fragmentiserende & globaliserende wereld



Dezer Dagen




Beleid en voorzienigheid
verbrokkeling en globalisering



Koffie Kàn is een ambachtelijke
koffiebranderij, zoals er wel meer
zijn in Vlaanderen. Toch geven
media er weinig om, tenzij ze
met nieuwe lifestyletrends willen
uitpakken. Het beleid mikt ook
op de grote spelers en is blind
voor het ambachtelijke initiatief. 
Het gaat in de Kamer van Volksvertegenwoordigers over het sluiten van een bedrijf, maar de olifant in de Kamer blijft ongenoemd, onbesproken, want het klopt dat energieprijzen hoog oplopen, ondanks de vaststelling dat elektriciteit op de markten best betaalbaar is, maar België gaf de beslissingsmacht over aan de Fransen en zo verloren we een concurrentiewapen. De loonkost vormt een ander paar mouwen, want die is hoog, maar de verdiensten voor de werknemers zijn aanmerkelijk bescheidener. Maar de olifant, dat waren de vele stakingsdagen.

De weg naar welbevinden verloopt langs vele paden en we kijken graag naar de fouten van anderen, of beter, hebben snel een moreel oordeel klaar over wat anderen doen, zonder ons af te vragen wat we zelf zouden doen in hun positie. Toch kan het nuttig zijn na te gaan of onze denkbeelden wel nog sporen met de kenbare werkelijkheid. Ik denk en vrees dat we bewust vele elementen van het plaatje niet goed bekijken. Hier is "we" werkelijk "we", want we weten best dat economisch handelen niet altijd goed te berekenen valt en dat we er belang bij hebben uit te zoeken hoe onze keuzes het systeem beinvloeden kunnen. Toch staan we daar zelden bij stil, omdat we bij de maximalisering van onze genoegens vooral bezig zijn met de goedkoopste aanbieder, niet altijd met de kwaliteit.

Neem nu de discussie over hoe grote kledingmerken die lage prijzen hanteren de creaties van ontwerpers van nieuwe ideetjes, zoals la fille d'O, overnemen zonder auteursrechten te betalen en dat die ontwerpers er niet veel tegen weten te beginnen. Auteursrechten blijken in deze weinig soelaas te vinden, ook niet bij de kopers bij H&M, Zara en Primark, al zal ik het verschil ook wel niet zien. Maar het is verraderlijk vast te stellen dat grote spelers het mogen, de boel belazeren en plagiaat plegen, want de kost de auteursrechten te laten gelden, haalt het niet tegen de grote massa die men verkoopt. Omgekeerd kan iemand misschien kiezen om wat meer uit te geven voor kwaliteit of voor het prestige.

Intussen maken andere grote spelers op de markt van de koffiehuizen met gedeponeerde merken grote sier en betalen voor weinig belastingen en sluit een gekend koffiemerk een bedrijf in Grimbergen, omdat ze de files niet meer aankunnen, allicht. Het is dat soort kwesties dat ons bezig zou kunnen houden, ook de activisten die zich afvragen hoe ze noodzakelijke projecten kunnen tegenhouden.

Het politieke heeft andere gedaanten aangenomen en het aantal deelnemers nam toe, zoals men moet vaststellen, maar tegelijk zien we dat de cohesie in het politieke verhaal is komen te vervallen, wat evident moet heten in de mate dat wanneer het bestel meer spelers toelaat ook de entropie zal toenemen. Landen waar de oppositie wordt weggezuiverd, laten zien dat men dan gemakkelijker besluiten, oekazes kan uitvaardigen, maar of die een draagvlak hebben, valt nog te bezien.

Het beleid ontwikkelen vraagt dus tegelijk een grote afstand van de wensen en desiderata en ook betrokkenheid bij wat men als rechtmatig en evenwichtig noemen kan. Beleid is ook niet iets dat men zomaar van vandaag op morgen kan veranderen, want te vaak zijn er verworven rechten in het geding. Toch merkt men aan het gedoe over de pensioenleeftijd van politici en de hoogte van hun pensioenen dat men iets uit het oog is verloren: politici oefenen geen gewoon beroep uit, komen - op uitzonderingen na - niet om hun 24ste, laat staan 18de in de kamer en blijven dan nog eens zelden zitten gedurende 45 jaar. Het zou erg zijn voor de democratie mocht er meer dan een Herman de Croo rondlopen. Hij werd telkens verkozen en zal dus een mooi pensioen verdienen, maar dat zal hij nooit laten meewegen. Hij wil domweg meer jaren op de teller dan de oude dino's van het parlement, Frans van Cauwelaert en Camille Huysmans, die ook niet van wijken wilden weten. maar opvallend is dat we blind blijven voor de noodzakelijke tijdelijkheid van politieke mandaten en tegelijk dienen politici dus enige bescherming tegen de wisselvalligheid van het politieke lot beschermd te worden. Door hier dus van de gelijkheid uit te gaan, maakt men het nog verleidelijker lang te blijven zitten in het parlement - nu het brokken van 5 jaar kan, zal men die langdurigheid en continuïteit nog wel vlugger bereiken - terwijl anderzijds de onvrede met de lange loopbanen van politici ook geen vertrouwen lijkt te wekken.

Verbrokkeling van samenlevingen en globalisering van de economische wereld maken het moeilijk voor u en mij om bewegingen van grote spelers te volgen. Het feit dat Monsanto en Bayer een gigabedrijf gaan vormen, zal niet beletten dat de nieuwe entiteit op de markt van de zaden en de ggo's nieuwe paden zal  bewandelen, maar de kritiek zal ongetwijfeld blijven dat ze een te grote greep hebben op die markten en op die van de verdelgingsproducten. Als we merken dat er nu overal nieuwe kleine bedrijven actief zijn, spin-offs van wetenschappelijke instellingen, dan zou men kunnen denken dat die giganten weinig verstorend optreden, maar ze kopen natuurlijk ook wel licenties op van die nieuwe spelers, waardoor ze een deel van het onderzoek de facto outsourcen. Sorry voor het taalgebruik, maar zo spreken we nu eenmaal als het over economie gaat. De vraag is dus of onze landbouwers en landbouwers in andere economieën nog meer zullen betalen voor zaden en dus de marges nog kleiner zullen zien worden. Hoe die kritiek te beantwoorden? Toen in Gent Plant Genetic Systems in de Sint-Pietersnieuwstraat verscheen, was dat voor sommige medestudenten, die graag hip en hups door het leven gaan een stoorzender, voor mij was het, zoals ik al schreef een blijk van de mogelijkheden van deze universiteit om echt vernieuwing te brengen.

Het blijft wonderlijk te moeten vaststellen dat we minder lineair blijken te denken dan we zouden willen en dat zien we bij het politieke debat alsmaar vaker opduiken. Er is ook weinig verdienste aan, zou ik denken, maar toch, de idee dat we in alles modern moeten zijn, weegt nog vaak door in onze afwegingen, net zoals de vaststelling dat men mensen zomaar conservatief noemt, die net niet met om het even welke nieuwe golf mee surfen. Mag men nog nadenken?

Hoe we dat kunnen met informatie die niet altijd afdoende blijkt, mag ons niet ontgaan. We zijn voor minder auto's op de weg? Ik hoor het anderen graag zeggen, maar ben in de verste verte niet overtuigd, want de eerste mooie zaterdag in het voorjaar laat al files naar de kust zien en valt er sneeuw, dan zitten de wegen naar de skipistes in het Oosten des lands overvol. We kunnen niet op onze kamer blijven zitten en dat zou ook niet wenselijk zijn, zou zelfs Blaise Pascal toegeven, want dan zou er niets meer gebeuren en zou ook erbarmelijke verveling toeslaan. Het beleid kan nooit voldoende wegen aanleggen, dat beseffen we stilaan, maar tegelijk vinden we die files maar hinderlijk en soms riskant. Toch volgen we de beleidsmensen als ze zeggen dat er meer mensen van het openbaar vervoer gebruik moeten maken, terwijl men het afbouwt, ook in steden.

De vraag is hoe beleidmakers op onderscheiden niveaus die verbrokkeling en verscheidenheid aan inzichten kunnen opvangen. Nog eens, iedereen klaagt al dertig jaar over de filevorming rond Antwerpen, dag na dag, bijna zeven op zeven. Laat daar twintig jaar geleden een voorstel van plan van aanpak uit zijn voortgekomen en laat dat plan in 2003 dansend ontvangen zijn door de toenmalige regering, met Groen en Rood. Meer dan 13 jaar later is men nog niet begonnen aan de bouw van de tunnels en andere noodzakelijke ingrepen. Actiegroepen blijven hun achterban mobiliseren, terwijl wie het beleid wil steunen nooit aan het woord komt. Dat is het grote vraagstuk van beleid en ondersteuning van beleid, dat positieve inbreng van burgers niet van belang heet, terwijl wie weerstand biedt, vanzelf een held mag heten.

Ik schrijf dit omdat men geen dag voorbij ziet gaan of de politiek en het beleid worden van een gebrek aan visie beschuldigd en soms lijken daar goede redenen voor voorhanden, maar bij nader toezien snappen deze critici niet hoe paradoxaal hun wensen wel niet zijn. De bedoelingen van deze en gene zijn ongetwijfeld lovenswaardig, de praktijk laat zien dat ze zoveel vergen van mensen, zoveel opoffering dat ze in hun zelfbeschikkingsrecht worden geschoffeerd. Nu kan het zijn dat we ons zelfbeschikkingsrecht alleen maar mogen laten gelden als we rationele keuzes maken, maar dat lijkt me een ernstige inperking van dat recht te zijn. We zouden allemaal in de oude binnensteden moeten gaan wonen, maar in sommige steden neemt men in een moeite door het recht op mobiliteit op de korrel en blijken mensen niet meer vrij op bepaalde dagen hun auto van stal te halen, omdat ze ergens heen willen.

Volgende week is er weer Bel 10 en wil men ons laten nadenken over een betere wereld. Nu Utopia van Thomas More 500 jaar geleden het licht zag en de nadenkende mens deed huiveren voor al te veel bemoeienis van buitenaf, moet ook de openbare omroep niet hopen dat deze wereld en de mensen die erin zijn, leven zomaar voor verbetering vatbaar zouden zijn. Overigens, de noodzaak aan een beter mensdom kan het menselijke zwaar onderuit halen. Is er dan niets vatbaar voor verbetering? Ongetwijfeld wel, maar soms gaat het ook om terugkeren op reeds gezette stappen, zoals inzake onderwijshervormingen. Aan de andere kant, doortastend beleid wekt de indruk dat het voor iedereen beter wordt, maar de discussie over staatsveiligheid laat zien dat men dat beter - hoe transparant de besluitvorming ook moet zijn - best ver van de camara's vorm zal geven. Is er ruimte voor verbetering, dan mag men die aangrijpen, begrijpen dat mensen vooral menselijk zijn en dat vooral via culture de lotsverbetering mogelijk is, via nurture ook, maar dat men incidenten en helaas dus ook traumatische ervaringen niet kan voorkomen, mag ons niet doen wanhopen. Dat men buitenlandse problemen onze samenleving niet moet laten besmetten, staat als een paal boven water, maar eens dat voorvalt, zal men adequate reacties moeten voorstellen en uitrollen. Niet dramatiseren is er een van, maar dat in dit land een krant de deuren moet sluiten, blijft voor merkwaardig weinig reactie zorgen. Dat mensen gebroodroofd worden, kan men niet aanvaarden, en toch, daarover blijven media opvallend stil. Naming en shaming gebeurt op terreinen met des te groter gemak. Neen, beleid voeren in een fragmentiserende en globaliserende wereld blijkt maar moeilijk rechtlijnig te ontwikkelen.

Bart Haers


Reacties

Populaire berichten