Europa, subsidiariteit en burgerschap




 Kritiek




Europa is een feit
Morgen komt ook langs




De voorzitter van de Raad? Donald Tusk als
beeld, het was moeilijk kiezen, want ik
dacht even de gebouwen in Brussel of anders
het hotel in Taormina te kiezen, dan wel het
handvest, maar ja, het blijft abstract. 
Ik schreef al vaker over Europa, omdat het nu eenmaal de context is waarin politieke besluitvorming tot stand moet komen maar er is meer, dat met het hart en de gedachten te maken heeft, dan puur rationele afwegingen. Europa is een project, waar ook burgers al decennia achter staan. Maar wie iets steunt... krijgt minder exposure dan wie tegen is.

Een verjaardag van het handvest van de EU vieren is voor de een gelegenheid om Europa af te breken en te zeuren over een superstaat. Wat in Godsnaam zou in een democratie een superstaat moeten verbeelden. Tenzij je natuurlijk als overheid zondigt tegen een basisregel dat de politiek de wetgeving dicht moet plamuren. De tragische staat, de superstaat kan nooit alle mogelijk ongevallen voorkomen en dus moet men niet telkens de staat verantwoordelijk stellen. De idee dat een overheid iets kan bereiken zonder steun van de bevolking, moet men ook terzijde laten, maar is het wel zo dat Vlaamse, Nederlandse, Franse of Duitse burgers/kiezers massaal tegen Europa gekant zijn? Zelfs in Polen, Tsjechië, zelfs Hongarije, kan men mensen vinden die de EU genegen zijn, die aan het Europees college kwamen, komen studeren en begrijpen dat het allemaal niet zozeer fantastisch is - zoals hen in 2004 was voorgehouden - maar wel een New Frontier die we moeten oversteken. Partijen die het houden bij de open markt, vergissen zich wat de aard van de EU betreft. Die EU begon met het Frans-Duitse samenwerkingsakkoord (1950) en het Benelux-verdrag (1948), waarna men de Europese Gemeenschappen van Kolen en Staal heeft opgezet, ook Euroatom is er gekomen en de Europese Defensie-Unie kwam er niet omdat in Frankrijk een nieuwe premier plots niet verder wilde. Aan Duitse zijde was er een onverschrokken Rijnlandse politicus, Konrad Adenauer die Duitsland, sinds 1949 de Bondsrepubliek, vormde en aan het Westen wilde binden en het gevolg was dat met veel soebatten uiteindelijk in 1957 een Unie werd opgericht, maar zeer bescheiden koos men voor de benaming "Europese Economische Gemeenschappen".

In 1979 zouden er voor het eerst rechtstreeks verkiezingen voor een Europees parlement plaats hebben, maar dat Parlement was voor sommige kandidaten en commentatoren onvoldragen, omdat het parlement geen initiatiefrecht toegemeten kreeg. Voor de betrokkenheid van burgers was die eerste verkiezing een aanjager, maar ik heb het nog nergens gelezen, geen studie die de publieke sfeer beschrijft toen noch over hoe in 1979 partijen binnen de lidstaten een groots verhaal brachten. Luuk van Middelaar beschrijft in zijn boek "De passage naar Europa" hoe Leo Tindemans gedurende jaren mee aan de weg getimmerd heeft, wat betreft de vierde wand. Het publiek diende echt betrokken te worden bij het publiek. Zoals Geert Bourgeois eens zegde, was hij in zijn jeugd en jonge jaren betrokken bij de Brugmanskringen, waar over Europa gesproken werd. Mijn vader was ook zo een voorstander van Europa, niet kritiekloos, maar wel zeer betrokken.

Waar haakte ik dan mijn karretje aan? Als student merkte ik dat het identitaire debat al begon te leven, maar ook dat er een rijk en toch verengend kosmopolitisme de kop op stak. Ik denk ook aan de kwestie van de raketten, waar politici, media en activisten van de strijd een Belgische rakettenkwestie maakten. Natuurlijk, het was de regering, gesteund door een meerderheid in het Parlement die diende te besluiten over de plaatsing van Kruisraketten - in Florennes - maar het was dan toch een NAVO-besluit - dubbelbesluit: onderhandelen en intussen werken aan de plaatsing van die middellange afstandwapens ter massavernietiging. Die nationale soevereiniteit was evident en tegelijk zag ik niet goed in waarom de Europese staten, met Duitsland en Frankrijk - dat toen geen deel had aan het militaire apparaat - niet gezamenlijk besloten. De betogingen door de Vredesbeweging werden door grote massa's gevolgd, maar er is wel eens sprake geweest van inmenging uit Moskou uit Oost-Berlijn. Natuurlijke wilde ik geen oorlog, maar ik had toch liever gezien dat men er een Europees beleid van maakte - al had Moskou daar nog meer problemen mee gehad.

Het ging mij dus toen al over Europa als politieke eenheid. Vanaf 1991, toen de Europese Gemeenschappen met de onafhankelijk geworden staten oostelijk van de Elbe voor nieuwe veiligheidsvragen kwamen te staan. De vraag was en is: hoe kan Europa in deze tijd, waarin de VS politiek slagzij aan het maken is en Rusland onder leiding van Vladimir Poetin kiest voor macht en de sterke hand van de Leider, voor een autocratisch bestuur - dat nota bene 100 jaar geleden in de februari-revolutie is afgezet - de veiligheid en de welvaart van de burgers verzekeren? De vraag is hoe dit democratisch kan: hoeveel "macht" heeft zo een staatkundige structuur dan nodig?

Men kan zeggen dat Europa een kwestie van instellingen was en is, maar voor zover ik het heb beleefd, was Europa ook een zaak waar we het hebben over juist de beleving van de EU als iets waar we bij betrokken zijn. Beleefd? Ervaring? Juist, als je in 1988 in een Brusselse Franstalige hogeschool Bedrijfsbeheer volgt en tegelijk lessen krijgt over de ontwikkelingen tijdens die periode, met de Europese acte, die Delors erdoor had gekregen en waardoor de markt eengemaakte werd, dan besef je hoe dicht je bij het gebeuren komt. Nochtans schreven de media toen hoe doods Europa wel niet was, terwijl verduiveld Schengen was ingesteld en dus ook het vrij verkeer van kapitalen, goederen en Markten in de steigers werd gezet. Na de val van de Muur en van de Sovjet-Unie diende Europa zich verder te ontwikkelen en met een gracieus spel van Whealen en dealen  tussen regeringsleiders  - voor meerdere volgers was er weinig gratie te bespeuren - kwam men tot het verdrag van Maastricht in 1992 waaruit dan weer nieuwe discussies voortvloeiden. Via Vlaanderen Morgen, de werkgemeenschap rond Hugo Schiltz, kreeg ik dan weer meer inzicht over de spanning tussen de Communautaire aspecten gevat in de Commissie en de intergouvernementele benadering, via de raad van Staatshoofden en regeringsleiders. Het liet duidelijk zien dat complexiteit juist de betrokkenheid van lidstaten en indirect van burgers kon bevorderen, maar dat was nu net wat nagelaten werd onder de aandacht te brengen.  

Het is van belang te beseffen - zoals ik al zo vaak te berde bracht - dat de hoofdsteden, regeringen en regeringsleiders democratisch verkozen zijn. Marine le Pen of Geert Wilders beginnen dan te spreken over de getaande legitimiteit van dat parlement omdat daar een hele hoop burgers niet gehoord zouden worden. Zij pleiten graag voor referenda, maar dan kan dat alleen op grond van een burgerinitiatief, anders wordt het een plebisciet, want als het de regering is die een referendum uitschrijft omdat zij zelf geen beslissing durft te nemen dan wel juist een beslissing ondersteund wil zien, ontstaat er een probleem. Macht speelt een centrale rol in de politiek, maar die kan berusten op autoriteit of op gezag. Men moet wel opletten want we hebben de neiging het begrip autoriteit te verbinden met de notie autoritaire bewindsvoering, wat net op macht gebaseerd is.

Hannah Arendt had het erover de autoriteit te verbinden met haar algemene concept van vrijheid, waarbij de vrijheid van mensen maar ontstaat tussen de ruimte tussen mensen. Zij kende uiteraard de gevolgen van de machtsgreep door de Nazi's voor Duitsland en ook Adenauer kende die. In Frankrijk heeft men de Gaulle wel eens verweten teveel een autoritair leider, een militaire despoot te willen zijn, vooral zijn toenmalige tegenstrever en latere opvolger Mitterand heeft die verwijten vaak geuit, maar toch was de Gaulle best bereid de regels van de democratie te aanvaarden, behalve op een punt, want hij koos vaker dan nodig voor het plebisciet. De legitiem geachte regering die ook als zodanig ervaren wordt, kan besluiten nemen in goed vertrouwen dat burgers die besluitvorming zullen erkennen, zodat men dan kan zeggen dat de regering over gezag beschikt.

Om de betekenis van Europa goed te vatten, moeten we wel begrijpen hoe de uitkomsten telkens weer bij de mensen kwamen, zoals bijvoorbeeld de idee van Europese autowegen, die volgens gedeelde kwaliteitsnormen werden ontwikkeld. Nu is dat wegennet stricto sensu geen project geweest van de EG, maar men moet wel vaststellen dat deze gemeenschappelijke onderneming in Europa vandaag van Londen tot Kiew een E-weg, de E-40 de grenzen al langer overstegen. Met precies Schengen verdwenen de douane-kantoren aan de grenzen, waardoor je plots domweg de grens bij Aken of Kortrijk oversteekt. Er staan borden over verkeersregels en een welkom, maar betekenis heeft het alleen op het vlak van de smaak van het brood en de gesproken taal.

Wie Europa afwijst, zo sprak de zeer oude Helmut Schmidt, is een barbaar en dat is me wel bijgebleven. Maar zou ik me als burger minder betrokken voelen, omdat ik niet weet wat er bedisseld wordt. Dat is in een parlementaire democratie nu eenmaal zo dat we achteraf net wel weten wat de conclusies en uitkomsten zijn, ook beleidsdocumenten en de debatten kunnen nalezen of horen en zien. Verkiezingen in de lidstaten zijn vaak - door media en populisten - herleid tot nationale problemen. Toch zijn vele kwesties, ook omtrent vluchtelingen en Frontex, waar regeringen over moeten gaan en in Brussel de consensus of toch het meerderheidsstandpunt moeten verdedigen. Terecht klinkt de kritiek dat politici in Brussel de EU steunen en in de eigen hoofdstad zeuren over de EU. De regeringen hadden het zeer moeilijk het agentschap dat de grensbewaking van de Schengenzone handen en voeten te geven, want men dacht aan nationale soevereiniteit in te boeten, waardoor bij het begin van de vluchtelingencrisis Frontex niet bij machte was de toebedeelde rol op te nemen en naar behoren te vervullen.

Kunnen we onze jongeren dat Europa afnemen, dat ons welvaart schonk en ons toeliet enigszins uit ons provincialisme  te treden, mede dankzij het uitstekende onderwijs in Vlaanderen? Ik denk dat men van de politiek vaker oplossingen verwacht die Europa niet kan bieden, maar ook de natiestaten kunnen dat niet. Stellen dat de politiek tegenover de Grieken fout was, laat onverlet dat het land de verplichtingen niet meer kon voldoen. Goed, het was zo dat Europese banken en ook wel enkele Amerikaanse de instrumenten hadden bezorgd om schulden op te stapelen. Verder was Griekenland institutioneel en ambtelijk een waterhoofd geworden, want elke regeringswissel deed het aantal ambtenaren toenemen en de oude mochten blijven zitten. De verantwoordelijkheid lag bij de regeringen, maar veel mensen die niet tot het parlement en de regering behoorden, hebben wel het onderste uit de kan gehaald. Maar noch het IMF noch de raad van de Eurozone-ministers hadden voldoende gezag al werden ze wel aangesteld om het internationale, respectievelijk Europese muntsysteem in stand te houden.

Wellicht is het probleem dat we verwachten dat de macht, het gezag van die instituties objectief zou zijn, terwijl er een arbitraire kern aan ten grondslag ligt. Europa zelf is dus een arbitrair bestel en wie het verdrag ondertekent, onderkent dat aspect. Politici en commentatoren die dat arbitraire karakter afwijzen, onderkennen niet dat ook de natiestaat per se ipsum een arbitraire want historische kern heeft. Europa bestaat overigens nog altijd uit soevereine natiestaten die besloten hebben, wat de zes stichtende leden aangaat, hun soevereiniteit te delen en zoveel als mogelijk en noodwendig gezamenlijk op te lossen. Er is ook veel gerealiseerd, maar, hoeveel kritiek men ook heeft op het Poolse bestel dezer dagen, op Hongarije ook, men kent er de eigen verantwoordelijkheid van: onder druk van het UK zijn tien lidstaten voortijdig lid geworden van de EU, landen die onvoldoende aan de Criteria van Kopenhagen beantwoordden.

Europa was dan ook bij uitstek een politiek besluit en ja, dus mag er ook kritiek aangedragen worden. Maar niemand kan alleen met objectieve argumenten aankomen, want het was en bleef een keuze van politici die naderhand ook door opeenvolgende regeringen werden gesteund. Niet ui gemakzucht, mag men hopen, maar omdat het gezamenlijke beleid over grondstoffen, industrie, landbouw en visserij voor burgers geen windeieren legde. De Britten hadden een punt toen ze de Europese landbouwpolitiek te duur vonden, de grootste ontvangers van de Landbouwsteun ging wel naar de elite, onder meer de Koninklijke Familie. Bij ons had de landbouwpolitiek zowel gunstige gevolgen als ook wel een verdere afbouw van kleine landbouwbedrijven. Maar specialisatie bracht vaak soelaas en maakte een bedrijf leefbaar.

Kan men beweren, zoals sommigen doen, dat men ook bij de oprichting van de Euro en de eurozone vergissingen heeft begaan, dat men ook de hand gelicht heeft met criteria, dan kan men evengoed stellen dat de financiële crisis niet in Europa ontstaan is maar hier wel brokken heeft gemaakt, eerst omdat banken dreigden om te vallen en vervolgens landen. Men heeft publieke middelen ingezet om banken te redden, omdat ze te groot waren om te laten vallen. In de VS zijn steden als Detroit failliet gegaan... maar de kritiek op Europa, Dijsselbloem en anderen was bikkelhard, maar was die ook eerlijk? De redding van Fortis, van Dexia, zelfs van de KBC en ING is al lang vergeten in hoofde van politici en commentatoren, maar dat die banken gered werden, ten behoeve van het algemeen belang, was zonder de internationale structuren niet mogelijk geweest.

Dan moet men de dumping op de arbeidsmarkt tegengaan, maar niet zo lang geleden in de Colruyt stond ik aan te schuiven en een vrouw vroeg mij of ze met haar twee stukken die ze bij had niet voor mocht gaan en ik was eens coulant, maar we raakten aan de praat, want ik hoorde een duidelijk accent, dat uit Polen bleek te komen. Om de een of andere reden wachtte ze tot ik ook had afgerekend en bleven we nog wat praten. Ze was een jaar of drie eerder naar België gekomen, had voordien al een poging gedaan om aan het Europacollege een jaar te volgen maar dat was niet gelukt. Met allerlei jobs kon ze hier overleven en ook wel studeren, want dat wilde ze vooral. Het besef dat ze in Polen niet uit de cocon zou geraken is intussen bewaarheid geworden en ze werkt hier in een onderhoudsploeg maar wil hogerop. Wellicht, zal men zeggen is dat een atypisch verhaal, maar nu ze de taal kent is ze een opleiding zorgkundige begonnen waar ze dus vooral in haar vrije tijd mee bezig is. De bedoeling is later ook een opleiding verpleegkunde te volgen, want dat blijkt mogelijk. U zal begrijpen, dat zij, die jonge vrouw, best wel de voordelen van de EU ziet, maar ook dat ze haar eigen weg moet gaan en de mogelijkheden aanwenden die het bestel voor haar in petto heeft. Zoals men het wel eens hoort: kansen grijpen.

Daar gaat het nu om als het politiek betreft: we willen dat politici alles glashelder uittekenen zodat wij zonder horten en stoten onze weg kunnen gaan. Maar teveel regels maken het moeilijk voor mensen om hun weg te maken - te weinig maakt het wel onmogelijk - zodat politici best nadenken over hoe ze met nieuwe regels omgaan. Geen enkele partij ontkomt aan de neiging nieuwe regels te vestigen, omdat het bestaande niet afdoende zou zijn. Ik denk dat de Noodtoestand, zoals die in Frankrijk is afgekondigd en al twee jaar geldt geen goed antwoord is. Alle kritiek ten aanzien van het beleid van de regering Nethanayu ten spijt en zelfs op aspecten van de Staat Israël, heeft Israël een manier gevonden om de veiligheid te verzekeren zonder dat in het oog springt. Hier wil men er alles aan doen te tonen dat men de veiligheid ook zichtbaar verzekeren kan en dat roept problemen op. Natuurlijk dient men er veel aan te doen om aanslagen te voorkomen, maar dat men dan nieuwe beschikkingen wil, een noodtoestand, moet men toch begrijpen als een machtsoverschrijding. De reden is, zoals Carl Schmitt dat uitlegde, dat wie de noodtoestand kan uitroepen de macht heeft. In een democratisch bestel moet men juist die ultieme macht niet in het leven roepen. In Frankrijk deed men dat wel, maar de Vde of zo men wil de Vde en een halve Republiek heeft door teveel (machts-)politiek veel gezag verloren. Het is duidelijk dat men in het parlement geen enkele aanslag zal voorkomen, wel dat men de diensten de middelen geven moet om de nodige opzoekingen te doen. Maar wij hebben het gezag de wacht aangezegd en iedereen uit, spuit kritiek ten aanzien van het bestuur. Nu goed, we moeten kritisch blijven, maar niet elke kritiek is even goed gegrond. Wat ontbreekt is dat als gevolg van de kritiekcultuur de andere kant afwezig bleef en blijft: hebben wij belang bij een status quo van het bestel - dus niet betreffende nieuw beleid, wel betreffende instellingen en middelen in handen van de overheid om problemen op te lossen? - dan moeten we dat bestel ook volmondig ondersteunen.

Ook inzake Europa komt de gedachte maar zelden op om voor Europa als pleitbezorger op te treden. Tinneke Beeckman schreef eens een column onder titel "zonder "wij" geen Europa" maar dat maakte niet zo heel veel los, terwijl het wel een fundamentele gedachte is. Ook in haar werk "Macht en Onmacht" kan men aanzetten vinden tot een burgerschap, dat meer is dan een ontvangen van weldaden. Die weldaden van de welvaartstaat moet men niet onderschatten, kan men niet onderschatten. Maar het blijft wel onduidelijk waarom mensen als prof. Dr. Hendrik Vos van Europa een politieke speeltuin maken. Bovendien gaat hij er steeds van uit dat zijn publiek alleen maar een toeschouwer van een Europese politiek zou zijn. Goed, we willen wel eens weten wat er voor ons in zit, maar de voortdurende nadruk op de onmiddellijke baten zullen we toch aandachtig moeten overzien, want zoals Beeckman het wel vaker met goede argumenten omkleed stelt is dat men lid moet willen zijn van de polis en niet enkel in een "do ut des"-verhouding tot de politiek staan. Overigens, de Romeinen hadden in hun municipium, hun stadstaat binnen het rijk heel wat bij te dragen en dat lieten ze graag in marmer graveren voor de eeuwigheid. Burgerschap in Middeleeuwse steden als Brugge en Gent betekende ook, soms via conflicten deelnemen aan de macht en de oude machthebbers werden al eens vadsig. In haar boek over macht en onmacht, over hoe de bijl aan de wortels van de Verlichting werden gelegd, niet enkel door de terreur, maar ook door complotdenkers en denkers die er vooral op uit zijn de splendeur van hun theorie te laten uitkomen en elke kritiek negeren, legt ze uit dat we zelf moeten proberen op grond van denken en - mag ik eraan toevoegen - aanvoelen van wat goed is, passend is, onze houding te bepalen.

Dit burgerschap veronderstelt ook dat men burgers betrokken weet bij de besluitingvorming en de beste mogelijkheid blijft dan de toepassing van het subsidiariteitsprincipe. Voor het Romeinse Keizerrijk was het niet anders mogelijk zoals ook de kerk in tijden van moeilijke verbindingen veel aan de lokale kerken diende over te laten. De absolutistische koningen ontdekten dat het wel mogelijk was te besturen op eigen gezag, bij de gratie Gods en Louis XIV voerde dat, geholpen door Colbert ten top. Bijna alle utopische machtsfantasieën gaan uit van centraal bestuur, behalve bij Ayn Randt, die juist het slechten van regels voorstaat. Nazi's waren geneigd alle macht in handen te nemen, maar stimuleerden - zolang het conform de regels was - dat mensen zelf zouden denken wat ze konden doen. Stalinisme rijmt dan weer op autocratisch bestel. Het is precies pas in een goed werkende democratie mogelijk burgers toe te laten bij het beleid betrokken te zijn en het subsidiariteitsbeginsel ten volle werkbaar te laten zijn. Ook de EU gaat van die gedachte uit, maar vaak stelt men het anders voor, dat de EU een superstaat wil zijn. Dat dit niet zo is, doet er niet toe. Voor ons burgers is het ook gemakkelijker, de EU als een moloch voor te stellen, terwijl de macht zeer gefragmenteerd is. Alleen heeft men het Europese burgerschap niet goed weten uit te bouwen, of moeten wij ons dat aantrekken?  

Het is dus wat Europa nodig heeft, mensen die begrijpen dat autonomie van belang is, van individuele personen, maar dat die personen maar weinig gedaan kunnen krijgen als ze er alleen voor staan, als ze denken het alleen te moeten klaren. Mijn generatie is opgegroeid met de idee van autonomie, maar dan, zoals Susan Neiman het stelt, in een egocentrische positie, terwijl er over burgerschap weinig werd nagedacht of gesproken. De overheid diende sociaal rechtvaardig op te treden, maar of daarbij die autonomie in het gedrang werd gebracht, bleef buiten beeld. Europa is ook een verhaal van burgerschap en die les zou men, zestig jaar na de ondertekening van het Handvest in Rome moeten onderkennen. Dat betekent dan dat ik enige betrokkenheid kan voelen bij de burgers in Bordeaux, Alcala de Henares of Krakau, Lübeck en Siëna... Het is ook aan Burgers van de EU om vandaag even een dansje te wagen en de vrijheid, de vrede en de stabiliteit die de Founding Fathers bevestigd hebben vreugdevol te herdenken.


Bart Haers  


Reacties

Populaire berichten