Trump en democratie




Brief



Over democratie, macht
& besluitvorming


Brugge, 8 november 2016


Adelheid,


Een nieuwe bewoner komt eraan, op 20 januari
2017. Hoe groot zal over een aantal jaar
de ontgoocheling zijn? De economie in de
VS draait de laatste maanden, jaren al goed,
en toch, omdat de media die data niet doorgeven,
kon men blijven beweren dat het slecht gaat.
Wie bedot hier wie? Wij bedotten onszelf
graag. 
De gedachte dat men democratie nauwkeurig kan omschrijven en er de vele facetten glashelder van op papier kan zetten, zonder zich om de minder heldere werkelijkheid te hoeven bekreunen, vormt de kern van tal van debatten die men al dan niet democratisch gevoerd wil bevinden.  Men weet zich een idee te vormen van wat democratie zowat allemaal behelst en dus ook wat het niet is. Nu in de VS een demagoog de voorverkiezingen won en dicht bij de voordeur van het Witte Huis staat, moeten we ons toch wel weer buigen over waar het wel om gaat.

Het uitgangspunt van Francis Fukuyama kan ons helpen een aanname te onderzoeken of politieke orde en de concrete politiek onontkoombaar zijn, zoals men wel eens wil geloven. Elke samenleving ontwikkelt onweerstaanbaar een politieke orde en naarmate de samenleving groter, anoniemer wordt, zal de ontwikkeling van de politieke orde leiden tot nieuwe ideeën en vormen van macht, van soevereiniteit dus. Het is van belang te begrijpen dat het dus geen zin heeft te beweren dat we zonder politiek zouden kunnen, want er zal zich fataal een (nieuwe) politieke orde vormen. De vraag is dan waarom democratische ordening beter zou zijn en wat dat behelzen mag.

Ook hier vertroebelen aannames het beeld, want al sinds de jaren zestig is democratisch alleen wat het volk behaagt en wie dat volk is, blijkt altijd weer duidelijk, al wie zich niet bourgeois noemt en ook niet streeft naar burgerlijkheid, dus in wezen een elite, wel niet zo klein, groot genoeg zelfs om enig conformisme te cultiveren, maar alleszins niet de "gewone mens" die nu eens aan het hart gedrukt wordt en dan weer uitgekotst. Niemand tot het volk rekenen die iets te zeggen heeft, want het volk staat tegenover de elite, die van het geld, de ondernemingen en de macht. Maar de natie dan? Voor de authentieke marxist bestaat de natie alleen als een burgerlijk monstrum, voor de kosmopoliet vormt de staat een rechts complot. Maar zonder de diversiteit van de natie of samenleving, zonder de betrokkenheid van die leden die vooral verscheiden van aanleg en situatie zijn, qua kennis en humeuren, kan een samenleving niet functioneren. Het volk eenduidig en monolithisch bekijken, doet afbreuk aan wat de grondslag vormt van een democratisch bestel.

Over elitehaat had ik het al, omdat het me wel eens verbaasd waarom mensen zich hier ten onzent zo heftig tegen de elite kanten, terwijl ze vaak gevoed worden met inzichten die vanuit die elite opborrelen. Er zal om redenen van politieke ordening altijd een soort elite bestaan en de indruk leeft dat de kloof eerder wordt verdiept door allerlei commentaren die alleen sociaaleconomische aspecten in ogenschouw nemen. Armoede is een onrecht, maar rijkdom en welstand zijn daarom nog geen misdaad.

Van dezelfde orde is de aanname dat een democratie rechtvaardig is, maar dat de structuren verhinderen dat mensen die rechtvaardigheid ook ervaren, maar zou het niet kunnen dat wat rechtvaardig zou zijn afhankelijk is van de persoon maar tevens dat die ervaring van recht, onrecht, weinig te maken hebben met concrete beleving, maar vooral met een theoretische bejegening van wat gaande is. Nu men armoede-ervaringsdeskundigen aan het woord laat, wordt duidelijk, hoe pijnlijk dat stroomlijnen van die deskundigheid tot een verlies aan inzicht in de vele aspecten van armoede aanleiding geeft. Bovendien zal men zelden mensen horen of zien die door standvastigheid en met steun van anderen aan hun penibele omstandigheden zijn ontkomen. Onrecht ervaren aan den lijve is anders wel vernederend en verre van abstract. Maar ik hoorde onlangs een meisje vertellen bij "de bende van Annemie" die ondanks de vele vormen van achterstelling toch een beter leven vindt en dat dankzij ouders zelf en de leraren m/v die de scherpe kanten afronden als het op haar financiële - die van de ouders dus - achterstelling aankwam. Het blijft aan de andere kant ook wel opvallend genoeg dat men het zelden heeft over leerlingen heeft die ongemerkt en zonder problemen door hun leerplichtonderwijs ploeteren, soms intussen op andere terreinen een boeiend leven hebben.

Het volk en de middenklasse, dat lijkt ook niet compatibel, terwijl de Verlichting en de basisconcepten om tot een democratisch bestel te komen, toch vooral door aristocraten en burgers uit de middenklasse vorm gegeven werden. Het volk is niet diffuus maar de veelheid van individuen met elk hun unieke facetten leiden ertoe dat er in de samenleving wel meer ideeën en inzichten, soms verborgen, soms openlijk opgemerkt kunnen worden dan we via de media te zien krijgen. Activisten die buiten het parlement bezorgdheden aankaarten, kunnen vrijuit hun inzichten uiten en dat is goed, maar vaker dan nodig blijkt de tegenstem afwezig te blijven zodat een stem het debat kan bepalen, zoals in het problematische fenomeen dat racisme heet en waar we elkaar graag mee murw slaan. Die inwijking, volksverhuizingen zijn er om economische redenen gekomen, maar hebben geleidelijk iets gekregen van een impasse, waarbij de integratie net door nieuwe technologie, schotelantennes en ICT is afgeblokt, wat bijvoorbeeld de inworteling en acceptatie van een andere cultuur bemoeilijkte en nu voor spanningen zorgt. Merken we op dat in de geschiedenis vermenging van culturen tot stand kwam wanneer een elite ergens een bestaande orde overnam en vervolgens de cultuur van het land veranderde. Doch, bedenken we eveneens hoe de Mongoolse invallen in China tot een overname van de Chinese cultuur in ruime zin door de Mongoolse leiders heeft geleid. Doorgaans zorgen intense contacten, zoals in het Midden-Oosten voor wisselwerking, zoals Perzen een en ander overnamen van de Grieken en de Grieken dan weer bepaalde aspecten van de Perzische cultuur. De organisatie van zijn rijk ontleende Alexander de Grote aan de Perzen net als zijn poging om zijn overmacht vorm te geven aan de hand van voorbeelden die Darius ontwikkeld had, onder meer in Persepolis.

Een cultuur werd in de tijd van de natiestaten gedefinieerd door een taal, een geloof en een centraal gezag, dat al dan niet imperiale ambities had. Maar in een aantal landen, zoals België werd de rol van de vorst door de elites ingeperkt en het duurde niet lang of de Vlamingen begonnen plaats op te eisen voor hun taal en cultuur. Onder meer via de magistratuur, de rechterlijke macht en de praktijk van de advocatuur werd die democratiserende Vernederlandsing bepleit, maar het duurde allemaal behoorlijk lang. De taalkwestie was voor dit land vitaal, net als de plaats van het Nederlands voor de legitimiteit van het bestel cruciaal was. Hadden de liberalen in de eerste veertig, vijftig jaar een duidelijk overwicht in Kamer en Senaat, dan ontstond in de katholieke partijen - want een eenheid werd het pas na 1945 - zowel een richting die de Belgische eenheid ging verdedigen, maar vooral kwam er veel energie vrij binnen de katholieke samenleving een Vlaamse Beweging, maar we vergeten maar beter niet dat Vlaamsgezinde liberalen tot 1914 een grote invloed gehad, die nu uit beeld wordt gehouden. In die zin kan men de visie van Lode Wils best kritisch benaderen, want wie kan beweren dat de Daensisten en de oprichters van wat later het ACW werd, de Christene Werklieden conservatief of ruraal was en tot voor kort - twintig jaar? - ook Vlaams gezind.

Democratie betekent overigens, om redenen die we al zagen dat men mensen niet kan dwingen zich met het geheel, het algemeen belang in te laten of er minstens rekening mee te houden. Kijkt men naar het discours van den Donald Trump, dan merkt men dat hij niet enkel de verelendung van de "White Trash" - de term is wel degelijk heftig - al zal niet alleen die verarmde groep voor hem stemmen, oppikte, maar ook de idee van de zelfzuchtige mens graag hanteert, dat accepteert dat mensen al dan niet rationeel niet altruïstisch kan zijn. Sterk zijn en winnen, daar gaat het om. Dat minder welgestelde mensen dat oppikken mag niet verbazen, omdat ze ook in hun christelijke opvattingen vaak een boodschap verweven hebben gekregen dat god welgevallig is wie succes heeft en dus mag men veel uitvreten om de beste te zijn. Alleen verbrokkelt dit nodeloos de samenleving omdat men de politieke orde onderuit haalt.

In die zin valt het me altijd weer op hoe met onbehagen over de politiek altijd weer het onbehagen met het rechtssysteem opborrelt, vaak uitgespeeld wordt, tot men zelf in de mallemolen terecht komt. Bij ons is de onvrede over justitie opmerkelijk, al is duidelijk dat een aantal kenmerken van die onvrede zoals de problemen rond procedurefouten vaak te maken hebben met een voortschrijdende techniek, technologie die in het rechtsgebeuren nog niet goed geïntegreerd is geworden.  Maar er is niet enkel de technologische component, de wijze waarop men nu de toestroom van zaken wil beperken, aan de ene kant door meer op schikken te mikken, anderzijds door de toegang toch moeilijker te maken, maakt dat mensen de indruk krijgen dat recht vinden moeilijker is geworden. Wellicht is dat een geval van perspectief, want vroeger kwamen zogenaamde gewone mensen meestal wel met de strafrechter, zelden met de burgerlijke rechter in contact, terwijl nu mensen gemakkelijker hun recht zoeken in burgerlijke zaken. Edoch en het weze herhaald, op dit punt blijkt het debat over de hervorming van het gerecht altijd weer achterwege. De discussie over Assisen blijft woeden, maar het gaat om een relatief klein aantal zaken, terwijl bijvoorbeeld familierechtbanken voor veel mensen helaas van groter belang zijn en vooral de goede werking ervan. De klacht dat justitie traag werkt dateert uit de tijd toen de rechtssystemen rationeler werden, waarbij waarheidsvinding cruciaal werd in plaats van een arbitrair godsoordeel of gerechtelijk duel, maar complexe zaken nu vergen nog veel meer zorgvuldigheid in de procedures en laten ook toe dat onzorgvuldigheden onmiddellijk afgestraft worden, dat mensen denken dat ze niet op het gerecht kunnen vertrouwen. Maar bestaat er hierover meer dan een indruk? Krijgen we in de media echt informatie over achterop hollen van de rechtbanken? Twintig jaar geleden was het wel bij momenten een issue, maar nu lijkt men daar niet zo zwaar aan te tillen. Gaat iemand vrijuit op grond van fouten door de onderzoeksrechter of andere procedurele inbreuken, over de vraag of mensen die effectief met de rechtbanken te maken krijgen, bestaat er zo te zien weinig informatie in kwaliteitskranten. Toch is het vertrouwen in "het gerecht" van wezenlijk belang voor de democratie en de samenleving.

Wie luistert naar mensen als Thierry Baudet of naar de PVDA + merkt dat zij democratie herleiden tot het politieke bestel an sich en zo zonder meer de burger reduceren tot toeschouwer. In hun streven de soevereiniteit van de oude natiestaat of in het geval van de PVDA + - de Vlaamse neocommunisten - de arbeidersklasse opnieuw macht te geven, alle macht, negeren zij de inbreng van de burgers, die hen wel moeten volgen, ook groen gaat soms apert uit van dat evidente gelijk. Discussies over het functioneren van de democratie en over de mate van legitimiteit zijn belangrijk, maar als men dan gaat kijken naar inhoudelijke discussies, dan blijken die partijen en groepen inderdaad niet zozeer te willen overtuigen, dan wel dat hun verhaal het enige juiste en ware is. Dat men het geld kan halen waar het zit, dat de ongelijkheid toeneemt kan waar zijn, maar in het eerste geval is de vogel gevlogen voor men bij de schatkist komt en wat het tweede verhaal betreft, over de ongelijkheid, moet men wel goed de cijfers bekijken en de oorzaken goed onderzoeken. Zoals in de negentiende eeuw de staalbaronnen en spoorwegtyconen onmetelijk rijk werden, liet dat toe dat anderen meer dan een kruimel van de tafel konden oprapen oftewel dat de algemene welvaart steeg en meer mensen er zelf voordeel aan hadden. Het trustsysteem bleek corrupt, dat klopt, maar tegelijk is duidelijk dat er aan verholpen is, met antitrustwetgeving en omdat de voorsprong die sommigen hadden genomen door gewijzigde omstandigheden werden afgevlakt en omdat er nieuwe bedrijfstakken ontstonden, veranderden de verhoudingen verder, maar als de groei van bedrijven in de chemie en techniek toenam, dan werden er heel wat mensen beter van. Hetzelfde geldt voor de petroleumkoningen en mediafiguren, zoals Hearst, er is altijd ergens een punt waar het opgebouwde vermogen zichzelf begint te ondergraven, maar het algemene welvaartspeil blijft doorgaans hoog. Nu blijkt dat in de VS minder het geval voor wie werd opgeleid voor oude industrieën en het minimumloon mag verwachten er daadwerkelijk op achteruit te gaan. Maar ook daar zal men niet enkel met pure, rationele argumenten iets aan veranderen: winstderving accepteren om de omzet op te krikken? De tijd van Henry Ford II is al lang voorbij.  

In een samenleving kan men niet veronderstellen dat er geen politieke orde is, net als dat het ondenkbaar is dat burgers niet zouden arbeiden, werken, handelen om te overleven. Er is meer, men moet ertoe ook in staat zijn, onder meer door opvoeding en onderwijs, waarbij men best talenten kan ontwikkelen, al weet men zelden wat die mensen die een goede opvoeding of vorming kregen ermee zullen aanvangen. Hoe mensen zich verhouden tot het geheel, tot de samenleving, komt ook door opvoeding en vorming en ik denk dat waar de school vroeger nogal veel patriottisme inwreef, men nu over de staat en behoren tot de natie nog weinig weet aan te brengen. Waarom wetten transparant en voorspelbaar moeten zijn, wil men zich veilig voelen als men normale dingen doet, burgerlijk leeft dus, kan men dus maar beter eens aan jongeren uitleggen. Dat wetten ook wel eens een andere visie in zich bergen dan wij voor acceptabel houden, kan men ook maar beter ineens meegeven. Of de overheid zich met het intieme leven van mensen mag inlaten, met hun (slechte) gewoonten, is nog een andere kwestie.

Opvallend is dat men goed gedrag inzake gezondheid, voeding, beweging, middelengebruik, roken ziet als een zaak van staatsbelang, terwijl men in wezen bedoelt dat de kostprijs van ongewenst gedrag, haarfijn berekend blijkt. De vraag is of dat strookt met zoiets als zelfbeschikkingsrecht van de persoon. Men zegt dat gezond leven een rationele keuze is, maar wie zegt dat we altijd met zeker kunnen zijn wat rationeel is. Als het wiskundig klopt, zal er geen speld zijn tussen te krijgen, maar volstaat het passen in statistieken, in een Gauss-kurve opdat het rationeel zou zijn. Kunnen er goede gronden zijn voor een echtscheiding, voor een huwelijk worden die gronden niet gezocht en vertrouwt men op de romantiek. Toch is dat het probleem in het bestel, beste Adelheid, want als men zegt zich enkel op rationele argumentatie te willen steunen en men accepteert dat in een aantal zaken de rede van het hart de 'harde' rede niet begrijpt en omgekeerd, dan moet men ook nog in kaart brengen dat de rede zelf geen resultaten prefabriceert. Zie ik daarom af van het aanwenden van de rede? Geenszins, maar mensen handelen niet op grond van de rede alleen, maar doorgaans of in meerderheid redelijk, anders zou de chaos totaal zijn. Over de rationaliteit van het management van grote bedrijven blijkt men ook niet meer zo overtuigd te zijn, maar tijdens mijn opleiding bedrijfsbeheer vertelde een docent met gevoel voor drama dat in een mooi Frans. Het gaat erom dat men al langer weet dat de informatiebias voor manager niet minder groot is als voor het gewone volk, maar wie betaalt dat falen. Informatie is een zaak van verzamelen, maar ook van verwerken, van oordelen tenslotte en wie oordeelt aan het einde? Voor bedrijven en voor politici is het vaak aangenaam te geloven dingen in beweging te brengen en mediamensen kijken graag naar hun heldendaden of uitschuivers, maar vergeten dat we toch Reagan hebben gehad en Busch en de wereld heeft het overleefd. Reagan en Busch, hoe rationeel waren die?

Echter, dat beroep doen op de rede leidt vaak tot een impressie van totalitair handelen van de overheid, vooral als men de casuïstiek er helemaal buiten houdt. Een tabaksplan, een alcoholplan, terwijl bijvoorbeeld op vooralsnog onverklaarbare wijze het aantal gevallen van pancreaskanker toeneemt, terwijl nog maar eens moet aangestipt dat mensen ouder worden, veel ouder en in groteren getale dan ooit het geval geweest is, dat het drankgebruik en roken afneemt, komt mij totalitair voor. Men wil het tabaksgebruik helemaal uit de wereld helpen en zelfs alcoholgebruik moet er volledig uit. Dat zijn dus radicale doelstellingen en men moet zich afvragen of de overheid hierin de experten gezondheidspreventie echt kan volgen. Die experten hebben, zoals Richard Sennett het stelde, zelden uitstaans met het leven zoals het is, wel met een plan, een doel en een methode, zonder andere overwegingen in acht te nemen. Houden die lui die ons toeschreeuwen dat we geheelonthouders moeten worden zichzelf aan die regel? De vraag is retorisch, want ik wil noch hoef te weten wat ze uitvreten als ze afdalen van hun ivoren toren. Alleen mag duidelijk zijn dat die behandeling van kwesties mensen ergeren kan. Ook, jawel, ergeren mensen zich eraan dat de staat in het kader van alcohol en tabak niet streng genoeg is, niet radicaal genoeg. Even voor eigen deur vegen, toch?

Maar het punt is dat zo een overheid zelf gaat geloven dat ze alles moet oplossen met alle middelen en dat een ethische discussie uiteindelijk gaat over wat anderen doen. Roken is een misdaad, hoorde ik onlangs nog iemand zeggen, terwijl hij net verteld had hoe hij aan overdreven snelheid trajecten op de openbare weg pleegt af te leggen. Ik zal die man maar niet vertellen dat zijn acties onmiddellijke gevolgen kunnen hebben, want hij lijkt niet te begrijpen dat elke boete op zijn naam de overheid tot nog meer controles verleiden zal.

Daar uiteindelijk zal men de actuele malaise moeten plaatsen, Adelheid, in het begrijpen dat we niet alleen leven, maar dat samenleven meer is dan wetten respecteren alleen. Overigens, er gaapt nog een aardige kloof tussen respecteren van en zich onderwerpen aan de wet. De tweede houding laat toe het eigen oordeelsvermogen terzijde te schuiven, het eerste impliceert dat we zelf moeten toezien hoe de wet werkt en hoe men er aan voldoen kan of wil. Inkomsten aangeven en dus de belastingen betalen is een noodzaak voor het geheel, maar in de complexe fiscale wetgeving is het soms gemakkelijk te ontsnappen aan hogere aanslagvoeten, op legale wijze. Maar begrijpen we nog dat en hoeveel de overheid voorziet, van gezondheidszorg tot infrastructuur en rechtszekerheid. Instellingen falen zelden in ons bestel, individuele beslissingen kunnen wel fout zijn, al zitten er altijd nog filters op.

Met dat alles is nog maar eens duidelijk dat het geen goed idee is de democratische rechtsstaat zonder meer aan te vechten. Zelfs waardering voor de verzorgingsstaat lijkt mij aangewezen en ja, soms krijgt men op de politieke Bühne nogal wat geschreeuw en weinig wol. Maar de totalitaire aanpak van alcohol en zelfs tabak heeft in het verleden, denk aan de Prohibition in de VS nogal wat onheil veroorzaakt, zoals ook criminaliteit en de ontwikkeling van de maffia. Zo een benaderingen ondergraven het vertrouwen in de redelijkheid van de overheid.

De democratie verdedigen, ook als er al eens besluitvorming komt over domeinen waar men zelf weinig uitstaans mee heeft, maar waar andere mensen baat bij kunnen hebben op goede gronden, komt mij van het allergrootste belang voor. Tevens kan men er niet omheen dat in wezen onze waarden en inzichten dan wel niet samenvallen met de democratie als politiek systeem, maar dat die inzichten en waarden de democratie wel schragen en tegelijk zonder democratische ordening en rechtsstaat ondenkbaar zijn. Wie dus zonder meer de democratie geringschat of afwijst, vrees ik, bevindt zich in het kielzog van mensen die met geweld het bestel willen aanvallen en vernietigen. Democratisch politiek handelen impliceert ook dat men het beleid volgt en waar nodig geacht over voorstellen in de clinch gaat. In deze dagen die men donker pleegt te noemen, zal ik niet beweren dat optimisme een morele plicht is, want soms zijn er redenen tot scepsis over deze of gene kwestie, maar ten gronde is het wel van belang dat we ondanks kritiek op politici of instituties het geheel blijven stutten en steunen. Ik weet dat je deze gedachten wel kan onderscheiden en toch verwacht ik hier een daar wel een kritische noot. Over democratie en samenleving schrijven, denken, zal maar zelden exhaustief kunnen.

Hartelijk,

Bart Haers  

PS Hij is dus verkozen, Trump is President-elect en dat is het dan. De hele brief probeer ik uit te leggen dat de politiek ertoe doet, dat democratie als bestel ertoe doet. Maar ook, dat wij onze levens leven, zoals we dat het beste vinden. Al die grote woorden, tijdens de campagne, van observatoren, waren hol, zoals elke vier jaar het geval was en zal zijn. Sommige politici hier lijken meer te weten dan wij, maar helaas, ze kunnen net zo min door de spiegel heen kijken en de toekomst helemaal begrijpen. De media hebben den Donald ongemeen hard geholpen, door hem zoveel aandacht te besteden en de kiezers niet geheel ernstig te nemen. Herinner je 24 november 1991, toen velen de kiezers van het VB aanvielen, openlijk verachtten. Dat is me bij gebleven, want polarisatie is als het dansen van de tango, je hebt er twee nodig die elkaar afstoten en ook aantrekken.

tot gauw,


Bart    

Reacties

Populaire berichten