I can't breathe

Reflectie

Orde, veiligheid en
menselijk overheidsoptreden


tijdelijk memoriaal voor een slachtoffer van politieoptreden
dat buitenstaanders als disproportioneel hebben ervaren. Eric
Garner is gestorven toen de politie
hem in een wurggreep had genomen. Hoe het staat
met het onderzoek? 
Het organiseren van het goede samenleven, waar de veldwachter door het dorp wandelt of fietst en jongeren al eens op de vingers tikt en vooral gerespecteerd wordt als iemand die namens ons allen zorgt voor de goede orde, blijft een prangende kwestie die altijd weer opnieuw overdacht hoort te worden. Vandaag moeten we vaststellen dat in de VSA, maar niet alleen daar de vraag om veiligheid ten koste van alles gevrijwaard moet worden, soms ten koste van onschuldige mensen. De gebeurtenissen in Fergusson wierpen een schel licht op de politionele codes, een documentaire over de SWAT-eenheden lieten er geen twijfel over bestaan, dat we over veiligheid niet eenduidig kunnen denken: ook de politie kan de veiligheid in gevaar brengen. Ook hier weer speelt niet zozeer een overdadige dan wel een niet aangepaste regelgeving een rol van betekenis. Het doel is orde te bewaren, geen wanorde te scheppen.

Ooit stond ik voor een politierechter over een simpel betalingsbewijs dat was weggewaaid in een storm op de Vindictivekaai in Oostende. De man vond dat er ruimte voor twijfel bestond over de verbalisant maar ik vond dat het onredelijk was iemand te beboeten die in eer en geweten kon aantonen dat hij een ticket had gekocht aan de automaat, maar de wind had het bericht doen wegwaaien binnen de auto bij het deponeren. 20 jaar later lijkt het me dat de politierechter de redelijke twijfel terecht hanteerde, maar het was dan ook geen zaak van leven en dood. Toch zien we dat we op dat terrein vandaag ver zijn geëvolueerd in de richting van een politiestaat. Hoe veel meer schokkend kan het worden? De affaire Jonathan Jacobs? Maar ook de volkswoede rond een misdadigster die haar straf heeft uitgezeten blijft nazinderen. Wij groeiden op met de bond zonder naam, die ons leerde dat gevangenen, veroordeelden een tweede kans verdienden. Want als recht is gesproken, dan moeten we ons niet meer moeien met het vervolg. Maar "pedofilie" werd een misdaad die we niet kunnen aanvaarden, zodat rechters steeds zwaarder gingen tillen aan dit vergrijp. Ik begrijp het wel in menselijk opzicht, maar ben niet zeker of hier niet een zekere neurasthenie speelt. Hoeveel mensen hebben sinds 1992 kinderen die mishandeld zijn geworden buiten de familie? Binnen de familie is het ook erg en onvergeeflijk, maar komt het niet zo snel uit.

Kinderen, aldus Freud, zijn onze ongekroonde koningen. Zelfs wie Freud een aansteller en charlatan vindt, zal die uitspraak toch niet zomaar naast zich neerleggen, terwijl vriendschappen tussen volwassenen en jongeren voor beide partijen heilzaam kunnen zijn. Meer nog, men moet vrezen dat de verdachtmakingen afbreuk kunnen doen aan de heilzame werking ervan. Maar de onaantastbaarheid van jongeren maakt tabula rasa met andere facetten. Of vriendschappen vanzelf tot seksuele verhoudingen leiden valt nog altijd aan te tonen. En of die verhoudingen echt nefast zijn voor een van de partijen? Wie zal het als een universele wet presenteren. In de roman "Der Vorleser", die ik eerst als film, "The Reader" leerde kennen, blijkt hoe complex de waarheidsvinding kan worden als iedereen de waarheid nu juist niet wil vinden. De auteur Bernhard Schlink vertelt het verhaal van een vrouw, Hannah Schmitz, die haar analfabetisme ten koste van alles wil verbergen. Zij had jaren voor het proces een relatie met een jonge jongen, van 15, maar zij verdwijnt onverwacht. Hij wordt student rechten en gaat met een professor en medestudenten naar een proces tegen vrouwelijke nazimisdadigers, dat er kwam omdat een overlevende van de kampen een boek schreef en de betrokken daders, alle vrouwen, kon thuiswijzen.  Hij ziet haar dus terug en maakt mee hoe zij, juist door haar eerlijkheid alle schuld krijgt toegeschoven. De voorzitter van de rechtbank slaagt er niet in of doet onvoldoende moeite de werkelijke toedracht te reconstrueren en laat zo gebeuren dat zij door haar medebeklaagden zelfs als auteur van een uitgebreid verslag van de gebeurtenissen in een kerk ergens in het Oosten van Duitsland, tijdens een zogenaamde dodenmars wordt gepresenteerd. Alleen de student weet, beseft dan dat zij kan lezen noch schrijven en dus ook dat verslag niet geschreven kan hebben.

Wanneer zij tot levenslang veroordeeld is, zal hij haar niet echt loslaten maar ook niets kunnen ondernemen, zelf toch jurist in opleiding zijnde. Het voorlezen? Hij, de ik-figuur zal op een dag beginnen verhalen in te lezen, onder meer de Illias, maar ook de dame met het hondje. Zij begint dan toch te lezen, door de boeken die hij voorleest te lenen in de bib en luisterend naar de cassettes die hij haar toestuurt, krijgt zij woordherkenning onder de knie en ook leert zij schrijven. Maar het neemt niet weg dat ze weliswaar niet onschuldig was, maar toch niet alle verantwoordelijkheid voor die en andere wreedheden had mogen toegeschoven krijgen. Rechtspreken blijft een heikele zaak en een vergissing voorkomen is belangrijk. Formalisme kan evengoed leiden tot meer dwalingen als de rechters niet voldoende de zaak zelf voorop stellen, terwijl advocaten ook wel eens terwille van hun cliënt of eigen prestige de waarheidsvinding onmogelijk maken.

Dit verhaal gaat er niet om of Hanna Schmitz onschuldig is, maar of zij iets gedaan kan hebben dat men haar aanwrijft, maar naderhand is iedereen tevreden, behalve de hoofdfiguur. Maar het is ook een reflectie op het onvermogen van het rechtssysteem om in bepaalde gevallen recht te laten geschieden. In de Verenigde Staten kennen we de gevallen van mensen die jarenlang opgesloten zaten en plots komt men tot nieuwe inzichten, waardoor de onschuld vast te komt te staan. Recht geschiedt dan vaak nog niet, omdat men de ware schuldigen niet meer kan of wil vinden, mag vinden, wegens verjaring. Is het rechtssysteem daarom kaduuk? Ik dacht het niet, maar het is wel duidelijk dat het feilen vaak voortkomt uit onzekerheid over nieuwe technologische mogelijkheden of het zwijgen van de getuigen.

Een discussie die mij in hoge mate heeft geraakt, betreft de werking van het Amerikaanse politionele bestel, waarbij enerzijds de gelijkheid voor de wit, het vermoeden van onschuld en de omzichtige omgang met het geweldmonopolie met voeten worden getreden. Men kan een documentaire zien over dat politieoptreden, waarbij dus recent verschillende burgers met een Afro-Amerikaanse achtergrond gedood werden door de politie, zonder duidelijk aanwijsbare redenen. Bovendien doet men er alles aan om wapendracht door burgers niet in te perken, hanteert men het tweede amendement op de grondwet zo dat God en klein Pierke zware wapens bij de hand hebben en vervolgens is de politie bevreesd overklast te worden... Een wapenwedloop binnen de staat, die perverse gevolgen blijkt te hebben.

Gelijk behandeld worden voor de wet vormt een probleem want het kan dat de wet niet voor iedereen gelijk is. De complexiteit van de regelgeving en de toegang tot de ontcijfering dragen ertoe bij dat niet iedereen door de wet op dezelfde manier behandeld wordt, want het is de advocaat die men zich veroorloven kan die de uitkomst lijkt te bepalen. Toch is dit vreemd want men zou menen, denkende aan Abraham Lincoln of John Adams dat men als kleine garnaal in het beroep juist zijn stinkende best doet om onmogelijke gevallen bij te staan. Tenzij het erom gaat dat zo een groot advocatenkantoor investeert in mensen die halve zinsneden uit vroegere zaken bij elkaar kunnen zoeken en zo een argument voor hun cliënten vinden kunnen om twijfel te zaaien en de jury tot vrijspaak te bewegen. In dat zoekwerk gaat natuurlijk veel dure tijd zitten.

Een belangrijke idee in de (moderne) rechtspraak betreft het vermoeden van onschuld, waarbij niemand, tot het moment van een vonnis van de rechter/jury aldus bepaalt, schuldig mag geacht worden. Het gegeven speelt op twee niveaus: 1°) de verdachte geldt als vrij burger en kan door de politie en de magistraten alleen met respect bejegend worden. Pas na het vonnis zal men de beschuldigde ook schuldig achten maar of dat gepaard moet gaan met gebrek aan respect, valt nog te bezien; 2°) John Adams moet zich afgevraagd hebben hoe men in de Nieuwe Wereld het "habeas corpus" diende te begrijpen en ging daarbij verder dan men in de oude metropool dacht te moeten gaan. Ik bedoel dat men toen in de 18de en 19de eeuw kruimeldieven en beurzensnijders gemakkelijk bij de kladden nam en vervolgens naar kolonies stuurde voor een aantal jaren slavenarbeid. Adams vond dit niet kunnen en vond dat de overheid, c.q. de politie over overtuigende stukken dient te beschikken om iemand aan te spreken. Men kan zien dezer dagen dat in de VS dat aanspreken met veel vertoon van wapens gebeurt. En de schade die men aanricht aan derden is van geen tel, terwijl dat bijna onherstelbare maatschappelijke schade moet heten.

Het geweldmonopolie bestaat in de VS d'office niet, al was dat wel de bedoeling van de Founding Fathers, omdat ze beseften dat men mensen diende te beschermen, maar het Tweede Amendement bij de Grondwet diende een ander doel dan de wapenlobby vandaag voorhoudt, namelijk patriotten die niet naar het leger geroepen konden worden de kans te geven hun grond en hun county te verdedigen tegen de Engelsen. Het feit nu dat de politie dezer dagen met legermateriaal wordt uitgerust, dat politiediensten zelf menen dat ze hun wapenarsenaal zo ver mogelijk dienen uit te breiden om op alles voorzien te zijn doorkruist het logische principe van proportioneel optreden: men schiet niet op een muis met granaatwerper. Maar men dringt ook geen huizen binnen zonder voldoende aanwijzingen. En men schiet niet voor men weet, zeker weet dat de betrokkene is wie men denkt dat hij/zij is en gedaan heeft wat men hem of haar toedicht. Er scheelt iets met de politie in de VSA.

Duidelijk is evenwel, gezien de storm van waanzinnige paniek die opstak toen een ebola-patiënt ingevlogen werd vanuit het rampgebied om de persoon te behandelen en toen vervolgens ook nog eens een verpleegzuster besmet raakte, dat er een onvoorstelbaar grote aandacht voor veiligheid leeft, wellicht overdreven. Hoe zal men in de VSA met werkelijke tragedies omgaan? Misschien zal men dan, omwille van de ernst net beschroomd zijn te zeuren. Want de angst voor risico's die men overigens tallenkante bespeurt, bereikt bij momenten - ik durf het woord om de reden dat ik vrees voor seksist gehouden zou kunnen worden nauwelijks te gebruiken - een niveau van hysterie die nergens zelfs emotioneel ingevoeld kan worden. Men mismeestert kinderen om ze niet bloot te stellen aan fout voedsel, fout drinken, foute gedachten en beelden ook, zodat kinderen al eens zeer wereldvreemd kunnen lijken. En tegelijk, merkt men bij diezelfde Amerikanen in kwesties als de duurzaamheid van de economie, de leefbaarheid van de aarde en de zuiverheid van lucht en water een grote laksheid en onverschilligheid. Wat de eigen body kan raken moet absoluut vermeden, maar collectieve schade, daar heeft men geen oog voor.

Ook bij ons zien we deze evolutie, al denk ik dat het nog net niet de spuigaten uitspuit. Natuurlijk leef ik mee met de familie Leus die een dochter verloren door  toedoen van een dronken chauffeur. Maar men moet wel er wel over waken dat in het algemeen ook hier de wet voor iedereen dezelfde is. De politie en wij, dat hoeven geen beste vrienden te zijn, maar zij zijn pas onze "vijand" als we iets mispeuteren en ons ervan bewust blijven dat we schuldig zouden moeten pleiten. Maar de politie dient ook haar plaats te kennen, bescheiden, prudent en doelgericht. Dat laatste betekent dat de openbare orde niet verstoord wordt,

In de VSA blijkt het vertrouwen in de politie, zeker bij Afro-Amerikanen ondermaats. In Ferguson en elders blijken de politie-agenten die iemand doden, zoals de man die hoorbaar "I can't breathe" kreunde en die werd op Staten Island gewoon gewurgd, vrijgesproken te worden door de Grant Jury. Hebben de VSA geen nieuwe John Adams van node? Iemand die het wetboek tegen het licht houdt van de principes die toen golden? Natuurlijk vergen de omstandigheden inhoudelijke en formele herzieningen maar het doel is de openbare orde te verzekeren; bij ons wordt geweld op een lid van het openbaar gezag zwaarder bestraft, maar de politie moet elke burger herkennen als een superieur, tenzij de feiten anders uitwijzen. Maar het blijft een dunne lijn, die men niet altijd herkent en dan zijn er onderzoeken mogelijk, desnoods tuchtsancties, maar grove overtredingen, die moet noch kan men negeren en daar zit het fout in de situatie in de VS Bij ons? Het valt wel mee voor autochtone mannen van rond de 45 jaar oud, terwijl jonge allochtonen wel degelijk een groter risico lopen op een confrontatie.

Het geweldmonopolie aan de politie verleend moet met grote zorg uitgeoefend worden en waarbij burgers geen vijanden zijn, die men moet verslaan. Helaas zal het nog wel even duren voor de politie, de politiek en voldoende burgers begrijpen dat het probleem van zware bewapening, van disproportionele inzet van middelen en respect voor anderen, echt onder ogen en in overweging genomen moeten worden. Moet men vrezen dat wij dezelfde weg opgaan? Advocaten menen van wel, maar doen er alles aan om de profetie ook handen en voeten te geven. De samenleving eist veiligheid, dat anderen geen veiligheidsrisico worden en boet daarom volgaarne in aan vrijheid en autonomie. Het ergste is het natuurlijk wel als de politie zelf notoir onbetrouwbaar wordt, door nalatigheid en fouten inzake inschatting van omstandigheden.

Bart Haers

  

Reacties

Populaire berichten