Tweede Kamer is geen speeltuin



Dezer Dagen



Verkiezingen en beleid
Het politieke  begrijpen

De besluitvorming krijgt in een parlementaire
democratie het definitieve akkoord en dat hangt
van de meerderheid af, doorgaans, want soms
wordt  er een kamerbrede consensus gevonden.
Politiek gaat over macht, maar ook over
samenwerking en vertrouwen. 
Geert Wilders won niet en dat moet ons wel voldoening geven, want de man, ooit medewerker van Frits Bolkestein en liberaal, weet niets meer te vertellen, maar men kan hem ook niet meer situeren: hij wil de pensioenleeftijd op 65 jaar houden of terugdraaien en hij wil ook het eigen risico uit de zorg, bij ons noemen we dat remgeld en dat aandeel neemt ook toe, al kan men er niet zomaar een oordeel over vormen, want er verschuift van alles zodat het beeld niet meer helder is. Dat is nog het meest opvallende: Wilders wil eenvoudige oplossingen, terwijl de omstandigheden best complex blijken. De vraag is dus: wat is er gebeurd?

Een eerste gedachte die bij me opkwam, toen ik na negenen de exit-poll zag verschijnen, niet zonder technische haken, was dat de Nederlanders dan wel niet massaal op Wilders hebben gestemd, maar dat tegelijk een nieuwe kwestie op de proppen kwam: wat willen we/ze nu wel? Thierry Baudet zou twee zetels halen en die was uiteraard euforisch, terwijl de partij van Samsom en Lodewijk Asscher echt wel zwaar afgerekend worden. Omdat ze met Rutte hebben bestuurd? Of omdat ze een (neo-)liberaal beleid hebben vorm gegeven? Dat laatste zou kunnen, als duidelijk was wat neoliberalisme impliceert. Feit is dat men de regering Rutte II overdreven zag besparen, terwijl België er niet goed in slaagde de begrotingsproblemen op te lossen, maar wel niet zo diep weg was gezakt in de economische crisis: minder werkloosheid en meer tekorten. Maar het welvaartpeil werd niet aangetast en daar schieten sommige commentatoren toch door, want hoewel mensen wel de gevolgen van de beleidsveranderingen hebben gedragen, kon men toch merken dat het leven verder zijn gang ging. Een punt verbaast me nog steeds en dat is de organisatie van (thuis-)zorg voor oudere patiënten en langdurig zieken. Hugo Borst maakte er het afgelopen jaar nog een zaak van. Ik hoorde Emiel Roemer wel telkens weer de zorg vernoemen, maar hij had, zo lijkt het mij, geen goed verhaal, betoog, waarmee hij mensen kon overtuigen, terwijl de reorganisatie wel iets in beweging gezet heeft. Ook de bladen gingen niet kijken hoe het met de zorg en de handen in het huishouden en aan het bed gesteld is. Men ondernam pogingen, maar in de zorg kan alleen maatwerk echt soelaas bieden, maar administraties en organisaties willen net duidelijkheid en eenvormigheid. Toen een grote aanbieder van thuiszorg omviel, heeft een andere ondernemer gepoogd de mensen op het terrein terug de regie in handen te geven en dat bleek beter te werken, terwijl de overhead werd beperkt, wat de betaalbaarheid zeer ten goede kwam.

Men kan moeilijk beginnen spreken over de islamisering van Nederland, als men niet meer kan of wil benoemen wat men zelf wil, want ik had steeds weer de indruk dat Wilders en Baudet ook niet houden van wat de nieuwe tijd brengt en bijgevolg blijken zij utopische nostalgici. Het verhaal van de identiteit, het moet gezegd, blijkt vaak een zeer selectieve lezing van de geschiedenis te verbergen. Niet voor niets verwijst het Front National te pas en te onpas naar de Maagd van Orleans, Jeanne d'Arc, terwijl de partij haast niets zegt over het Frankrijk van tijdens de Wereldoorlogen. Andere partijen spreken overigens niet zo vaak over de onderwijswetten van 1905, die mee de mentale eenmaking van Frankrijk bevestigde. Toch bleek in 1936, toen de volksfrontregering er kwam, dat de weerstand bij katholieken en Action Française kwam. In België valt het sinds WO I niet meer mee een unitair nationaal verhaal te brengen, met dank aan de politieke en vooral de legerleiding, die elke politieke activiteit in de loopgraven verboden, maar ook bijvoorbeeld het geven van onderwijs door goed geschoolde onderwijzers en academici aan weinig geschoolde soldaten. Angst voor insubordinatie en muiterij, want ook in andere legers loerde gevaar op opstand rond. Maar men kan deze geschiedenis niet vertellen, omdat men een ideaalbeeld wil behouden, in België geldt dat voor de belgicistische en voor de Vlaamsgezinde, maar ook voor de Waalse regionalisten. Geschiedenis functioneert dan niet in functie van de waarheidsvinding en dat is wat men iemand als Thierry Baudet voor de voeten werpen moet en dat valt nauwelijks voor.

Deze verkiezingen is het me nog eens opgevallen, hoe de Vlaamse media er voortdurend van uitgaan dat wij nooit of weinig met de Nederlandse samenleving en cultuur omgang zouden hebben, terwijl iedereen die dat wil naar NPO 1, 2 en 3 kan kijken en ook naar de radio kan luisteren. Ik heb deze ook keer ook genoten van de remake van het Lagerhuis, waarin Paul Witteman een groep mensen, burgers met elkaar liet debatteren en daarbij ook nog eens de lijsttrekkers aan het woord liet. Maar men kon er nog meer zien, zoals een hele reeks over de IJzeren eeuw, de Industriële revolutie en de sociale gevolgen, waarbij men wel eens de clichés tegen het licht hield.

Deze verkiezingen gingen over veel, zoals dat bij verkiezingen hoort en sommige issues komen vanzelf bovendrijven, maar zoals men kon zien, ging het ook over betrouwbaarheid en inderdaad, de perceptie bleek van meer gewicht dan de werkelijkheid. De kwestie is dat we ook na afloop van deze campagne van vele partijen alleen een paar gedachten overhouden, maar een samenhangend verhaal, dat vindt men dan in een programma, waar ook de pers weinig over zegt. In Nieuwsuur werden die programma's wel uitgebreider belicht, maar waar men zo hoffelijk is de kandidaten hun eigen issues te laten kiezen, blijft men als kijker wel eens verbaasd omdat men zelden de consistentie van zo een programma en de werkbaarheid ervan onder de loep neemt. Terecht leggen partijen hun becijferde programma's voor aan het Centraal Plan Bureau, wat toelaat hemelbestormers van realisten te onderscheiden, maar als D'66 veel aandacht besteedt aan het onderwijs, dan nog had men kunnen onderzoeken in welke mate D'66 iets heeft met bijvoorbeeld Beter Onderwijs Nederland en hoe ze aankijken tegen de onderscheidenbeleidsplannen van de partijen. Zo blijkt D'66 te gaan voor de brede school, maar wenst de partij aan de andere kant leraren meer autonomie en sturing in handen te geven, want dat blijkt allemaal wat te bureaucratisch te zijn uitgewerkt en daar zijn voor de leerlingen de dupe van. Over dat debat hebben we niet zo heel veel gehoord.

Zelfs als het over  Europa ging, bleef het gesprek oppervlakkig: in of uit. Excuseer, maar dat is wel echt gemakzuchtig van de media. Sommige partijen menen voor Europa te kunnen zijn, maar niet dit Europa, terwijl ze in Brussel erg actief zijn in het Europees parlement. Nu goed, men kan vinden dat de instellingen van de EU niet naar behoren werken, maar wie heeft dat dan ook eens grondig uitgelegd. Juist, Thierry Baudet al helemaal niet. In zekere zin zeuren we met genoegen over fake news, zetten we fact checker aan het werk en verder valt er niets te vernemen over wat men in de toekomst kan doen en hoe we Europa daarbij kunnen inzetten Want dat is cruciaal: een politiek bestel laat partijen en politici toe doelstellingen te realiseren, waarbij er tussen doel en resultaat altijd wel een verschil zit omdat anderen ook hun invloed hebben, maar een goed overlegd besluit biedt de beste garantie op een realisatie en soms willen mediamensen in dat overleg inbreken, maar zijn ze niet gespecialiseerd genoeg om er zelf iets zinnigs aan toe te voegen. Maar goed, over Europa werd gesproken, maar te weinig aandacht ging naar de vraag hoe men met Europa iets kan realiseren. Er zijn mogelijkheden en daar is de regering van de lidstaat cruciaal, niet enkel de Minister-president maar ook de vakministers. Gelukkig krijgen die ministers in het Nederlandse parlement de kans met brieven de kans hun beleid uit te leggen en opdrachten mee te krijgen.

Bijgevolg kan men best zelf af en toe eens kijken naar de website van de Tweede Kamer, maar mediamensen moeten toch net op dit terrein zorgen voor betrouwbare informatie, zodat mensen weten dat Europa op een aantal terreinen, bijvoorbeeld inzake milieubeleid en bijvoorbeeld het belang van nieuwe materialen heel veel heeft gedaan. Moet Europa ggo's in voeding blijven tegenhouden of onderzoek steunen naar de omvang van de risico's, als die er inderdaad zijn.

Wat opviel tijdens deze campagne was dan toch, naar mijn aanvoelen, dat de partijen toch probeerden te vertellen wat ze wensen te realiseren en hoe ze dat samen voor elkaar kunnen brengen. Jesse Klaver wilde vooral een linkse regering te vormen maar goed, nu verliezen de linkse partijen 18 zetels en dat is wel veel. Ook viel op dat PVDA en SP van Roemer echt wel met elkaar in competitie waren, maar wellicht klopt het beeld van het oude socialisme wel. Het gevolg is wel dat we vandaag wat de kracht van het verhaal betreft, nagenoeg nergens terecht kunnen, want als we iets vernemen, zijn het hapklare brokken, maar na verloop van tijd blijken  die brokken dan toch niet samen te hangen - waarbij men wel kan betogen dat wat op het ene terrein geldt in andere domeinen zeer nefast zou kunnen uitpakken. Aangezien de kiezer niet duidelijk gekozen heeft, maar zeer divers - en dus bestaat de kiezer niet, zelfs niet als abstractie - moet men vaststellen dat vooral centrumpartijen in de gunst kwamen waarbij men dus bleek te zoeken naar een rustiger politiek klimaat. We verwachten een pragmatisch beleid, waarbij we zullen genieten van de show van Jesse Klaver in de Tweede Kamer maar verder hopen kiezers zo te zien dat het allemaal wat meer voorspelbaar is dan de laatste jaren de indruk werd gewekt. Overigens, wie het beleid van Rutte II doorheen de legislatuur heeft gevolgd, kan merken dat er in de aanvang door werd gedouwd, maar vervolgens begon men het beleid te laten werken, begon ook de economie te hernemen en nam de werkgelegenheid opvallend toe. De discussie over flexwerk blijft doorgaan, maar het ziet ernaar uit dat de werknemers wel eens kostbaar kunnen worden en dat ondernemer hen liever vast in dienst nemen, vrezende hen anders te verliezen aan een andere werkgever. Alleen, die veranderingen waarbij beleid en markt op elkaar inspelen en de markt er bloeiender uitziet dan velen het willen voorstellen, kan dat ook mee het resultaat  van de verkiezingen verklaren: de PVDA wilde af van wat ze vier jaar had gerealiseerd en dat heeft zich gewroken. Men kon niet verantwoorden zonder dat beleid te verraden. Voor politici is dat een tragische positie.


Bart Haers

Reacties

Populaire berichten