Normaal doen of brave zijn 't en is geen gave



Dezer Dagen




Wat is het, normaal doen?
Geinterioriseerde normen en waarden


Jort Kelder maakt al enkele jaren een gesmaakte,
hilarische reeks over etiquette en hoe het uit de
kan lopen, omdat we de regels te letterlijk
nemen dan wel onszelf een pose aanmeten.
Normaliteit heeft met etiquette te maken
in zoverre we ons via goede gebruiken
beschermen tegen lomp en bot
gedrag, als het teveel aan etiquette al niet
leidt tot bot gedrag. 
Ik vond dat ik van politici mag verwachten dat ze zich normaal gedragen zullen, maar ik moet dat toch nog wel even uitleggen, want niet iedereen lijkt goed te weten wat normaal gedrag is. Maar ik denk dat we allemaal wel eens willen uit de band springen en dat anderen ons dan vriendelijk doch dringend verzoeken: "doe eens normaal". Waarom?

Normaal gedrag is gedrag dat we van een persoon verwachten en dat niet stoort. Zou aantrekkelijk of behagend gedrag dan niet normaal uitpakken? Soms wel, dan weer niet, omdat we bijvoorbeeld overdreven vriendelijkheid net zo storend plegen te vinden als botheid. Het gaat erom dat we graag in onze waardigheid erkend worden, maar ook menen we dat afstand houden passend moet heten. Het is ook nooit goed, denkt u dan, maar ga het maar eens na bij uzelf, mensen met wie u niet intiem omgaat, mogen wel voorkomend zijn, teveel vriendelijkheid of ronduit bot gedrag aanvaard u niet. Zo is de discussie of men altijd iedereen een hand moet geven, enigszins misplaatst, omdat er omstandigheden zijn, waar men inderdaad beter niet de hand kan uitsteken, terwijl het ook zo kan zijn dat de andere persoon nogal misplaatst de hand reikt. Beleefdheid is het een hand te geven, maar er zijn omstandigheden waar het ondoenlijk is iedereen die men op die plaats ontmoet de hand te geven. Maar als een vrouw liever geen hand geeft, omdat zij zich volgens haar geloof niet als rein kan beschouwen, dan zal ik dat aanvaarden. Men moet zo een dingen wel weten. Omgekeerd, als een jongeman een vrouw geen hand wil geven, omdat ze een vrouw is, in een officiële context, dan ontstaat er wel enige verwarring. Sommige mensen vinden dat zo een mensen hier niet thuis horen en dus maar beter kunnen oppleuren.

Daar wordt het verhaal wat bizar, want voor zo een vergrijp iemand verbannen uit zijn of haar vertrouwde kring, lijkt mij vreemd. Kan men, zoals Martha Nussbaum stelt proberen in transitie te gaan, dan is het nog de vraag wat een goed antwoord zal zijn. Zij ontkent niet het nut of de goede grond van woede en zeker in het middendomein, waar men voortdurend de indruk zou kunnen hebben, dat men miskend wordt, past net enige afstand en een stoïcijns geduld, al zondig ik daar wel eens tegen. Maar goed, het dispuut met de suppoost is door het museum en mezelf goed aangepakt, al was mijn middag wel verknald.

Normaal doen? We verlangen en verwachten het niet alleen van anderen, we vergeten vaak wel eens aan die eis te voldoen. Hoe Heurt het eigenlijk? Wie zal het zeggen, maar etiquette in acht nemen kan voor vervelende situaties zorgen maar het tegendeel zorgt doorgaans voor chaos. Etiquette inroepen om zich te onderscheiden, om zich superieur te tonen komt wel belachelijk over, maar een beetje vriendelijkheid en oplettendheid kan nooit kwaad, want waar het op aan komt, zou men denken, is dat mensen zich wel bevinden als ze met elkaar in contact komen. Dat wil zeggen dat we respect aan de dag weten te leggen en met een compliment iemand op zijn of haar gemak stellen en naderhand vernemen dat die persoon het aangenaam heeft gevonden.

Hoe vaak evenwel gebeurt het niet dat men bij het opstappen op de bus bijna van de sokken wordt gelopen door iemand die zich nog net wil voorwringen. Als je dan niet reageert, met een lakonieke opmerking, dan denkt zo iemand dat het altijd mag. Doch, ook op de weg komt men wel eens nare omstandigheden tegen, van mensen die niet uit onoplettendheid, maar botweg uit minachting voor andere weggebruikers voor een slakkegangetje kiezen op een gewestweg of een rondpunt oprijden, net voor je neus en je haast niet kan remmen, wegens gladheid. Dat is onbetamelijk gedrag dat doorgaans voor meer ongerief zorgt dan een paar km te snel te rijden als de omstandigheden er zich toe lenen.

Omdat we evenwel zeker willen zijn dat alles zich voordoet zoals we het willen en omdat we niet van verrassingen houden, beleven we het vaak genoeg dat mensen elkaar onheus bejegenen en dat de pleger zich van geen kwaad bewust is, of net wel. Dan zie je wel eens een opstootje, want degene die de onheusheid moet ondergaan, wil ook niet altijd over zich heen laten lopen - vergetend dat hij of zij ook wel eens de kantjes eraf loopt.

Laten we dus wel wezen, laten we aannemen dat onze alertheid niet altijd optimaal is en dat we soms eens onachtzaam zijn, zodat we dat ook van anderen kunnen aanvaarden. Een vrouw valt met haar fiets over de al te oneffen liggende kinderkopjes. Een jongeman met wortels in een ander deel van de wereld stapt op haar af, vraagt of ze zich pijn heeft gedaan en helpt haar recht. Omdat dit niet wil lukken, roept hij de spoeddiensten erbij en na tien minuten komt een MUG-voertuig aangereden en een ambulance. De dokter had meegekregen dat de oproeper had gemeld dat de vrouw niet op haar been kon staan. Hij keek naar de jongeman, begon de vrouw d'r been te bevoelen en toen de jongeman zegde dat ze pijn had aan de knieschijf, keek de arts verrast op. Enfin, na tien minuten was die vrouw op een brancard in de ambulance gereden, had de jongeman beloofd de fiets bij de dame aan huis te bezorgen. Ik had alles vanuit mijn appartement gezien, was ook naar beneden op straat gegaan en stelde de jongeman voor mee te lopen, ik wist dat ze niet zover weg woonde en vond dat er misschien nog misverstanden konden ontstaan.

Haar dochter deed de deur open, wist nog van niets want had de oproep van haar moeder niet gehoord. Eerst hield ik me afzijdig, maar toen die jongeman de fiets wilde overhandigen, werd ze boos. Hij had haar geduwd. Ik keek haar aan, bedroefd zegde ze later, dat die jongeman best okay was, terwijl ze dacht dat hij haar ook nog eens iets kwam aftroggelen. Omdat de auto niet zo ver stond stelde ik haar voor dat ik haar naar Sint-Jan zou brengen. De jongeman nam afscheid en we zaten amper in de auto of ze verontschuldigde zich tegen mij, dat ze echt dacht dat hij de foute was. Ik zegde haar dat de jongeman bij d'r moeder was gebleven tot de ambulance haar had weg gebracht. Hij wachtte blijkbaar tot ik zou vertrekken, maar zij stapte uit en ging zich verontschuldigen. Een glimlach en een joviale groet en weg was hij.

Om kort te gaan, mensen doen soms domme dingen, maar als iemand vriendelijk en behulpzaam is, als het nodig is, hoognodig, dan zijn we daar niet op bedacht. Het gaat er hier niet om een romantisch beeld op te hangen, maar die jongeman, een Pakistani, was gewoon uit zichzelf op zijn stappen terug gekeerd. Later vernam ik van de dochter dat hij haar nog eens een briefje in de bus had gestopt om te vragen hoe het met haar moeder ging. De grap was dat zij, dat meisje niet veel later met vreugde zegde dat ze een vriend had. Dus toch een romantisch verhaal?

Mensen zijn, zo zegt Martha Nussbaum enorm gevlast op blijken van respect en hebben een kort lontje als iemand hen in hun ogen tekort doet. Maar vaak zijn ze niet, zijn we niet met te weinig respect bejegend, maar zit dat in ons hoofd, zoeken we een reden om boos te wezen. Het punt is dat we in het middendomein juist wel vormelijkheden kunnen hanteren, als een vorm van transitie, net om te vermijden dat we elkaar op de zenuwen werken. Erkennen dat we zelf wel eens onoplettend optreden, mag niet doen vergeten dat we ook wel eens bewust grof uit de hoek te komen, omdat we daar een reden denken voor te hebben. Misprijzen laten blijken kan evengoed desastreus uitpakken.

In die zin denk ik dat we meisjes en vrouwen die de kledingsnormen van hun godsdienst respecteren, of denken die te respecteren, wel eens op de zenuwen kunnen werken omdat we er niet mee overweg kunnen. Waarom zou een god vrouwen verplichten hun sieraden te verbergen? Een rationele argumentatie is er niet voor. Maar die regel heeft vooral betrekking op de verwachting dat mannen hen niet te na zullen komen, maar zo een hoofddoek en overdreven verhullende kleding maakt hen natuurlijk nog meer tot vrouw. Mannen zullen een (vreemde) vrouw heus niet zo snel lastig vallen, behalve als het hen ontbreekt aan minimale opvoeding en beschaving. Tja, enige begeerte kan altijd wel de kop opsteken en kan zelfs even een wellustig gevoel opleveren, maar zolang er geen intieme band bestaat, kan men ervan op aan dat een man zo een vrouw die bij hem in het oog springt niet zal bespringen.

Het probleem dat religieuze voorschriften oproept is dat we dezer dagen de logica van die voorschriften niet meer snappen noch aanvaarden. Dat tweede is van een andere orde, want we aanvaarden die voorschriften niet omdat wij min of meer onthecht zijn geraakt van de oude moederkerk en dat levert ook wat op, want we hebben minder last van gewetenswroeging. Doch, denk ik dan, ook onze samenleving kent taboes, kent normen die we niet overschreden willen zien. Ooit was er een tijd dat professoren wijsbegeerte vonden dat men pedofilie niet mocht veroordelen, terwijl vandaag mensen heel erg beducht zijn voor hun kinderen dat er zij het slachtoffer van zouden worden. Zij hebben gelijk dat niet te willen, maar hebben we wel een zicht op de kans dat dit voor kan vallen? Pedofilie linkt men aan roofdiergedrag, maar als we criminologen volgen, dan zijn de personen die tot daden overgaan niet in de eerste plaats pedofielen, maar wel mensen met andere aandoeningen, mensen die geen remmingen aanvaarden van hun lusten. Het is geen geheim dat mensen nu opgejaagd worden, omdat kranten en websites hen brandmerken. Omgekeerd blijven er zich gevallen van zware mishandeling en seksueel misbruik voordoen in de intieme kring, omdat mensen er wel in slagen hun geheimen goed te bewaren.

Normaal doen? Ik weet het niet, maar ik denk dat het recht op excentriek gedrag ook wel het verdedigen waard is. Excentriciteit kan op de zenuwen werken, maar is wellicht de beste garantie dat mensen zich al eens durven uit te leven, op een Bühne of in een kamertoneel. We hebben ruimte nodig om wat we niet ernst kunnen zeggen toch kwijt te kunnen. Verbazend is het dan ook dat rechtsgeleerden vonden dat roken in het café zonder wc voor dames apart verboden moest worden. We leggen om evidente redenen anderen onze inzichten op en zijn verdwaasd als men er geen pap van lust. Een betere wereld, een beter leven, maar leven zonder genoegen, leven in geheelonthouding, geen drank meer, geen roesmiddelen meer, geen bedwelmende woorden meer, alleen zaken, alleen inzichten van droogstoppels, zo is het leven wellicht wat minder waard. Het voordeel? We weten dat er als iets gebeurt, dit het werk is van verwarde mensen, mannen of vrouwen die het even niet meer weten.

Het is dus zaak de ruimte weer te veroveren, waar het onverwachte kan, waar mensen met grote vaardigheid hun verbeelding laten spreken. Een snuif  Rik Wouters en veel Gustave van de Woestijne, maar toch, het mag iets van deze tijd wezen. Daarom moeten we niet teveel belang hechten aan wat normaal is, maar wellicht wel aan wat wreedaardig overkomt en dat moeten we niet willen. Maar niet enkel de machteloze is wreed, integendeel, de echte wreedheid komt van macht in handen van kleine luiden. Macht is belangrijk, want het is niet zo dat we er graag over spreken, doch, macht bezweert, bedwelmt en overweldigt, vooral voor wie ernaar hunkert.

Daarom, beste Mark Rutte, "doe eens normaal", kan geen goed devies zijn, want teveel normaliteit doodt alle leven. Normaal gedrag opleggen zonder verantwoording of uitleg heeft weinig zin. Mensen ruimte geven om van hun leven iets te maken wel. Natuurlijk vind ook ik het verschijnsel hangjongeren niet altijd prettig, maar storen doen ze ook niet. Normaal gedrag is niet enkel paternalistisch, in deze tijden van interseksuele situaties, van mensen die tussen culturen balanceren, kan het hardvochtig vasthouden aan normaliteit de openbare orde niet echt bevorderen. Waar het op aan zal komen is jongeren hun weg te laten gaan en discreet te ondersteunen. Fanatisme is geen goede zaak, maar men haalt niemand over tot meer genuanceerde inzichten, als men hen niet de rijkdom aan mogelijkheden laat zien. Als liberaal (en anarchist in gemoede) denk ik dat jongelui best wat ruimte kan geven. Alleen als men het contact verliest, zal men weinig meer kunnen dan repressief optreden. Normaal gedrag afdwingen via repressieve actie, daar had Michel Foucault gelijk, kan nooit overtuigen.



Bart Haers 

Reacties

Populaire berichten