over pessimisme en Amor Mundi



Dezer Dagen



Waar moeten we heen?
opvallende verbrokkeling




Ik schreef al vaker over dit boek,
dat in zekere zin een kritiek vormt
op het denken van de aanhangers
van "A theory of Justice" van
John Rawls, omdat het laat zien
dat zo een theorie realiseren ook
ongewenste neveneffecten kan
ressorteren. Dezer dagen lijken
we daar niet aan toe te komen. 
De opiniepeilingen rond de Brexit en de opinievorming wordt steeds warriger, al zijn er ook duidelijke uitspraken, zoals die van de Noord-Ieren die de grens met Ierland niet hersteld willen zien, of Jeroen Luyendijk die er terecht op wijst dat het enkele miljardairs zijn die de geesten tegen in Europa in het geweer brengen, zodat men de Britten op de hoogte moet brengen van die manipulatie. Maar zullen zij wel luisteren?

Het is een kwestie die ons zou moeten aanbelangen, want de vraag of we begrijpen wat er gaande is, moet men ernstig onderzoeken, wil men begrijpen wat we voor de dag van morgen moeten wensen en waar we voor kunnen staan. Dan valt het op dat mensen, ook verstandige, zich vaak opsluiten in drogredeneringen, zonder dat ze zich er bewust van zijn. De wereldbevolking blijft aangroeien, maar dat is het gevolg van een afnemende kindersterfte en een toenemende vergrijzing. Het aantal geboren kinderen speelt ook een rol, maar als slechts 1 op 2 of 1 op 5 overleven, krijg je hoogstens vervanging van de voorafgaande generatie. De wereldbevolking neemt toe als gevolg van de modernisering en dus moet men niet enkel kijken naar de kindjes die geboren worden, maar naar hoe we de bestaansvoorwaarden verbeteren. In sommige religies stelt men vast dat geboortecontrole uit den boze is, wat uiteraard leidt tot grote onbuigzaamheid en afwijzing van de moderniteit.

Het kan zijn dat we vandaag voort kunnen op wetenschappelijke inzichten, maar als we de werkelijkheid onder ogen nemen, dan blijken die wetenschappelijke inzichten niet altijd goed te sporen met onze inzichten. Neem nu de kwestie van oudere villa's en grote woonhuizen, die niet meer voldoen aan de vereisten inzake isolatie, waardoor zij meer zouden bijdragen aan de vervuiling dan nieuwe woningen. Maar moet men de Vlaamse Bouwmeester of gewezen bouwmeester volgen dat die huizen zouden worden afgebroken? Het gaat dan om vernietigen van waarde en tot welk nut? Verbouwen en aanpassen blijkt voor de expert geen oplossing, maar waarom zou men niet tot passende, onderhandelde oplossingen komen? Of zijn de mensen te dom en de expert te slim?

Wie vanuit een uitgangspunt kijkt en slechts een doel bereiken wil, bijvoorbeeld de uitstoot van CO² verminderen, kan het zich veroorloven andere overwegingen buiten beeld te houden, maar in de werkelijkheid valt dat moeilijk vol te houden, omdat de overheid tegenover burgers ook verplichtingen heeft, al lijken actievoerders, of het nu tegen ganzenlever is of voor minder autoverkeer, zij menen dat de overheid naar hen moet luisteren en dus gehoorzamen. Klinkt stoer, maar vooral naïef. De overheid heeft meer redenen om ook naar anderen te luisteren en te proberen een zekere redelijkheid te betrachten.

Het gevolg is wel dat nogal wat mensen zich graag als slachtoffer voordoen maar dat de ware slachtoffers vaak vergeten worden. Natuurlijk zijn er grote fortuinen en mensen die deze op een ordentelijke wijze beheren, maar er zijn er ook andere die erin slagen de kluit te belazeren en anderen wat lichter maken. In een democratie, in een parlementaire rechtsstaat is het aan de rechter om hierover te oordelen.

Toch merk ik vooral veel geluiden die uiting geven aan wantrouwen tegenover de anderen, tegenover de rijken of de armen, tegenover elites en die uitpakken over eerlijkheid maar veeleer pessimisme laten overwegen in hun waardering. Het is dat pessimisme dat Europa, dat ons zuur opbreekt, want we geloven niet meer in de EU als geheel van verschillende tafels, kijken naar hoeveel ambtenaren er verdienen en hoe iedereen er lijkt te graaien in de relatief beperkt gespekte geldkoffers. Dat er wel eens middelen fout worden ingezet, dat men ook al eens kan vragen stellen over de ECB, het kan geen probleem wezen, wel is het bijzonder lastig te begrijpen dat daarom het hele apparaat fout zou zijn. Europa is en blijft een constructie sui generis, zonder voorgaande en dus dient men niet om de haverklap komaf te willen maken met dat verhaal, vooral omdat de argumenten tegen de EU vaak niet deugen. Het gevolg is wel onzekerheid en verbrokkeling.

Goed, zelf hebben we wel eens kritiek ten aanzien van experten, maar dan altijd op het moment dat zij remedies gaan voorstellen voor problemen, waarbij ze andere consideraties achterwege laten. Die kritiek kan men moeilijk afdoen als een blinde afwijzing van experten, wel als een vraag naar een beter afgewogen oordeel, want als men voortdurend met extreme stellingen te maken heeft, dan kan het voorvallen dat men het niet meer ernstig nemen zal.

Een belangrijk thema waar men de afgelopen vijf, zes jaar over is gaan spreken - al leeft het al veel langer - betreft eerlijke belastingen, ongelijkheid en rechtvaardigheid, al dan niet geruggensteund door theorieën en visies van grote geleerden. Natuurlijk is al sinds mensenheugenis duidelijk dat burgers en ingezetenen van een stad of land het graag zuiver zien en dat belastingen eerlijk opgelegd wordt, eerlijk verdeeld ook. De opstanden in de steden, zeker in de Nederlanden hadden vaak alles te maken met de unfair geachte verdeling van de lasten. Ook als de welvaart toenam, juist dan, bleek de bevolking minder geneigd onbillijke verdeling van de lasten te verdragen. Wie herinnert zich nog dat de opstand tegen Philips II in de Nederlanden begon met een belasting van 5% en later 10 %, de twintigste en de tiende penning op gebruiksgoederen. Ook Maximiliaan van Oostenrijk had af te rekenen gehad met fiscale opstanden en ook in Spanje kwam dit voor. Altijd werd aan de belastingskwestie de politieke kwestie gekoppeld, aan de bevoegdheid deel te hebben aan het beleid. Ook de beruchte opstand van de Gentenaren van 1537 tot 1540 had met deze kwesties te maken. Karel V slaagde erin Gent te paaien, met onder meer een andere organisatie van de politiek en de economie, die tot 1576 vruchten zou afwerpen.

Als men nu dus weer eens gaat zeuren over belastingen en ongelijkheid, dan kan men wel proberen te zien of men wel een goede invalshoek heeft, want men kan niet gemakkelijk alle inkomsten of uitgaven belasten, al doet men aardig veel moeite om zogenaamde ontwijking en zelfs milde vormen van fraude op te sporen. De overheid beschikt over middelen die ze vroeger niet had en dus worden de ontwijkingmechanismen ook ingewikkelder, maar goed, dan moet men dat geld nog beschikbaar krijgen. Niemand moet fraude billijken, wat men ook niet voor lief moet nemen is een almachtige (fiscale) overheid die overal kan bijkomen. Het zou dus tot een wapenstilstand moeten komen, waarbij de overheid en de belastingplichtigen, de ontduikers elkaar erkennen en dat de overheid niet verder gaat met het betalen van belastingen afdwingen met verregaande methodes dan proportioneel acceptabel: soms kan lagere belastingdruk voor meer inkomsten zorgen, net als het afzien van voortdurend klimmende heffingen.

Toch moeten we dat begrip rechtvaardigheid beter begrijpen en liefst niet blijven hangen bij een eenvoudige benadering. De juridische gelijkheid van elke burger kan inderdaad door allerlei manipulaties, corrupties, geld schuiven doorbroken worden, maar men kan ons bestel, ook het juridische niet zonder zin voor nuance afdoen als ondeugdelijk. Het werkt wel goed in een aantal domeinen die personen ten goede komen. Waar het juridische bestel ontoelaatbaar tekort schiet zijn precies waar zaken als schandalen voor het voetlicht komen en ons zouden moeten bezig houden. Sommige moorden krijgen aandacht, ook financiële delicten kunnen veel stof doen opwaaien, maar hier spelen meerdere actoren hun rolletje en finaal weet niemand nog waar het om gaat.

Bovendien zal men toch ook eens moeten uitleggen wat rechtvaardigheid in het ondermaanse kan betekenen, in een aan verandering en contingentie onderhevige realiteit, want dan blijkt rechtvaardigheid niet in marmer gebeiteld te kunnen worden, of beter, wat rechtvaardig handelen heten moet niet zomaar gebeiteld te kunnen worden in het marmer.  Niet dat niet duidelijk zou kunnen gemaakt worden wat rechtvaardig handelen is, maar het zal altijd een verhaal vertellen vergen om te weten of iets juist gebeurd is, of net geheel onheus moet heten. Er is, zeg ik dan maar voor het gemak, nog nooit een volstrekt rechtvaardige samenleving mogelijk geweest, omdat er altijd slachtoffers vielen op het altaar van de rechtvaardigheid. Meer nog, de grote sociale bewegingen van de negentiende eeuw streden voor vooruitgang en offerden dan maar valse vrienden op het altaar van de vooruitgang. De concurrentie tussen bewegingen zorgden ervoor dat heel wat sociale voorzieningen tot stand kwamen, die we nu wellicht niet meer opnieuw zouden uitvinden, wegens te duur of economisch niet nuttig. Tussen 1870 en 1970 was de aandacht voor sociaal beleid en het oprichten van instellingen om die goed te organiseren voorwerp van toenemende consensus. Ook de vaak vermaledijde Charles Woeste wenste sociale verbeteringen, maar in Gent vertrouwden de christen werklieden hem geenszins. Die organiseerden zich dan maar zelf, wat vele decennia goed ging, maar zoals Jean-Pierre Rondas betoogde in de Nuttelozen van de Macht, kan men bezwaarlijk beweren dat de organisaties van de christelijke arbeiderszuil nog veel zoden aan de dijk kan zetten. Meer nog, het oude socialisme dat in Gent vorm kreeg en ook beruste op zelforganisatie, werd de afgelopen decennia in het zuiden des lands een macht die werkelijke vernieuwing in de weg stond. Over de toestanden in Venezuela, die men al eens wil toeschrijven aan de daling van de olieprijzen, zou men best eens dieper ingaan, want dat velen al met hun voeten hebben gestemd, zou meer zijn dan een gerucht.

Moet de staat dan niet bezig zijn met sociale verhoudingen en de ongelijkheid in de mate van het mogelijke reduceren? Sommigen menen dat men elke ongelijkheid uit de wereld moet helpen, maar zal men dan nog bij machte zijn autonoom zijn of haar leven vorm te geven? Dat lijkt vaak geen of weinig debat op te leveren, want wie succes heeft, zegt men dan, heeft dat zelf gerealiseerd, maar net in België blijkt degelijke scholing vaak mee te hebben gespeeld en de eigen inbreng is vaak een kwestie van discipline, die men ook wel zelf moet opbrengen, maar vaak heeft meegekregen van thuis en de bredere omgeving. Onderzoekers stelden vast dat in België de inkomensspanning bepaald beperkt moet heten, maar goed, een referentieaandeelhouder van AB-INBEV heeft natuurlijk een zekere voorsprong, maar zal men onze samenleving extreem ongelijk noemen? Eerder denk ik dat er mensen rondlopen die zich op de een of andere manier tot een elite rekenen, een culturele of intellectuele en zich vanuit die hoedanigheid telkens weer publiek op hun eigen uitmuntendheid laten voorstaan. Men hoeft er geen rekening mee te houden, maar het blijkt wel aanleiding te geven tot nogal steriele debatten. En aan morgen wordt weinig gedacht.

Dat is wellicht het grootste probleem dezer dagen, dat we, afgaande op wat de brede media brengen met veel ressentiment te maken krijgen, maar zelden met een werkbare vorm van thymos. Hoe dat dan moet? Laat mij toe aan te geven dat ik niet echt een goed en helder geformuleerd idee heb, dat sommigen wel blijk geven thymos, maar er daarbij niet toe komen zoiets als verantwoordelijkheid voor het algemeen belang aan de dag weten te leggen. Die zorg, moet ik zelfs vaststellen, blijkt zelden de kern van het betoog te vormen. Thymos blijft een onderbelicht thema in onze discussies over mens en samenleving.

Verbrokkeling en fragmentering hoeven op zich niet zo erg te zijn, want dan zou ik mij scharen bij de tallozen die er een grondeloos pessimisme op na houden, terwijl er nog altijd argumenten zijn om van dit leven hier iets te maken. Maar het gaat niet enkel om de argumenten, zo blijkt telkens weer, maar ook om wat Martha Nussbaum politieke emoties noemt en dan niet de overkill aan angsten waar men ons van alle kanten mee bekogelt: voeding, slaap, seks, levensbeschouwing, de toekomst, alles is bron van angsten. Die angsten zorgen anders wel voor een vorm van verbrokkeling, maatschappelijk, die ons moet verontrusten, maar tegelijk is dat niet het hele verhaal. Waar Nussbaum het over had, waren emoties die het samenleven versterken en individuen kansen geven kan.

Hoewel het een illusie kan lijken, zou men ook aandacht kunnen besteden, ook na een dodelijke schietpartij als die van afgelopen weekend in Orlando, aan wat Arendt voorstelde: Amor Mundi. Nu is dat geen beate verliefdheid op het leven, maar vergt het wel wat, want de wereld is complex en niet altijd overzichtelijk en om van alle het slechte, het kwade dat zich voordoet, zal het ook niet gaan, maar men moet het wel accepteren, dat het kan voorvallen. Toch gaat het erom dat men positie moet kiezen, want men kan aan de wereld, onze wereld, omgeving om te beginnen wrochten, al zal men het resultaat niet per se kunnen zien.

Wie wil weten waar we heen moeten zal dus niet zomaar met een enkele slogan aan de slag kunnen, maar proberen de verschillende aspecten grondig onderzoeken en begrijpen dat de eigen positie wel belangrijk is, maar niet alles bepalend. Het beoefenen van deugden zal ook niet a priori helpen, net zo min als het ten allen prijze vermijden van fouten/zonden. Dat alles geeft wel eens richting, maar willen we, hoe bescheiden ook onze inbreng doen, dan zal het altijd nog wel meer dan gemakzuchtig aannames van anderen overnemen. Maar toch staan we daarbij niet a priori alleen, wel is het nodig een goed verhaal te brengen en mensen overtuigen. Dezer dagen voelen we ons wel wat verweesd, want de verhalen die we horen, blijken vaak moeilijk vol te houden, omdat ze bijvoorbeeld over gelijkheid gaan, ten koste van vrijheid en zelfverwerkelijking.

Bart Haers  





Reacties

Populaire berichten