Wij zijn Europa



Dezer Dagen


Geen angst, wel woede
Cameron verdient meer dan een standje

Politici dragen zware verantwoordelijkheden en
soms valt men heel hard aan, terwijl niemand
had voorzien wat er zich zou voordoen. Sommige
politici wanen zich opvolgers van de
absolutistische vorsten en eigenen zij zich de
publieke zaak toe. Mitterand blonk hierin uit,
Cameron is nauwelijks beter, maar Merkel
blijft een voorbeeld, niet van bescheidenheid,
wel van het besef dat ze de publieke zaak
ten dienste staat. 
Gisteren had er in het Europees Parlement een belangwekkend debat plaats over Europa, De Schengenzone, de Euro en Cameron's theatrale speach. Dat laatste kreeg alle aandacht, is ook belangrijk, maar wordt een bron van ergernis. Neen, we zijn niet bang voor de Brexit, voor de vluchtelingencrisis, maar woedend dat men, politici en media vergeten wat hun plaats is in het geheel. Neen, premiers noch volksvertegenwoordigers zijn heersers. Toch gedragen zij zich al te vaak alsof ze zonnekoningen zijn. François Mitterand spande de kroon, Angela Merkel slaagt er het best in die houding verre van zich te houden, zonder daarom haar positie in het gedrang te brengen. "Wir Schaffen das"? Het was een uiting van groot realisme, want ze wist hoeveel er op ons afkwamen, mensen op de vlucht voor oorlog en onzekerheid. Naar mijn mening zijn het anderen die een gevaarlijk gebrek aan realisme weten op te brengen. Het is dat ons wat bevreesd zou moeten maken.

Cameron en zeker Farage vergeten dat dit hun Europa niet is maar dat van burgers. Een referendum over Europa zal het democratische gehalte van de beslissing niet opkrikken, want men weet zeer goed dat als mensen niet weten hoe de vork aan de steel zit, wat de juiste cijfers zijn, van alles kan wijsmaken. Cameron liegt over de rol van Europa voor de Britten en voor ons. Mediamensen, journalisten en commentatoren liegen als ze voortdurend de zwakke plekken uitvergroten. Die zwakke plekken zijn er, zeer zeker, maar er is ook een grote kracht in Europa, naast een gebrek aan echt debat, naast een gebrek aan betrokkenheid ook.

Europa blijkt, als men naar sommige debatten kijkt en luistert nog steeds een battle field te zijn, waar oude nationalismen opnieuw opgang maken en waar de idee van het samenleven onder een grote soevereine paraplu best democratisch kan zijn, geen ingang vinden.  Het vergt natuurlijk enig nadenken, onder meer,   weer, over de ontstaansgeschiedenis van de EU, de strijd van Konrad Adenauer Duitsland aan het Westen vast te klinken. Men kan niet voorbij aan de vaststelling dat Duitse politici zeer goed weten dat ze zonder de EU politiek een moeilijke periode zouden hebben doorgemaakt en dat is een eufemisme. Maar de recente geschiedenis kennen we niet, willen we niet kennen. De EU begint in die benadering met de onderhandelingen die hebben geleid tot het verdrag van Parijs, dus voor het punt bereikt werd dat 10 nieuwe lidstaten werden opgenomen.

Toch moet het dan ook om dat lastige begrip soevereiniteit, waar David Cameron het over heeft, want men kan de oorlogen van de twintigste eeuw niet anders zien dan als een opschroeven van de eigen nationale identiteit, waar het ook de Britten niet aan ontbrak, goed proberen te begrijpen. Maar berust de soevereiniteit in een parlementaire democratie bij de regering of de volksvertegenwoordiging van een natie? Nog een moeilijk woord dus, de volksvertegenwoordiging vormt de emanatie van de natie, met dien verstande dat het anno 1914 ook in Europa nog niet zo best gesteld was met het algemeen stemrecht - in Nederland kwam die er in 1917, in België in 1919 slechts voor mannen en pas in 1948 voor echt.

Waarom zouden de Europese instellingen niet de emanatie van een Europese samenleving kunnen zijn. Dat Europa moeilijk zomaar een natie kan worden, begrijpt eenieder en de huidige problemen hebben te maken met de neiging dat een natie homogeniteit van de populatie veronderstelt. Dat is in deze tijden moeilijk houdbaar, maar men moet daarom ook niet hyperdiversiteit gaan verheerlijken, want hyperdiversiteit betekent ook dat er nog nergens consensus over zou bestaan, bijvoorbeeld over geplogenheden in verband met het seksuele leven van individuen en wat we met elkaar aanvaarden als betamelijk, zoals naakt zonnebaden op het strand of vrijende koppeltjes in het stadspark.

Het gaat inderdaad om samenleven en men kan verwachten dat mensen die jaren in een samenleving geleefd hebben waar het vrije leven dat we kennen, kenden, niet van toepassing was, niet gangbaar was er moeite mee hebben. Maar tegelijk zien we dat sommigen menen dat wij ons ook moeten aanpassen, wat sommigen ook doen, omwille van de sociale media valt te bedenken, zodat een deel van de verworven vrijheden op de helling komen te staan. Het schept een zeker ongenoegen.

Een ander punt is dat men Europa veel verwijt, maar dat men vaak merkt dat het ondernemingen zijn die beleidsvoorstellen initiëren die hun marktpositie kan versterken. Politici moeten daar zeer omzichtig mee omspringen, maar als we kijken hoe dat beleid soms tot verregaand paternalisme leiden kan, dan moet men wel aan de noodrem trekken. Beleid voeren blijkt dezer dagen geen wandeling door het park, geen fluitje van een cent en daar komen we bij de commentaren nooit aan toe. Omdat we vinden dat alles transparant, helder en simpel moet gebracht worden, in het nieuws of in redevoeringen, uitspraken van politici, werd complexiteit een taboe. De hele drijverij van David Cameron gaat hierover, terwijl hij duivels goed weet dat gedurende decennia de Britten de zaken hopeloos moeilijk hebben gemaakt door met opting out te prutsen aan de regelgeving. Intussen is het UK de beste leerling als het erop aankomt de Europese regelgeving over te nemen en uitvoering te geven.

Nog eens, we verwachten van politici terecht daadkracht, maar ook mag men omzichtigheid verwachten en vooral als het algemeen belang op het spel staat, moeten ze ook oog hebben voor wat niet in hun kraam past. In Europa hebben experten en technocraten vaak hun eigen dada's op de agenda gezet, zonder dat duidelijk was of het wel een goede zaak was. Toch spreken we nooit meer over de landbouwpolitiek zoals Sicco Mansholt die uitstippelde. Jawel, er liep wel iets verkeerd, maar het blijft wel een zeer strak gevoerd beleid waar de boeren, maar ook wij, burgers profijt van hadden. Maar er zaten geen remmen op het systeem en dat betreurt men niet, omdat men er geen oog voor heeft.

Schengen, Euro, Schuldbeleid lidstaten... telkens zien we dat bij het opzetten van een grootscheepse onderneming niet alle lekken en gaten dicht geplamuurd werden en dat lijkt wel eens lastig, maar tegelijk is het een voordeel, omdat het bestel zich zo kon ontwikkelen. Nu Schengen onder druk staat, blijkt dat wel noodzakelijk, want open binnengrenzen vergen wederzijds vertrouwen opdat er geen ongewenst volk zou komen en neen, ik heb niet over de vluchtelingen uit Syrië, wel over mensen met kwaad in de zin, wat we sinds de val van het IJzeren Gordijn en de oorlogen in de Balkan wel niet adequaat afgehandeld hebben gezien. Getuigt het niet van realisme dat men die projecten opstart, wel wetende dat men vele maar niet alle eventualiteiten in kaart heeft gebracht? Mij dunkt dat dit de enige manier is om aan politiek te doen en regelgeving uit te werken. Maar ook zal nagaan of het dichtgooien van een lek wel de moeite waard is, terwijl men natuurlijk rampen dient te vermijden.

Wij zijn Europa
behept met een paar gebreken
onder meer zelfgenoegzaamheid
met een beladen traditie van oorlogen

Wij zijn Europa
gezegend met kwaliteiten
geborgen in een brede en grote cultuur
in vele talen hetzelfde presenterende
met zin voor eigenheid en verbondenheid
waar oorlogen niets tegen vermochten

ondanks de strijd, het streven
de eenheid zien we niet,
de verschillen des te meer
Wij zijn Europa,
niemand zegt het
maar toch
Wij zijn Europa

Als we het over Europa hebben, voelen maar weinig mensen daar iets bij, onder meer omdat we ook goed geleerd hebben waarvoor ons continent, naties van dit deel van de wereld de rest hebben onderworpen, voor enige tijd in een imperialistische wedloop. Wij zijn het gewoon de zwakke, donkere kanten van onze cultuur te belichten, maar zelfs als het over de Verlichting gaat, ontbreekt het ons aan moed de hele rijke wereld van gedachten, van snode mannen als seingeur de Seingalt, die met al zijn avonturen ook blijk gaf van de ongebreidelde lust tot onderzoeken. De Aufklärung is meer dan een paar mantra's en ook de ontwikkelingsgang is van belang. Ook kan men bezwaarlijk de Verlichting opdelen in een harde kern en de rest, want sommige figuren krijgen dan niet de aandacht die ze verdienen.

Voor velen kan Europa niet bestaan als een lotsgemeenschap, ook een kenmerk van de natiestaat en in zekere mate moet dat ook vermeden, omdat gedachten als lotsgemeenschap ons ver kunnen voeren, ook naar de verdoemenis. Maar de buitenwereld kijkt zo, meewarig soms, vaker afgunstig, omdat we al zo lang zonder grote oorlogen mogen leven en ons beschermd weten door de rechtsstaat. Dat is iets wat we meer zouden mogen beamen, dat de rechtsstaat ons bescherming biedt, dat we daardoor vrij zijn ons leven naar eigen inzichten vorm te geven en met anderen vrij om te gaan.

Als wij Europa niet zijn, als alleen de ambtenaren van de EU Europeanen zouden zijn,  hoe zou men dan op een redelijke wijze met elkaar kunnen van gedachten wisselen over wat onze gemeenschappelijke belangen zijn. Neen, Europa moet niet angstig of schichtig naar Londen kijken, want Brel krijgt gelijk, Londres n'est que le faubourg de Bruges, perdu en mer. Enfin, toen de Chunnel geopend werd, was dat een grote stap naar een intenser verkeer tussen vasteland en Engeland, het UK, maar nu lijken de Britten opnieuw te kiezen voor Splendid Isolation, terwijl het Imperium verdwenen is. Natuurlijk mogen de Britten zich koesteren in het aura van hun vergane glorie, maar sinds 1974 behoort het UK tot de EU en altijd was de publieke opinie hierover verdeeld. Maar kan men zonder meer een verdrag opzeggen?

Maar waar we dus vooral boos om zijn moeten zijn blijft de kwestie dat regeringsleiders van Europa een speelterrein maken, waar ze actief mee aan besluitvorming doen, om daarvoor vervolgens naderhand in Londen, Berlijn, Wenen... te doen alsof het Brussel is. Bovendien kunnen parlementen in de lidstaten de eigen regering bijsturen, briefen en eventueel via een motie van wantrouwen terugfluiten. Dat gebeurt niet en dat vormt voor mij voldoende aanleiding de houding van Cameron roekeloos en lafhartig te vinden en dat is al tijden het geval geweest en blijft zo. Maar Europa moet niet bang afwachten. Alleen, niemand durft zijn hand voor Europa in het vuur te steken en dat blijft bedroevend. Ik ben er mij van bewust dat dit scherp ingaat tegen de geest die om ons heen waait, dat de media graag en overtuigend de weeffouten in de Europese constructie aangeven, maar het kan toch niet dat men daarom geen balans van kosten en baten zou maken, doch slechts de lijst van tekorten zal hanteren.

Bart Haers








Reacties

Populaire berichten