Wat is verantwoordelijkheid waard?





Reflectie



Oordeelsvermogen en verantwoordelijkheid



Voortdurend zoemt het rond: de Verlichting,
de waarden van de verlichting... maar het
gaat niet dan maar te menen dat het allemaal
zo helder en duidelijk is. Sapere aude!,
onderzoeken dus wat er aan de hand is, dat
is wat we van Kant leren. De uitkomst?
dat hangt ervan af. 
Iemand schreef me deze week op facebook dat hij van zonde geen weet heeft en dat ik het ook maar niet over verantwoordelijkheid moet hebben, want dat dondert allemaal niet. Ik blijf dat opmerkelijk vinden, want al is men niet meer gelovig, ons handelen, onze omgang met medemensen is niet zonder gevolgen, meer nog, jarenlang luisterde ik met enige aandacht naar het programma "Het vrije Woord" en vond vaak dat even moraliserend was wat men zegde als de protestantse omroep om nog te zwijgen van de uitzendingen van de katholieke omroepstichting. Moraal overdenken kan geen kwaad, zeggen wat anderen zouden moeten doen, denk ik dan, gaat wel ver. Toch blijven we graag blind voor de gevolgen die anderen van ons handelen ervaren. Meer nog, we zijn graag slachtoffers, omdat we dan niet moeten erkennen dat we zelf aanrichter van die problemen zijn.

De kwestie was en is nog altijd prangend, want wie meent dat verantwoordelijkheid niet zou bestaan, kan ook niemand euvel duiden als deze hem de duivel aandoet, maar dan zijn we alleen maar slachtoffer van het systeem en van de menselijke natuur, waarover niet veel meer te vertellen valt dan dat we nooit echt altruïstisch kunnen handelen. Ook vrijheid verliest dan alle zin, zoals ook Jan Verplaetse meent. Ray Tallis daarentegen vraagt zich af in zijn gesprek met Alicja Gescinska waarom filosofen daarover zo weinig hebben nagedacht, over de ondraaglijke zwaarte van verantwoordelijkheid. Hij stelt de vraag als filosoof en als arts in ruste, nadat hij heeft uitgelegd hoe het als (jong) arts soms lastig was tot beslissingen te komen en dan vooral nog de onzekerheid of hij de juiste beslissing had genomen.

Ik vond dat, gegeven vele discussies die dezer dagen om onze aandacht vragen een interessante bedenking, maar niet alleen artsen dragen de ondragelijke last van de verantwoordelijkheid, voor zichzelf en voor anderen en als men ziet hoe vaak mensen elkaar willen aanspreken op hun verantwoordelijkheid, dan wordt het wel hypocriet te menen dat verantwoordelijkheid onzin is.

Natuurlijk, als mama en papa met elkaar breken en scheiden, dan hebben ze het goede recht dit te doen, want de wet laat dit toe. Geen probleem, maar wat als de kinderen er toch last van krijgen? In die context heeft het geen zin van verantwoordelijkheid te gewagen, mensen vinden het zelfs ongepast. In wezen merkt men overigens dat het vaak de partij is die ter goeder trouw was de zorg voor de kinderen ernstig blijft nemen en vaak heel wat inspanningen doet om dochters en zonen goed terecht te laten komen. Men kan niet elk verhaal gaan fileren, maar als men kijkt naar de wijze waarop men onderwijsdata fileert en telkens weer uitkomt bij het feit dat alleenstaande moeders de oorzaak zouden zijn van de problemen van de kinderen, dan blijft de vraag wat de rol van de (biologische) vader dan wel is geweest in het mogelijke falen van de kinderen.

We zijn blijkbaar kieskeurig als het om verantwoordelijkheid gaat, waarbij we blind zijn voor het feit dat de anderen ons kunnen belazeren, maar als we er zelf baat bij hebben of kunnen hebben, dan moeten we dat niet ernstig nemen. Toch worden mensen voortdurend afgemeten aan hun verantwoordelijkheid, zijn er partijen, om N-VA niet te noemen, die jonge gastjes van veertien verantwoordelijk voor hun daden willen stellen. Andere partijen vinden dat kinderen van 16 stemrecht geven vooruitgang zou betekenen, want iedereen kent wel zo een jongen of meisje dat politieke interesse aan de dag legt en dus zou moeten kunnen stemmen. De verantwoordelijkheid die er mee samenhangt, daar heeft men het niet over, want die jonge mensen zullen toch links en progressief stemmen. Het referendum over de Brexit heeft geleerd dat mensen wel bewust gaan stemmen, maar niet per se verantwoordelijk gehouden willen worden voor het resultaat, want sommigen stemden zomaar tegen, tot bleek dat ze bedrogen waren.

Het gaat ons niet om het opnieuw belasten van mensen, wel gaat het erom dat men aan die verantwoordelijkheid ook genoegen kan beleven, want men kan (opnieuw) de eigen verdienste onder de aandacht brengen, waar we vandaag soms verteld worden dat we zelf niet zoveel in te brengen in ons welslagen. Alleen, men lijkt ervoor te kiezen dat we ons om verantwoordelijkheid niet hoeven te bekommeren, maar de werkelijkheid is grondig anders, want men ziet en hoort hoe mensen vandaag meer dan ooit en zeker meer dan dertig jaar geleden voor het minste inbreukje ernstig aangesproken en op de vingers getikt.

Als het al zo moeilijk is een interessant debat over verantwoordelijkheid te voeren, dan is het met het begrip zonde helemaal onbegonnen werk, want volkomen verweven met de oude traditie van de biecht en de verbodscultuur van diezelfde kerk. Toch gaf Michel Foucault met zijn concept "zelfzorg" een aanzet een seculiere invulling van het begrip aan de orde te stellen. De kerk heeft ten onrechte de zonden des vleses zwaar in de verf gezet en daarmee vaak ander problematisch gedrag, zoals uitbuiting of geweld onderbelicht. Waarom de kerk die fixatie ontwikkeld heeft, valt historisch wel te reconstrueren, maar het is wel een belangrijke misvatting, die de kerk de afgelopen decennia heeft doen leeglopen. Als het deugt doet, is het zonde. Ook Paulus schreef al dat het beter is te trouwen, als we maar ontucht vermijden. Het is een vreemde gedachte, die echter blijkbaar wel spoorde met bepaalde ascetische praktijken in de dagen van het Romeinse rijk. De Stoa, aldus Foucault ontwikkelde bepaalde ascetische praktijken die met zelfzorg te maken hadden en de navolgers van Diogenes van Synope, de hondse filosofen gingen meer de nadruk op ascese en minder op provocatie van de bestaande orde. Foucault stelt vast dat die ascetische praktijken in de kerk ingang vonden, maar dat de idee van zelfzorg verschoof naar pastorale zorg, wat de gewone gelovigen een deel van hun verantwoordelijkheid zou ontnomen hebben en dus een paternalistisch gaf. Hoe de kerk in de twaalfde eeuw na eeuwen van zoeken haar macht bevestigd wilde zien door onder meer de seksuele moraal strakker te omschrijven, valt onder meer uit boeteboeken op te meten. De minder rigide stroming werd vaak om redenen van helderheid weg gefilterd, zodat men tijdens de negentiende eeuw een soort vicerale afkeer voor het lichamelijke ging uitventen.  Met goed leven had dat allemaal niets meer te maken, met volwassen omgaan met elkaar nog minder.

Goed leven gaat niet zonder keuzes maken, oordelen wat ons goed lijkt en hoe we niet enkel ons genoegen bevredigen, maar ook weten dat we morgen nog met anderen overweg kunnen. Het valt op dat in de debatten over discriminatie en racisme mensen geacht worden niet te weten dat ze lief moeten zijn voor migranten of nazaten van immigranten. Lief zijn hoeft niet, denk ik, wel een beetje aandacht voor de categorische imperatief, zoals Kant die voorstelde, waarbij we anderen aandoen wat we zelf zouden willen ervaren - en dus niet enkel negatief, niet doen aan anderen wat we zelf niet zouden willen, want de laatste decennia ligt de nadruk vaak op die invulling in het publieke debat.  

"Fille de la rue", de video of documentaire van een jonge vrouw over hoe ze schaamteloos vernederend bejegend werd, wijl ze door Brussel wandelde, maakte veel los en ze heeft natuurlijk een punt. Alleen, men vond dat zij niet goed begreep dat dit tot de orde der dingen behoort: "boys will be boys"?  Terwijl ik in Brussel wel eens merk hoe een vrouw aangesproken wordt, in de gangen van de metro of in straten rond de Grote Markt, het is waar, maar tegelijk zie je dat er wel nog enige voorkomendheid bestaat. Maar waarom zou een jongen van 15, 16 naar een meisje fluiten? Of ongepaste voorstellen doen? Of mannen van dertig? Ik weet het niet, maar dat heeft er alles mee te maken dat ik als zestienjarige eens een liedje neuriede en een dame van een jaar of 25 me te kennen gaf dat ze dat liedje "voulez-vous couchez avec moi, ce soir?" wel leuk vond, maar een knaapje van 16 niet zag zitten.  Mijn jeugdige overmoed werd dus kordaat afgestraft.

Zondebesef is in de loop van de negentiende en twintigste eeuw zo ver doorgeschoten dat mensen er algauw geen pap meer van lustten en het op goede grond allemaal niet meer ernstig konden nemen. Dat intussen mensen, mannen en vrouwen zichzelf een weg zochten naar een genietbaar leven, ontgaat zowel de voorstanders van de strakke seksuele moraal als degenen die vechten tegen oude demonen, de kerk dus. In de beeldvorming, schreef de historicus Chris Vandenbroecke, wisten de boeren niet hoe het moest, maar uit zijn onderzoek bleek dat die boeren wel goed wisten hoe ze aan hun trekken kwamen en dat met genoeg aandacht voor de vrouwtjes. Alleen, we hebben geleerd zonder meer te aanvaarden dat die beeldvorming over gestampte boer klopt. Tja, als men het niet wil toetsen, loopt het gesprek gauw genoeg af. Maar hoe rijmt men dat met het politiek correcte verbod te discrimineren en te generaliseren?

In onze voorstelling van de samenleving zitten nogal wat vooroordelen en soms wordt men zich bewust van de onrechtmatigheid, maar meestal vinden we voldoende redenen om ons bij ons gedacht te houden. Maar het is precies zaak te begrijpen dat aannames misschien best eens getoetst worden. Het foute denken of gedachteloos meegaan in wat anderen vertellen, het is een persoonlijke verantwoordelijkheid. Alleen, wie kan nu beweren dat het een prestatie zou zijn dat onze samenleving van divers tot superdivers evolueerde? Het is een realiteit, waar niet iedereen even blij om is. Sommige mensen vinden dan dat zelfs xeno-, islamofobie of welke andere fobie ook een begin van een fout, een zonde in gedachten is, terwijl die mensen vaak niet bij machte zijn om veel kwaad aan te richten. Maar het is gemakkelijk anderen voor domoren te houden en hen dat ook nog eens goed onder de neus te wrijven. Het blijft opvallend hoe weinig consideratie sommige spraakmakers aan de dag weten te leggen, terwijl  velen, onderwijzers, leraren, docenten echt wel doen wat van hen verwacht mag worden en doorgaans is hun toewijding groter dan in een functiebeschrijving te lezen valt. Zij achten het hun verantwoordelijkheid dat hun leerlingen voldoende mee opnemen van wat aangeboden wordt en proberen hen ook in de omgang bij te schaven. Die verantwoordelijkheid, die zij opnemen staat niet of zelden in de Eindtermen.

De samenleving zoals we die kennen functioneert omdat magistraten, politiemensen, gemeente-ambtenaren niet enkel aan hun dagelijkse boterham denken, maar proberen naar best vermogen hun jobs te doen, afgezien van enkelingen die er de kantjes aflopen. Het kan dus best overwogen worden, denk ik, een al te negatieve kijk op de anderen minstens te toetsen, als men al niet blind is voor wat men kan ervaren, als men niet in een ivoren toren verblijft. De verantwoordelijkheid van experten is dus gigantisch, want zij moeten niet enkel werken naar een ideaalbeeld, maar goed nagaan hoe de instellingen, hoe het onderwijs functioneert of bijvoorbeeld de rvt's. Zijn er verschillen? Natuurlijk zijn er goede en betere, maar goed, niets is gelijk of functioneert identiek, tenzij machines.

Verantwoordelijkheid is dus niet enkel een aangelegenheid van elkaar verwijten maken, maar ook inzien dat mensen die verantwoordelijkheid nemen en er het beste van weten te maken. Er blijkt een grote kloof te bestaan tussen mensen op de werkvloer en mensen die er de contouren van willen uittekenen. Net een expert als Alexander D'hooghe, die voorstellen doet om de verkeersknoop rond Antwerpen te ontwarren en de congestie op te heffen, sprak in een interview over het feit dat de verdichting van de bewoning in Vlaanderen niet zomaar mogelijk is, terwijl experten ruimtelijke ordening voortdurend hameren op het bouwen van grote woontorens. Ik moet denken aan Timisoara, Roemenië in 1988-1989, toen de dictator, Nicolai Causcescu  besloot dorpen plat te gooien en mensen in nieuw te bouwen woontorens wilde onderbrengen. Akkoord, de ruimtelijke ordening in Vlaanderen is in lange jaren onbestaande geweest en toen er plannen kwamen, werden die ook nog eens overtreden. Maar de regelgeving nu zo verstrakken, maakt het bijna onmogelijk voor mensen met bescheiden inkomens om in de buitengebieden te wonen. In Nederland zijn er provincies, Zeeuws-Vlaanderen om er een te noemen en bij uitbreiding Zeeland, die leeg lopen, onder meer door gebrek aan onderwijsinstellingen en door problemen met het openbaar vervoer. Zeeland ligt geprangd tussen de Vlaamse Ruit en de Randstad. Vele mensen gaan er graag heen voor de rust, maar de overheid kan zo een regio niet laten verkommeren, want dat betekent vluchten voor de verantwoordelijkheid.

Verantwoording, verantwoordelijkheid, het klinkt zo vaak en doorgaans in een sfeer van verdachtmaking en foutief gedrag, waardoor we vergeten dat wat doen ten goede ook onder onze verantwoordelijkheid valt. Tenminste, er zijn filosofen die menen dat we niet over verantwoordelijkheid moeten zeuren want wat we doen beslissen we niet zelf. Enfin, het hangt ervan af hoe men het bekijkt, want als er tussen mij en mijn brein geen directe lijn is, omdat het brein beslist voor je iets doet, dan blijft de vraag wat je brein doet beslissen, zoals zintuigelijke stimuli of hormonale stimuli. Komen we echt weer uit bij het cartesiaanse theater, de scheiding van lichaam en geest? Ik ben inderdaad mijn brein en erken niet te weten hoe dat bewustzijn en ook wel onderbewustzijn functioneert en toch, voel ik een hongertje, dan weet ik dat ik moet eten en als ik mij vergenoeg in een muziekje, dan is het omdat ik het geluid uit de boxen of beter nog, het gebeuren in de concertzaal herken als iets dat mij wel behagen kan. Zonder een iet of wat goed werkend brein, zintuigen, lijf dat het voedt is er niet veel. De scheiding van geest en materie, de ziel zo men wil kan men niet aanhouden. Dat betekent dus ook dat we vaak tot besluiten komen op een ingewikkelde manier waarbij redelijke afwegingen meestal de overhand houden, maar ook al eens doorkruist kunnen worden door wensdenken of angstwanen.

Waarom men - na een paar eeuwen strak geloof in de rede - , dat ons ook de ware vrijheid bezorgen zou, afgestapt is van de mogelijkheid van autonoom denken, tenzij het functioneren als een calculus, een rekenmachine ook als denken voorgesteld wordt,  blijft mij een raadsel. Intussen menen politici dat we er goed aan doen steeds meer ongemak veroorzaakt door asociaal gedrag te beperken door snelle reactie van de politie en justitie. In de VSA leidt dat de afgelopen maanden tot steeds meer gedocumenteerde gelegitimeerde moorden door de politie, waarbij de dader nauwelijks of niet verontrust wordt. De auteurs van de Federalist papers moesten het weten. Het komt mij voor dat op die manier de veiligheid niet gediend wordt noch de maatschappelijke rust en orde. De politici die op lokaal vlak maar ook landelijk tegelijk pleiten voor die vorm van politieoptreden en tegelijk de wapenwetgeving niet willen wijzigen - zonder daarom het Second Amendment op te schorten - dragen wel bijzonder veel verantwoordelijkheid. Ook de gedachte dat politie militaire bewapening nodig zou hebben, zoals in sommige staten al het geval is, laat zien hoe groot de verantwoordelijkheid van de besluitvorming wel niet kan zijn bij het afbreken van een gedeeld burgerschap.

Het is inderdaad op dat vlak dat verantwoordelijkheid maar ook het concept zonde in een seculiere context betekenisvol kunnen zijn. Het gaat om het weten zelf een redenering op te zetten waarin het risico meer dan denkbeeldig is dat het resultaat derden kan schaden. Een kind met een speelgoedgeweer benaderen en neerschieten, terwijl men niet eens een poging doet om het aan te spreken, of een man in de auto die niet eens de kans krijgt te laten zien dat hij ongewapend is, dat tart elke verbeelding, tenzij men zo van een veiligheidsdoctrine uitgaat dat elke burger sowieso gewapend is en dus verdacht. Waar is de rechtsstaat gebleven? Dat is een verregaande vorm van onttakeling van wat de VSA ooit groot heeft gemaakt. Dat was dan de verantwoordelijkheid van onder meer de founding fathers, die vrijheid, gelijkheid en broederschap met elkaar wisten te verbinden, beter dan het in Frankrijk is gelukt. Maar nu komt er dus meer dan de klad in.

Maar ook in het persoonlijke leven speelt verantwoordelijkheid en niet enkel in die zin dat wat we fout doen ons aangewreven kan worden, maar ook het goede wat we doen, onze verdienste dus, verdient opnieuw meer aandacht. Het kan zijn dat dit normaal is, dat het juiste of het goede doen, maar als men goed om zich heen kijkt, dan ziet men hoe iemand geloofd en geprezen kan worden zonder waarlijke verdienste, alleen de bereidheid meter of peter van een goed doel te willen zijn maakt iemand tot een goed mens. Natuurlijk verwacht niet elke mantelzorger een lintje van de koning, maar de impliciete erkenning, die blijft vaak uit. Verdienste erkennen, het vergt enige nederigheid, verdienste en verantwoordelijkheid van bijvoorbeeld een bedrijfsleider, enkele bekende figuren als Wouter Torfs of ... steekt schril af bij het voortdurende gedoe over de patroons of kleine middenstanders. Nu goed, de restanten van het pseudomarxisme zal men zo gauw niet opgeruimd krijgen. Laat nu het marxisme net een ideologie zijn die persoonlijke verdienste niet zo hoog inschatte, maar wel de personencultus steeds weer hanteert om het proletariaat, als dat al bestaat, te overtuigen en mee te krijgen. Echte verdienste van de brave burgers, daar zijn geen woorden voor.
Is men te meegaand als iemand betracht andere mensen het naar hun zin te maken? Of zou het goede samenleven vanzelf mogelijk blijken, zonder persoonlijke inbreng? Goed dat we kunnen nadenken over de ondraaglijke zwaarte van verantwoordelijkheid, we kunnen dat maar als we beseffen dat we ook het goede, de verdienste onszelf of een andere mogen aanrekenen. Het blijft gemakkelijker te zeuren over een rechtvaardige samenleving, vrees ik, maar rechtvaardigheid komt er niet vanzelf en zonder persoonlijke inbreng. Het is maar dat we ons afsluiten voor elke vorm van metafysica, in de zin dat we niet langer aanvaarden dat er in deze wereld, het immanente ook kwesties, dingen, fenomenen zijn die we niet altijd kunnen waarnemen of vastpakken, die ons en ons waarnemingsvermogen overstijgen. Dat hoeft niet te leiden tot blind geloof, wel kan het ons denken een extra dimensie geven.


Bart Haers


Reacties

Populaire berichten