezind? Zij vond dat geen interessante vraag en verwerpt de gedachte  dat we niet verder kunnen gaan en dat peilen naar het geluk van Mieke of Pierke niet goed mogelijk is. Zelfs mensen die niet zo goed in de slappe was zitten, kunnen ook nog redelijk tevreden zijn en geluk ervaren zelfs. Maar het armoededebat ergert vooral omdat men armoede, moeilijke levensomstandigheden met leed vereenzelvigd en die relatie is niet eenduidig. U zal begrijpen dat dit geen goed gesprek werd, maar zo gaat het ook wel eens.

Links en rechts zeggen hetzelfde: de vluchtelingen moeten/vragen alles wat hier voor handen is, waar mensen inderdaad zich wel eens afvragen of dat rechtmatig is. De tegenstelling lijkt radicaal,  maar het al dan niet toestaan van het volledige aanbod aan voorzieningen toe te laten komen of niet aan de vluchtelingen, laat geen ruimte voor wat burgers, wij dus denken en zij, de vluchtelingen wel graag zouden zien. Ik vraag mij af of mensen zomaar menen dat iedereen aan zijn lot overgelaten mag worden, want dat lijkt niemand wenselijk: bedelaars, illegaliteit en onzekerheid, dat wil men niet. Maar willen deze mensen echt volledig kindergeld? Ze komen niet uit de brousse, maar uit een weliswaar falende staat, die wel voorzieningen kende, die bijdroegen aan de positieve vrijheden.

Het verhaal blijkt er dan weer op uit te draaien dat politici, krantencommentatoren en andere wijze lieden ons vertellen dat wij het verknallen. Het blijft opvallend dat men wel zegt de angst te begrijpen, maar tegelijk dat het engagement voor de vluchtelingen a priori tegen de regering(en) is gekant en gericht. Excuses, maar dan is er meer in het spel en dan moeten we de zaken bekijken zoals ze zijn.

De voorzieningen die ontwikkeld werden sinds de laten 19de eeuw zijn geen eigendom van politici, sociale organisaties of lobbygroepen, maar een maatschappelijk goed, waar men gezamenlijk voor dient te zorgen. Duurzaam onderhouden van dat bestel is belangrijk, maar het valt wel op dat ook op dit vlak links en rechts gewoon antagonistisch hetzelfde zeggen: het model biedt mogelijkheden voor een goed leven, maar, voor wat hoort wat? Natuurlijk, maar dan suggereert men dat mensen zelf ook niet bepaalde verwachtingen hebben en zelf het hunne ertoe willen bijdragen. Nog eens Links wil niet horen over profitariaat, maar legt ook voorwaarden op, terwijl rechts vooraf zegt dat men geen fraude wil en profiteurs. Laten we zeggen, in beide gevallen speelt wantrouwen een grote rol. Nu vreest links dat men niet genoeg zal doen voor de vluchtelingen, rechts dat de overheid te ver zou gaan en wij, wij kijken ernaar, maar zij, de vluchtelingen ook.

Daar zit het pijnpunt, want we willen dat die vluchtelingen het goed stellen en dat hen niet nog meer trauma's overkomen. Het gaat over de verwachtingen van die mensen en ons onbegrip van hun veerkracht. Het ergert mij dat men voetstoots aanneemt dat de regering alles moet doen voor iedereen. De voorzieningen een groot goed zijnde, kan mensen nooit gelukkig maken, want dat vindt men doorgaans normaal, maar tegelijk is het vaak ook noodzakelijk, van onderwijs over infrastructuur en sociale ondersteuning. Edoch, in het debat wordt vaak uitgelegd dat deze of gene maatregel voor mensen zoveel zou kosten, niet een enigszins verminderde ondersteuning is. Soms kan men niet veel terug schroeven, maar dat kan geen van beide partijen deren, want het gaat om symbolen. Het gaat wel om manieren om waar financiële precariteit heerst op een redelijke basis tegemoet te komen. Gelijke kansen? Tja, 35 jaar geleden maakte ik debatten mee over loon naar behoefte en ik vond het wel fijn, maar finaal vergeet men dat arbeid niet alleen een kwestie is van aliënatie, vervreemding maar ook van zelfverwerkelijking. Dus niet om te integreren, maar domweg om zich goed te voelen in het eigen vel, zoals ik eens vernam van een man die bij de groendienst werkt en blij was als hij zag dat de borders er in mei zo mooi bijlagen in de stadsparken en -plantsoenen. Academischer kan met Hendrik de Man spreken over "Vreugde in de arbeid". Hij schreef dat en liet het in 1909 publiceren, waarbij hij het probleem van de vervreemding onderzocht, een van de axioma's van het marxisme. In verband met de opvang van vluchtelingen is dat begrijpen, namelijk dat arbeid en werk niet enkel een zaak van inkomen is, maar ook van levensvreugde. De organisatie van arbeid, zeker in de zorg zou op dat vlak heel erg gebaat zijn met wat minder meten, want hoe zou men resultaten kunnen meten, in het domein van de levensvreugde bij de zorgverlener en de zorgontvanger.

In het debat over wat we kunnen betekenen voor de vluchtelingen komt de kwintessens van het systeem aan de orde, van rechten en van verantwoordelijkheid. Het punt is dat men van een ander niet zo heel veel kan eisen. Dat mensen gokken via erkende en zelfs door de staat in eigendom gehouden gokspelen, verhindert de een niet om te zeggen dat mensen vrij zijn maar dan geen recht meer hebben op ondersteuning en de ander dat mensen met schuldproblemen sowieso gesteund moeten worden. Gelukkig mag men vaststellen dat er filters zitten tussen de parlementairen en de mensen die zich met concrete dossiers bezig houden. Maar zo is het gelukkig nu eenmaal georganiseerd. Overigens, naast het felle discours aan beide zijden, zien we dat de soep niet zo heet wordt gegeten als ze opgediend worden.

Maar wat het meest opvalt is dat bijvoorbeeld Hart tegen Hard niet rekent op zelfredzaamheid van mensen. Natuurlijk lukt dat niet bij iedereen, omdat ze zwaar ziek zijn of mentaal gehandicapt of anderszins niet in de mogelijkheid zijn zelf de regie te voeren, maar het kan ook zijn  dat ze desondanks naar hun eigen inzichten en aanvoelen wel goed in het leven kunnen staan.

Het moet gezegd dat die vluchtelingen heel wat kunnen beredderen, heel veel moed en organisatietalent aan de dag hebben gelegd. Ik althans ben nooit op de vlucht gegaan voor oorlog en kan mij in de verste verte nauwelijks inbeelden waar het op staat als men van zijn leven niet meer veilig is of in een tentenkamp moet leven. Zouden zij na dat alles zomaar eisen als prinsen behandeld te worden? Ze willen zich inschakelen en in Nederland ziet men meer dan hier mensen die na een aantal jaren geleden hier te zijn aangekomen nu deelnemen aan het debat, want ze blijken als nieuwe medeburgers wel te begrijpen dat een lokale gemeenschap, een stad als Enschede ontregeld kan raken door een huisvesting in te grote getallen van vluchtelingen. Er is geen onwil bij die dame maar het begrip dat de stad van aankomst ook behoefte heeft aan een zekere stabiliteit. Vluchtelingen zijn mensen met plannen maar wellicht ook eerder realistisch dan zij die hen graag gebraden kippetjes in de mond laten vliegen.

Dat minister-president Geert Bourgeois voluntaristisch genoemd werd in de media naar aanleiding van zijn Septemberverklaring, lijkt voor sommigen nog niet voldoende: garanties bovenop garanties en de MP moet ook nog eens zelf op het terrein gaan kijken, of alles goed verloopt. Mensen, burgers én vluchtelingen hebben ook wel gevoel voor verantwoordelijkheid en weten soms dat ze zich best gezegend mogen weten met wat ze hebben en kunnen doen. De strijd tegen armoede stoort in deze zin dat het holle eisen blijken die men voortdurend op tafel gooit, maar gelukkig zijn er mensen op het terrein die weten hoe mensen in nood of met een grote zorgbehoefte te helpen. Maar het begrip veerkracht lijkt onbekend te blijven.

Dit is geen motie van wantrouwen tegen de politiek en ook niet tegen het democratische besluitvormingproces, waarbij vooral journalisten zelden zien hoe met grote woorden voorgesteld beleid in de praktijk vaak zeer ontroerende resultaten heeft. Het gaat hier om steriele debatten over de hoofden heen van vluchtelingen en zonder hen te herkennen in hun eigen mogelijkheden. Dat de deuren niet open moeten, dat klopt, maar dat mensen die hier komen alles in de schoot geworpen willen krijgen klopt niet. Zij zijn al lang blij dat ze van hun leven nu wel zeker mogen zijn, dat ze niet nog meer geld afgetroggeld zullen worden. Rechtszekerheid, veilige straten en pleinen, mogelijkheden om ongemoeid op stap te kunnen gaan, zijn veel en vervolgens leveren ze graag inspanningen om in hun eigen boterham te voorzien en het beleg. Dat we vergeten, mag ik wel beweren dat ook vroeger mensen haard en huis verlieten en in den vreemde, Canada bijvoorbeeld met kinderen aankwamen en na enige tijd in een bijna mensonwaardig hok te hebben moeten wonen licht kwam en goed huis in de buurt van Alberta, blijft voor mij niet zozeer dat ene geval dat er gunstig uitspringt, maar een van de vele gevallen waar mensen geleidelijk opgaan in manier van leven en opvattingen van de nieuwe samenleving die hen ontving - ook niet met open armen. De man bouwde een zaak op, zou zelfs een nieuwe stap vooruit zetten en kreeg een ongeval in zijn atelier. Die pech doet niets af aan het verhaal en voegt er niets aan toe. Maar hij wilde het maken en maakte het ook.  .
Over de betekenis van werk, betaald werk, vrijwillige inzet en zoveel meer, hoort men veel, maar ook hier klinken rechts en links vaak unisono dat men zwaar werk of hard werken niet moet bevorderen. Soms lijkt het erop dat men een job wil voor iedereen maar niet wat er op de werkvloer gerealiseerd zou worden. Ooit was er een land waar een fabriek stond waar een auto werd gebouwd, maar op bevel van de overheid mochten er geen betere, nieuwere modellen gemaakt worden. In 1990 bleek Trabant niet opgewassen tegen de concurrentie. Spijtig? Of het gevolg van een model dat menselijke inventiviteit negeert.

Dat betekent ook dezer dagen dat de overheid best een kader moet aanreiken aan vluchtelingen en als ze onder het statuut vallen wil men hen snel aan het werk, dat ze hun plichten nakomen. Maar zij willen voor zichzelf instaan en voor hun gezin, als het mogelijk is. Dit zijn geen migranten die ondernemers en nationale overheden gingen halen, 50, 60 jaar geleden maar mensen op de vlucht voor geweld, rechteloosheid en onzekerheid. Wat we zeggen onthult wat we denken en dat blijkt in het antagonistische taalgebruik. Dat mensen net wel zelf verantwoordelijk zijn en zich terecht beledigd voelen als ze op hun plichten gewezen worden, vergeten al die mensen die parlessanten over het vluchtelingenprobleem. Vertrouwen stellen betekent begrijpen dat die mensen hun best zullen doen om eerlijk aan hun boterham zullen komen. Hun veerkracht, résilience, aanboren en ondersteunen zoals Boris Cyrulnik dat beschrijft, helpt hen, de vluchtelingen al een eind en bovendien impliceert het dat ze een gerechtvaardigde hoop kunnen koesteren deel te zullen mogen uitmaken van deze, onze samenleving. Zij zullen niet allemaal vragen om de bourquini, maar er zijn er wel die zich van de regels van de Sharia bedienen om zichzelf een positie te verwerven, zoals in sommige opvangkampen in Duitsland is gebleken. Het is des mensen, inzichten en geloof van anderen te misbruiken, maar tegelijk merkt men dat velen zich niet laten afschrikken. Jawel, we schrikken van de rellen in de kampen in Duitsland, waar moslims onder elkaar op de vuist gaan. Het mag duidelijk zijn dit niet wenselijk is. Ook in Nederland kijkt men toe, maar men moet ook wie geregistreerd werd en hoog van de toren gaat blazen en medevluchtelingen wil terroriseren  eruit gooien en indien er sprake is van misdrijven moet er vervolging volgen. Na twee gele kaarten? Redelijkheid gebiedt dat ze op de hoogte gebracht worden van het feit dat wij dat niet willen. Een verbod op proselitisme hoeft niet, maar in de gaten houden dat sommigen te ver gaan is wel geboden. In Goed vertrouwen handelen? Het lijkt vaag, maar het is wel bijzonder duidelijk wat dit betekent: afwegingen maken, het (onvindbare) midden zoeken en toch ferm optreden als normen die we delen in het gedrang gebracht worden.

Bart Haers




Reacties

Populaire berichten