Wat met de aanslagen van 22 maart



Reflectie



1 jaar later
Niet alle puin kon geruimd



De moord op Willem de Zwijger, prins van Oranje,
voorheen steunpilaar van Karel V, onder Filips II
werd hij het gezicht van de Opstand en deed hij
beroep op de geuzen, bos- en watergeuzen, die
eerder als vrijbuiters te werk gingen. Op 2 april
1572 verloor Alva zijn Bri(e)l. maar dat het
recht op opstand bestaat werd toen wel
erkend. Want dat recht bestaat en dat moet
in de discussie over radicalisering meer plaats
krijgen. 
Vloeken in de kerk? De aandacht aan de herdenkingen in Zaventem en Maalbeek kan voor sommigen niet groot genoeg zijn, voor anderen gaat men over die schier onzichtbare lijn van het welvoeglijke. Maar dan blijft de vraag wat particulier, privaat en persoonlijk is, wat publiek moet heten. Kunnen we ons verdiepen in het persoonlijke leed zonder ons aan voyeurisme schuldig te maken?

We beleven een tijd van herdenken die in een moeite door een bestaansreden voor journalisten en media lijkt te zijn geworden en daarbij wordt al te vaak gekozen voor het laaghangend fruit. Een jaar geleden was ik mijn verhuis aan het voorbereiden en dacht ik er slechts later op de dag aan dat een nichtje die ochtend naar China zou vertrekken. Tegen de avond vernam ik dat alles in orde was, maar dan wel door dom toeval en een beetje landerigheid van mijn nichtje om in de auto van d'r vader te stappen. Geen nieuws, goed nieuws, wist ik weer. Maar het heeft wel even geduurd voor ik ervaren kon waaraan zij en bij afgeleide mijn schoonzus en de andere kinderen waren ontsnapt. Een hele groep atleten, acrogymnasten zou naar China vliegen om daar een WK te betwisten. De groep uit Deinze was goed vertegenwoordigd en er zaten, toen mijn broer in Zaventem toekwam al mensen te wachten in de Starbucks, achter een muurtje. Mijn broer moet na 7:58 am toegekomen zijn. Het onheil was al geschied.

Toen enkele maanden later de club, die dus een gouden, een zilveren en een bronzen medaille hadden gehaald hun driejaarlijkse avondvullende show opzetten, werd er niet gesproken over de bijna miraculeuze redding van de atleten  en ook de Vlaamse minister van Sport kon zich niet voor een avond vrijmaken. Niettemin, afgezien van het toeval dat de hele groep op 22 maart rond 8:00 am afspraak had gemaakt in de vertrekhal van Zaventem, is er, denk ik de grote inzet van deze jongeren om tot 20 uur per week te trainen, zeker ook tijdens de schoolvakanties. Ook in Ronse hebben ze een satellietclub, zodat men de sociale betekenis van die club nauwelijks kan onderschatten. Neen, acrogym is geen Olympische sport, maar het valt wel voor dat oudgedienden en internationale medaillewinnaars bij shows van Cirque du Soleil terecht komen. Ik denk dat de minister dan een kans liet liggen om te laten zien dat 22 maart iets betekende. Zoals hij ook had kunnen laten zien dat een organisatie als Sportac Deinze iets betekent, net zoals al die sportclubs in Vlaanderen waar brede recreatie en gedreven topsport met elkaar verzoend worden.

De herinneringsagenda raakt overval, maar dat gaat om een publieke agenda en ik denk dat men daar omzichtiger mee omspringen kan, in elk geval zou men toch meer tact aan de dag kunnen leggen, want voor elke gebeurtenis een groots en met pump and circunstances omgeven herdenking organiseren, wordt lastig. Eerder deze maand werd het zinken van de Herald of Free Enterprise herdacht, waar vele doden vielen, maar het ongeval was veroorzaakt door een fout van de bemanning en dus van de kapitein. In augustus zullen we nog maar eens herinnerd worden aan Pukkelpop en de gasontploffingen in Gellingen, er vallen ook nog treinrampen te herdenken in Buizingen en bij Pécrot...

Wat zouden we dan vergeten wat Kim de Gelder uitrichtte in Dendermonde en de raid van Hans van Temsche in Antwerpen, waar een klein meisje en haar oppas het leven lieten. Verder zijn er dan de aanslagen, in het Joods museum, aan het Stade de France, de Bataclan en rue Voltaire en dan... de aanslagen in Londen, het Madrileense station Atocha, waar een paar dagen voor de verkiezingen een zware aanslag met tien bommen werden gepleegd. Anders Breivik mogen we ook niet vergeten.

De eerste aanslag waar ik van weet, omdat ik het zag op televisie, was de raid van de Zwarte September op de Olympische spelen in München tegen de Israëlische delegatie. Na veel discussies, vooral achter de schermen, werden de spelen verder gezet. Naar ik onlangs vernam waren veel Duitsers toen niet echt opgezet met het verderzetten van de Spelen, omdat dit voor de Israëli de indruk wekte dat de dood van die atleten op Duitse bodem van geen tel was. Ook zou men elkaar nog eens in stilte een groet brengen aan de slachtoffers, maar mijn zegslieden zegden dat dit gebeurt zonder officiële inbreng. Die herdenkingen zijn er ook, maar verloren aan urgentie.

Natuurlijk is het goed dat we een gebeurtenis als de aanslagen van 22 maart 2016 nu herdenken, niemand zou het begrijpen als men de datum in stilte liet voorbij gaan. De minuut stilte is een ding, het overdenken van de omstandigheden waarin dit mogelijk werd, blijft nog een ander verhaal en daar blijven we vaak steken bij noties als radicalisering en preventie, terwijl het probleem wellicht dieper zit. Men kan er niet omheen dat mensen niet zomaar moorden, een klein aantal uitzonderingen niet te na gesproken. Moorden om goederen, geld zou men dan nog enigszins kunnen begrijpen, moorden om ideologische redenen ligt al weer heel anders. Wie de verhalen van de RAF in herinnering heeft, omdat ze op het nieuws kwamen, zal begrijpen dat Andreas Baader, Gudrun Enslinn en ook Ulrike Meinhof op enig moment grenzen waren overgestoken die hen in hun beleving overtuigden dat de doden die ze achterlieten de goede zaak dienden. Morele overwegingen? Men kan maar beter proberen het proces van bewustwording en de argumentatie te vatten, want onze maatschappelijk aanvaardde morele normen zijn niet van tel voor hen. Het doel kan de middelen heiligen, denken wij brave burgers soms, maar terroristen zien geen andere uitweg dan door geweld hun visie op te leggen aan u en mij.

Maar er zijn maatschappelijke noodzakelijke voorwaarden en er zijn er ook persoonlijke, waarbij de ingesteldheid van de persoon cruciaal blijkt. De redenen waarom iemand tot geweld overgaat om een ideëel doel te realiseren, het huis van de Islam vestigen bijvoorbeeld, kan men niet zomaar bij elkaar harken en de meeste terroristen zullen het ook niet vrijwillige vertellen, net omdat zij het persoonlijke van ondergeschikt belang achten.

De maatschappelijke voorwaarden waarom mensen zich voor zo een hoger doel tot geweld bereid tonen, zal men ook goed moeten onderzoeken, want het hangt uiteraard af van de blik waarmee men én naar de wereld én naar het eigen ideaal kijkt. Het mag duidelijk zijn dat wij maar moeizaam tot die benadering van de werkelijkheid kunnen doordringen, omdat wij uiteraard - ten overvloede dus - met een gematigde, liberale blik naar mens en samenleving kijken. Misschien komen de mensen die vanuit ecologische overwegingen naar een proefveld trekken om aardappelen te vernietigen er nog het dichtste bij. Alleen, doorgaans zijn die milieuactivisten goed opgeleid en dat kan men niet beweren van jihadi's, al waren de kerels die een passagiersvliegtuig in de WTC-torens aanvlogen niet laag geschoold. De kerels van Charlie Hebdo, de joodse winkel en ook Maalbeek en Zaventem waren home grown terroristen en werden vanuit Syrië aangestuurd.

Andreas Breivik dan? Die was sociaal geïsoleerd, koesterde een hoop rancune en zocht voor zijn manifest teksten bij elkaar die zijn woede en afkeer konden ondersteunen. Kim de Gelder had men kunnen tegenhouden als de psychiatrie de mogelijkheid had te baat genomen om een moeilijk geval toch in behandeling te nemen. Men zegt dat residentiële zorg niet goed zou zijn, maar het mag duidelijk zijn dat er crisissituaties zijn, waar mensen best geholpen zijn door opname, ook al willen ze dat zelf niet. De zorg voor mensen die helemaal ontsporen is evenwel door het beleid in een beleid van wachtrijen veranderd, terwijl men moet toezien dat mensen die een gevaar vormen voor zichzelf en voor anderen uit de circulatie gehaald kunnen worden. De ouders kan men in deze niets verwijten, de verantwoordelijken in de psychiatrische zorg moeten zich wel vragen stellen. Natuurlijk zijn de budgetten beperkt, maar als zo een Kim de Gelder sporen nalaat van ontreddering en van duistere gedachten, de ouders hulp zoeken en er niets gebeurd, dan moet men toch wel heel goed nagaan waarom het aantal plaatsen in de jeugdpsychiatrie beperkt blijven.

Hetzelfde geldt mutatis mutandis voor gevallen van radicalisering. Wat houdt dat in? Er is een inhoudelijke component, toch is er ook een psychische, psychosociale component. Niemand zal het voorkomen van discriminatie en racisme ontkennen, maar toch lijken de leiders van de radicaliserende groepen zich van dat argument van slachtofferschap en vernedering gebruiken, de dieper liggende woede aanspreken.

Nog eens, terrorisme dateert niet van gisteren en we noemden al een aantal voorvallen, waarbij we bijvoorbeeld vergeten hoe in Colombia en Peru, Bolivia gedurende decennia om invloed, territorium en ideologische macht is gevochten. Het lichtende pad in Peru is er een triestig voorbeeld van, want kan men niet bedenken hoe ontwrichtend Sendero Luminoso niet geweest moet zijn voor de Peruaanse samenleving. Deze gewapende arm van een communistische partij viel om in 1998, toen de charismatische leider Guzman gevangen genomen werd, heeft ondanks de idee voor het volk te strijden vooral de kleine boeren aangepakt. Logica in de strijd is soms ver te zoeken. Hoe charismatisch was die Guzman dan wel? Of Castro?  

Er is na 22 maart 2016 veel gezegd van links en van rechts dat nu wellicht betreurd wordt, want dat de inwoners van Molenbeek zouden dansen, dat kan men niet aantonen. Ook kan men niet beweren dat al die inwoners van Molenbeek zich slachtoffer van de Belgische of Brusselse samenleving voelen, al is het voor sommige inwoners handig meegenomen. Wel is het zo dat in Brussel het Franstalig onderwijs niet meer emanciperend en bovendien blijkt er maar weinig aandacht voor de ondersteuning van de jongeren. Onderwijs maakt veel mogelijk, maar het vergt veel van de leraren, meer dan Jean-Jacques Rousseau zich wellicht heeft ingebeeld toen hij "Emile ou  l'éducation" schreef. Leraren v/m hebben de opdracht jonge mensen de weg naar kennis en kennisverwerving open te leggen, maar ook voeden zij mee die jongeren op. Een zestienjarige kan gemakkelijk in vuur en vlam schieten voor een of ander idealistisch verhaal, waarbij de indruk van belang is dat ze eindelijk inzicht krijgen in de dingen en de "ouden" de boel verkeerd in hebben geschat.

Heb ik nogal wat kritiek op de wijze waarop mensen Utopia van Thomas More als een richtingwijzer voor een rechtvaardiger samenleving voorstellen, dan vind ik de oefening van More zelf om een samenleving vorm te geven waarin de vrijheid oppervlakkig wordt wel best boeiend. Uiteindelijk doet het er niet zoveel meer toe wat we denken, leest men, als we anderen maar niet lastig vallen met onze invallen. We zijn vrij te geloven in een of andere god, maar zolang we de officiële erediensten bijwonen blijft alles best. More schreef dit voor de Godsdienstoorlogen een aanvang namen en voor vorsten als Karel V en vooral Philips II de strijd tegen de ketterijen ter harte namen. Okay, Karel V begon er ook wel mee en Luther kwam op de Rijksdag in Worms zeggen dat hij er stond en niet anders kon. Philips II ging verder en in de Nederlanden, waar het Calvinisme om begrijpelijke redenen snel aanhang vond bij de stedelijke burgerijen - zie ook de verschillende Calvinistische republieken -  waarna tussen 1566 en 1648 soms op bloedige wijze gestreden werd. Willem I de Zwijger kon in het begin niet op betrouwbare troepen rekenen noch op de financiële middelen om de strijd gedegen voort te zetten, maar toch kon in 1584, nadat hij was neergeschoten in Delft een begin gemaakt worden aan de staatsvorming, die Johan van Oldenbarnevelt zeer pragmatisch wist verder te zetten, indien nodig tegen Maurits van Nassau in. Om maar te zeggen, onze en de Nederlandse geschiedenis kende ook wel een fase waarin het legitieme gezag werd aangevochten.

Dat is dus wat terroristen willen: het legitieme gezag aanvallen en verzwakken om het uiteindelijk te verdrijven. In dit jaar herdenken we ook de Russische Revolutie, met eerst de burgerlijke fase, onder leiding van Kerenski, van wie men nog altijd een portret schetst dat door Lenin is aangereikt, net zoals we van de beroepsagitator nog blindelings zijn eigen verhaal voor waar aannemen. Ook de Jihadi's kennen de theorieën van de revolutionaire strijd, toch zeker de leiders en weten hoe ze de Islam met die machtsstrijd kunnen verbinden.

Zou het helpen aan deradicalisering te doen? Mensen van het gewelddadige af te brengen? Eerst moet men dan wel weten hoe diep ze in die strijd geloven en wat ze te winnen hebben bij een andere ingesteldheid. Want men kiest niet voor niets desperado's om de vuile karweien op te lossen. Waarom evenwel zouden er in Molenbeek of Schaarbeek zoveel desperado's ronddwalen? De mensen die het gerecht kon verbinden aan de aanslagen, hadden een verleden van twaalf stielen en dertien ongelukken, maar ook van criminaliteit, toch ziet men niet elke crimineel de weg van terreur opgaan. Omdat ze een charismatische imam of leraar tegenkomen, die hen met een zekerheid aanreikende boodschap bestookt en hun twijfels, vragen weet te leiden naar de veilige cocon van het ware geloof. Zij zoeken zekerheid, wellicht omdat we in een onveilige samenleving leven. Maar wij en in het bijzonder hun slachtoffers leven ook in een risicosamenleving. Of men alles als een risico kan wegzetten? Het kapitalisme neemt veel, maar geeft nog altijd meer, al vinden sommige ideologen dat het kapitalisme destructief zou zijn. Schumpeter had het dan nog over creatieve destructie. Francis Fukuyama schreef verder dat het kapitalisme de neiging vertoont elke contestatie en protestvorm te integreren en er commercieel succesvolle producten van te maken, zelfs met R&B en Rap is dat het geval geweest, zodat men kan veronderstellen dat veel lawaai in de marge wel eens een succesvolle onderneming kan opleveren. Alleen blijkt dat precies voor de strikte observanties van religies en van de geboden, leefregels niet mogelijk. De Amish people houden zich afzijdig van de consumptiesamenleving en ook bij ultra-orthodoxe joodse mensen zal men geen grote neiging vinden zich op de markt van de gadgets te begeven. Bij de Islam zien we hetzelfde en juist die vaststelling maakt de vraag naar deradicalisering zo moeilijk op te lossen. Het kapitalisme en de liberale democratie laten immers tegenspraak toe, hebben die zelfs nodig, maar dan wel ongewapend, die observanties hebben daar net geen boodschap aan.

Men zou kunnen stellen dat onze samenleving in een aantal opzichten het Utopia van More benadert, onder meer als het erop aan komt aan te geven dat we alles mogen zeggen en doen, zolang we een ander de kop niet inslaan. Wat we denken of zeggen, merken we wel eens op, heeft dan niet zo veel betekenis. De wijze waarop de media mensen aan het woord laten, vooral buitenstaanders, die niet op de plaats van de aanslagen aanwezig waren maar ook ambtshalve  niet iets te vertellen hebben, heeft me altijd weer verbaasd en blijft mij verbazen. Natuurlijk, men wil iets horen dat betekenis heeft, maar wie is de ware expert? Moet men niet vooral zorgen voor tegenspraak en dus in plaats van 1 expert te kiezen wederhoor zoeken bij anderen die er net een andere visie op na houden.

Psychiaters kunnen ons interessante zaken vertellen over hoe mensen kunnen ontsporen en naar geweld grijpen, maar het verhaal is niet af. Wat voor een Islam hebben die gasten in gedachten en waarom lijkt dat zo af te wijken van hoe andere moslims tegen de zaak aankijken? Waarom zou een Boerkaverbod een inperking zijn van de vrijheid van die vrouwen die in onze steden een boerka willen dragen. Vrijheden kunnen negatief zijn, wanneer het erom gaat dat de overheid geen hindernissen mag opwerpen zodat mensen hun opinie niet vrij kunnen vormen of uitbrengen, zich niet vrij kunnen verenigen noch kunnen gaan of staan waar ze willen. Zelf ben ik een voorstander van vrijheid van onderwijs, maar als men een school wil zonder biologie en dus inbegrepen de evolutietheorie, zonder de fysica van de deeltjes en van het ontstaan van het universum, dan denk ik dat zo een onderwijs in onze tijd niet meer kan. Hoe men de evolutietheorie in het eigen mens- en wereldbeeld een plaats geeft blijft dan nog een andere uitdaging, want als er van onttovering sprake zou zijn, dan nog zou het risicovol zijn daar van overheidswege een sluitend antwoord op te willen geven.

Positieve vrijheden helpen mensen om hun leven in te vullen, te leren lezen en schrijven bijvoorbeeld, maar ook te leren denken en met de werkelijkheid om te gaan. Onderwijs maakt ook deel uit van een groter proces, van socialisatie, zoals men ook bij de scouts of andere jeugdbewegingen, sportclubs omgang leert te hebben met anderen en zichzelf leert kennen.

Een jaar later blijft het lastig te zeggen of we nu woedend moeten zijn, wij die erom heen stonden, wij de schade zagen en de zwaar gewonden. Woede helpt niet, zegt Martha Nussbaum en zij heeft meer dan een punt. Ruimhartigheid opbrengen voor terroristen is nog iets anders, maar we moeten wel goed onderscheid maken tussen de daders en al die anderen. Ook ik heb mijn vragen bij de bevolkingspolitiek die de Franstalige socialisten in Brussel hebben gevoerd de afgelopen dertig jaar, maar het is niet aan u of aan mij om daarom elke Marokkaanse jongeman te verdenken. Uiteindelijk is gebleken dat maar weinig mensen in Molenbeek met die kring van aanslagplegers te maken hadden. Men zegde dat de stad een hellegat was geworden - soms het lijkt het ook wel een hellegat als men de bus van Ganshoren naar het Zuid neemt, zeker des avonds, maar dan nog, het probleem is geweest dat de huizen, veelal een eeuw of wat oud, nooit deftig zijn onderhouden of gerenoveerd. De politieke verantwoordelijken voor de leefomstandigheden in Molenbeek en ook wel Kuregem komt niet aan de orde. Het is niet omdat men socialist is dat men alleen goede dingen zou doen, meer nog, goede intenties volstaan lang niet altijd, maar dat weet eeniegelijk hoop ik. Mag men zeggen dat we in een diversie, hyperdiversiesamenleving leven - het tegendeel beweren zal moeilijk zijn - die hyperdiversiteit is geen kwaliteit, moet men niet toejuichen, maar is wel het resultaat van een migratiegeschiedenis van zestig, zeventig jaar en meer is er niet.

Het probleem is dat men die wijken in de Noord-westelijke rand van Brussel heeft laten vollopen maar niet voor behoorlijke huisvesting heeft gezorgd, wel voor uitkeringen, niet voor onderwijs, wel voor mogelijkheden voor de godsdienstondernemers. Brussel werd als gewest autonomer en heeft de situatie niet ter hand willen nemen.

22 maart? Een jaar geleden was dik druk met verhuizen en dacht ik zelfs maar even aan wat had kunnen gebeuren met mijn nicht en broer. Naderhand begrijp je natuurlijk dat het allemaal heel dicht kan komen. Maar het komt sowieso dicht, want de hele samenleving ging in waakstand en er werd verwacht dat we alleen met dat gebeuren bezig zouden zijn. Kijk, daar heeft men bij de radio vandaag ook wel iets overschat: men kan niet een hele dag bezig zijn met de herinnering aan die dag. Om maar iets te zeggen, goed twee maand later stierf een (andere) broer volkomen onverwacht en dat liet veel meer sporen na.

Ik denk dat men nu wel moet opletten, dat onze samenleving deels drijft op het feit dat we elkaar niet kunnen kennen. Men kan niet spreken van echte Brusselaars - zeker niet als men een Vlaamse identiteit elk bestaansrecht ontzegt - want er waren mensen op de metro in Maalbeek die ik toevallig ken, maar ik nam een week voorden ook nog die de metro, van Zuid naar Kunst-Wet.  Altijd is een gebeurtenis mogelijk, zoals Harry Mulisch graag demonstreerde en zeker in "de ontdekking van de hemel". Sommigen noemen dit boek, zonder het gelezen te hebben charlatanerie maar ik denk dat Mulish in 1992 al begrepen had dat terreur kan voortkomen uit een gebrek aan inzicht in het geloof van mensen iemand te zijn, iets te zijn, iets te moeten volbrengen. Altijd kan alles gebeuren en dat zijn wij niet meer gewoon, maar wie ooit te voet een tocht van een week of langer maakte, beseft dat wij leven in een goed georganiseerde wereld waar we onverwachte gebeurtenissen liefst niet zien aankomen. Paul Frissen noemt dat de tragische samenleving, want als er iets voorvalt dat ons begrip overweldigt, dan zijn we machteloos. Leven betekent finaal dan toch, ondanks het feit dat we in een geordende samenleving mogen leven, aanvaarden dat er iets mis kan gaan - en veel kan opgelost worden. Fataliteit en amor fati hoeven ons leven niet te beklemmen, maar we kunnen ook maar beter leven met de gedachte dat het altijd anders kan.

Het gevaar van sentimentalisme, van geloof dat we dichter bij elkaar moeten staan, terwijl zij, commentatoren en programmamakers niet half weten wat ons bindt, mensen onder elkaar. Want jawel, men kan wijzen op moorden die in het nieuws komen, op verkeersongevallen en mensen die komen te overlijden ten gevolge van kankers die soms wel, soms niet met onze levensstijl te maken hebben, toch is er verdomd veel goed en warms te bespeuren in deze samenleving. Er is eenzaamheid en er zijn mensen die met een enkel woord die eenzaamheid doorbreken, de stilte doorbreken.

Als men mij zegt dat een moslim het slecht voorheeft met onze samenleving, dan zal ik mijn afwijzing laten horen. Als men zegt dat Erdogan doldwaze uitspraken doet die mensen opjutten kan, zal ik het wel onderschrijven. Als iemand zegt dat vrouwen de vrijheid moeten hebben een boerka te dragen of dat een verbod een onwelvoeglijke inbreuk is op hun vrijheid, dan vraag ik me af wat voor vrijheid die juriste in gedachte heeft. Waarom moet een vrouw er onzichtbaar bijlopen, is dat geen negatie van haar identiteit? Er is veel dat we moeten bespreken, maar ik weiger mensen omdat ze zus of zo zijn af te wijzen. Wel heb ik eens een extreemrechts stuk crapuul een kind van zes of zeven zien bedreigen omdat het een Afrikaanse vader heeft en ja, dat valt niet te negeren. Maar die jongeman - intussen - spreekt westelijk Brabants en zal wellicht wel een nuttig lid van de samenleving worden.

Het is die duidelijke grens, geweld kan men niet goedkeuren noch aanvaarden voor politieke doelen - zeker in onze samenleving - die men niet kan of mag overschrijden. Vorig jaar ging men veel te ver, maar laten we wel wezen en met alle steun voor de slachtoffers, we leven verder, er worden kinderen geboren, mensen hebben plannen en feesten. Mag het nog? Anders gezegd, men kan niet vergen van personen dat zij ten allen tijde met de publieke gebeurtenissen in lijn zijn. We hebben een privaat leven, waarbij we al eens treuren als de anderen feesten. Herdenken is goed, maar laat het niet doorschieten naar sentimentaliteit. We behoren tot dezelfde samenleving, maar elk heeft ook een eigen leven en dat is een goed recht. Behalve het principe dat we elkaar geen schade toebrengen, onze vrijheid die van anderen niet in het gedrang brengt, kan men proberen, mensen erop attent te maken dat we samen meer voor elkaar kunnen krijgen, maar dat wisten de vroede vaderen die de vrijheid van vereniging in de grondwet schreven al - maar hun voorkeur ging niet uit naar de vereniging van arbeiders. Laten we dus proberen het onderwijs en andere instellingen hun opdracht in brede zin te vervullen, want dat is nog altijd de beste weg om jongeren uit hun kleine wereldje te halen en de wereld te verkennen en andere mogelijkheden te leren kennen. Terreur zal wel nooit helemaal verdwijnen, maar we moeten ook vaststellen dat we de noodzakelijke voorwaarden om tot terreur over te gaan kunnen wegnemen.

Bart Haers





Reacties

Populaire berichten