Niemand boven wetten verheven

Kritiek


Claire-obscure
Erkenning van onze duistere kant


Theodore Roosevelt was een zeer
roerig politicus, die zelden een gelegenheid
liet liggen om de dingen te veranderen. En
toch, hij zou als Republikein dezer dagen
wellicht ongemakkelijk worden van de
keuzes van de zittende president. 
Drie heren en een dame in een studie haspelen de week af en denken na over Trump, Rutte en de gang der dingen. Rik Torfs probeert Johan De Poortere aan het wankelen te brengen en meent dat men ook met mensen moet denken die onze mening niet genegen zijn. Werner Trio nodigt de volgende dag Peter Mertens uit en Marc De Vos, die van het begin af de visie van Mertens retorisch bekampt. Maar wat me opvalt is dat behalve Torfs de anderen een heilig vuur willen uitdragen van hoe de dingen horen te zijn. Torfs weet ook dat het niet allemaal gaat zoals het zou kunnen gaan, maar beseft dat men dan eerst onze aard stevig zal moeten omvormen en houdt teveel van mensen van vlees en bloed om daaraan te beginnen.

Natuurlijk zien we dat een aantal zekerheden wankelen, maar een mens schrikt er niet meer van op. Wel denk ik dat we beducht mogen en horen te zijn als het erop aan komt de wereld in winners en losers op te delen, gewoon omdat niet alles een strijd is, maar ook omdat we dan niet meer de mogelijkheden zien die zich aandienen. Ook dit is een poging om aan het eenduidige te ontkomen of aan het manicheïstische beeld van een alles omvattende strijd tussen goed en kwaad, van het volk tegen de elite, van macht tegen... tegenmacht. Maar hoewel men zelden over macht spreekt, vormt het een cruciaal thema waarover net met meer aandacht gesproken moet worden. Net omdat we altijd wel een politieke orde zullen kennen en het van belang is te weten waarom een democratische politieke orde, ook de vele bezwaren in acht nemend, nog altijd de beste garantie is voor particulier welbevinden. Ook het samenleven wordt bevorderd dankzij de rechtsstaat en het besef van mensen dat ze best ambitieus mogen zijn, maar niet ten koste van derden.

Heeft het wel zin te proberen een kosten-batenanalyse te maken van het democratische bestel, gezien het feit dat we weten dat Europa de afgelopen 70 jaar erin geslaagd is zowel stabiele welvaart, economische en technologische vooruitgang en internationale samenwerking te realiseren, dan blijft toch bij velen de vraag wat we er nu aan hebben. Alleen, men zal opmerken dat we de levensomstandigheden rond 1989, toen een pc nog niet in alle huizen te vinden was en gsm's wel bestonden, maar nogal veel gewicht te torsen gaven. De samenleving had dan andere zorgen, maar wat toen brandnieuw was, is vandaag verouderd. De DVD? Ga maar eens zoeken in tijden van VHS-beeldbanden. Op zich vormde dat geen probleem, we leefden met wat zich toen aandiende en leerden nieuwe instrumenten te gebruiken. Toen waren de jaren vijftig de middeleeuwen, nu denken we nostalgisch dan wel vol afgrijzen terug aan die tijd. Toch was het leven, de dagelijkse dingen en het wonderlijke niet minder verrassend en aangenaam dan nu, al denk ik dat zo apparaatje om info te vangen best wel onmisbaar is geworden.

Klagen over het gezeur op sociale media, zeuren over de onaangename reacties op fora van bladen, zodat die nu afgeschaft werden, dragen ertoe bij dat men onaangename waarheden verre van zich kan afhouden, maar tegelijk verliezen de bladen nu ook elk contact met die bladen. Zelfs behoorlijk genuanceerde inzichten krijgen geen plaats meer. Erger nog, als men kijkt wat columnisten vaak te vertellen hebben, dan spreekt daar vaker dan nodig een dédain uit voor wie niet zo bekend is, maar die laatste weet misschien wel  waar het over gaat, dédain tegenover iemand die dossierkennis heeft. Als mensen vinden dat de hoofddoek niet kan, dan vindt men dat onwelgekomen, onbehagelijk, maar zelfs als het onbetamelijk zou zijn, dan is het er wel. Wel moet men er zich rekenschap van geven dat vaak dat wilde geraas een pose is, om toch maar aandacht te trekken.

Kortom, we beschuldigen elkaar van leugenachtigheid, we menen dat anderen alternatieve feiten brengen en in het ergste geval heeft het niets met de zaak te maken. Men vergeet dat strijd om macht in de politieke orde een evidentie is, maar ook dat die strijd pas losbrandt als de verhoudingen zo gewijzigd zijn dat de zetelende elite aan betrouwbaarheid heeft ingeboet, of dat er nieuwe bewegingen het licht hebben gezien die de bestaande orde naar hun hand willen zetten. Wie dezer dagen luistert naar wat gezegd wordt, merkt dat de middenklasse pas nu echt verpletterd lijkt te worden tussen de verschillende soorten elites en het zogenaamde volk, want die middenklasse rekent op een overheid die haar verplichtingen nakomt en niet zomaar de boel onderuit haalt. Maar die middenklasse streeft niet (langer) naar macht, aangezien ze over financiële bewegingsruimte beschikt om te doen wat elkeen behaagt en betamelijk vindt. Toch zou wat nu gaande is, de middenklasse wel eens tot een meer assertieve houding kunnen bewegen.

De losbandigheid van figuren als Murdoch, Trump en anderen, die de indruk wekken te geven om het welzijn van deze mensen die nu door de elites in de steek gelaten zouden zijn, vergeten zouden zijn door de weldenkende gemeenschap, terwijl hun belangen ergens liggen waar deze mensen wel iets over weten, maar er nooit toegang toe krijgen, zoals golfterreinen en andere investeringen. Losbandigheid is hier wel gepast, omdat deze heerschappen geen enkele moeite doen de indruk te wekken doordacht te handelen.

Men kan ook denken dat het om losbandig gedrag gaat, aangezien we niet weten welke hogere belangen ze dienen, vooral niet wie ze schade berokkenen. Weten we nog wel dat het UK de drijvende kracht was achter de versnelde aansluiting van de nieuwe lidstaten bij de EU in 2004, terwijl lang niet alle landen aan de Criteria van Kopenhagen konden beantwoorden. Men begrijpt dat hier een compromis is gesloten, waarbij onder meer Duitsland en de Benelux de grenzen voor werknemers uit de nieuwe lidstaten slechts voorzichtig hebben geopend en enkel verplicht waren pas vijf jaar later de grenzen voor werknemers uit de nieuwe lidstaten helemaal te openen. De Britten hebben deze manoeuvre opgezet - zeggen kwatongen - om Europa een hak te zetten. De drie criteria hebben te maken met het democratische gehalte van de instellingen, de economische open en vrije markt  en tot slot meewerken aan de doelstellingen van de EU...

Vertaald naar Amerika, ziet men dezer dagen in Californië stemmen opgaan uit de federatie te stappen en ook Texas droomt zo te zien alweer van secessie. In Europa zelf zijn politici als Victor Orban en Zeman in Tsjechië er geen graten in de opvang van vluchtelingen mee te boycotten, maar nu hun Oostgrenzen weer bedreigd worden, blijken ze toch weer bereid met Europa te praten. Nu, dat kan men begrijpen en niemand moet dat opportunisme veroordelen, want zo werkt politiek vaak genoeg. Gezond opportunisme is een voorwaarde voor politieke orde en vreedzame co-existentie, wat dan weer burgers ten goede komt.

Stelden we hoger dat strijd om de macht binnen een democratisch bestel tot de orde der dingen behoort, dan is het wel zo dat ook de overheid, de prins bij wijze van spreken niet boven de wet verheven is. De rechtstaat, de volksvertegenwoordiging en de uitvoerende macht houden elkaar, als het goed is, in evenwicht. De vierde macht controleert doorgaans vooral de uitvoerende macht, maar gaat niet altijd kijken hoe het ambtelijke apparaat de opdrachten uitvoert en dat zorgt voor verregaande vormen van begripsverwarring, omdat kritiek uitbrengen op individuele politici,  niet altijd toelaat te zien dat het apparaat wel behoorlijk functioneert. Soms wekken politici dat ze het afkunnen zonder ambtenaren, maar als die in de knoop raken, komt dat doorgaans voort uit het feit dat politici hen, de mensen die voor de werkelijke uitvoering instaan tegenstrijdige signalen en opdrachten geven. Soms leidt dat ertoe dat politici zichzelf in de voet schieten, omdat ze niet kunnen leveren wat ze beloven, meestal blijft de aftocht met de stille trom voor diezelfde politici de beste tactiek.

Om maar te zeggen, als u en ik op een en ander aan dienstverlening vanwege artsen en ziekenhuizen mogen rekenen en dat we doorgaans, soms na een lange gang door de procedures recht vinden. Veel is bereikt op verschillende domeinen en het klopt dus niet dat ons systeem uitgewoond zou zijn. Toch lezen we dat dag na dag, terwijl we de indruk hebben dat het allemaal spaak loopt. Natuurlijk kan men Oosterweel niet echt aanvatten, omdat de wetgeving klagers veel mogelijkheden biedt en omdat er in het parlement nog altijd geen consensus is gevonden, alhoewel die er was, in 2003, over de noodzaak en de uitvoering van Oosterweel.

Het is niet omdat men erkent dat het systeem behoorlijk werkt, dat er geen grond voor kritiek zou zijn, maar dat zal nooit over het bestel zelf zijn, de (gecorrigeerde) vrije markt met veel ruimte voor particulier initiatief. Vandaag zien we een vorm van revolutie zich voltrekken, die linkse mantra's invullen, maar niet per se met aandacht voor de belangen van zij die er het meeste nood aan hebben, zoals het beperken van de verplichting voor werkgevers in te tekenen op Obamacare: 22 miljoen mensen zouden eerlang weer de toegang tot betaalbare gezondheidszorg verliezen. Hoe valt dat te rechtvaardigen? En toch noemen mensen die er gebaat bij zouden wezen dit socialistische politiek.  
Wanneer mensen nu zeggen dat ze denken dat een president neergeschoten mag worden, omdat hij precies de bestaande orde  onderuit wil halen en de waarden en normen van de burgerlijke samenleving terzijde schuiven, menen dat hij de slimste van de posse is, dan refereren zij aan standrechterlijke lynchpartijen van boeven en dieven. Intussen blijft men zich afvragen hoe iemand met een reputatie op het vlak van bedrieglijke faillissementen en het oprichten van een nepuniversiteit, die veel inschrijvingsgeld vroeg en geen georganiseerd onderwijs verstrekte, op steun van mensen kan blijven rekenen.

Conclusie moet zijn dat wie onze werkelijkheid alleen in zwart en wit weet te schetsen en de werkelijkheid keer op keer geweld doet, onze regeringsleider niet kan zijn. Wij evenwel kunnen niet stemmen voor de president van de VS, wel voor mensen als Le Pen, genoemd in onfrisse financiële zaken, Geert Wilders, die geen partij wil om niemand verantwoording verschuldigd te zijn en al die andere Frauke Petri's, die schietbevelen uitspreken, alsof ze 1989 vergeten zijn.

Een democratie vergt verschillende benaderingen en als er consensus bereikt is, dan zal men zich aan dat besluit houden, tenzij er goede, harde argumenten worden ingebracht. Maar de overheid zal er zich voor hoeden maatregelen te treffen die individuen en groepen treffen, zonder dat deze aan de maatregelen kunnen ontkomen. Men zal zich niet verheven achten boven de wetten en daar hebben ook linkse politici zich de afgelopen decennia wel aan bezondigd, waarbij de goede inzichten in de praktijk heel anders uitpakten, eens ze uitgerold werden. Het Matthaeuseffect speelt in meerdere domeinen, ook als de wetgeving doelen moet dienen die men sociaal noemt. Alleen grondig onderzoek en alert ingaan op signalen, zoals een fractievoorzitter liet blijken toen hij de tegemoetkomingen bekeek voor wie zijn of haar auto laat ombouwen zodat ook op aardgas gereden kan worden - maar dat meestal niet gebruikt. Dat is afleiding van overheidsmiddelen voor eigen gebruik tegen de geest van de wet in.



Bart Haers 

Reacties

Populaire berichten