Boris Johnson belazert de kluit

Reflectie


Bye, Bye Boris
Europa's toekomst niet in uw handen

Benijd ik Boris Johnson en de leden van de Bullington, de
meest exclusieve korpsballen van Oxford?  Hij had geluk.
Wel kan men zich afvragen waarom zo een brillant mens
- naar men zegt - zo de tribuun kan uithangen, in de
slechtste zin van het woord. Gewone mensen volgen
hem? Iemand die loog over Brussel? 
Boris Johnson en andere correspondenten in Brussel vanwege de Britse pers hebben inspanningen noch kosten gespaard om hun publiek te desinformeren over Europa. De kromme banaan? Europa zou zich hebben bezig hebben gehouden met het formaat en de kromming van de banaan. Voor wie ervan op de hoogte is dat bananen gekweekt worden aan identieke, gekloonde planten, mag duidelijk zijn dat de EU zich niet met dergelijke beuzelarijen zou bezighouden, tenzij lobbyisten er baat bij hadden.

De Britse pers stond in 1975 volmondig achter de EEG en het lidmaatschap van het UK. Vandaag zijn de eurofiele kranten eerder uitzondering en sinds Boris Johnson in Brussel passeerde werd Brussel in Londen door hem en anderen afgedaan als een zaak van anonieme bureaucraten. Maar zijn bureaucraten, in goed werkende democratieën niet per definitie anoniem? Zij moeten werken zonder aanziens des persoons en de door de politiek uitgevaardigde regelgeving, die democratisch tot stand is gekomen, uitvoering te geven. Overigens, zoals men zou moeten weten zijn het vooral de administraties van de lidstaten die daartoe geroepen zijn, wat Europese regelgeving betreft.

Luuk van Middelaar schreef met "de passage naar Europa" een mooi en lezenswaardig boek over hoe Europa functioneert, de sterke punten, de zwakke punten en de bedreigingen. Onder meer het ontbreken van een Europees publiek, vormt al sinds tijden een kopzorg, waarover Leo Tindemans zich met een rapport gebogen heeft en vastgesteld heeft dat Europa niet zomaar het publiek kan meekrijgen. Aangezien in de positiebepaling van Boris Johnson behalve ijdelheid ook gehannes met termen als soevereiniteit, identiteit en democratie meespelen, vormt dit een belangwekkende vaststelling. Soevereiniteit, identiteit, natievorming zijn belangwekkende noties, die zowel baat hebben gebracht als tot oorlog hebben geleid. De politiek in Europa is niet denkbaar, laat staan onbegrijpelijk zonder (begrip van) deze noties, omdat ze constitueerden hoe samenleving en politieke macht zich tot elkaar hebben verhouden en dat nog doen, maar anders.

Boris Johnson werd geboren met een gouden paplepel, maar dat zal ik hem niet euvel duiden, wel dat hij zijn publiek al sinds zijn aantreden als journalist in Brussel in de maling heeft genomen door de zwakke plekken van het bestel ruim uit te meten, maar nergens oog te hebben voor de baten. Het was bij tijd en wijle ook nodig dat men de commissie kritisch bejegende, altijd dus, maar wat men vaststellen moet is dat men de feitelijke situatie dat een parlementaire meerderheid het een staatshoofd of regeringsleider knap lastig had lastig kunnen maken met feitelijke kritiek op het Europees beleid. Er is, sinds 1979 niet veel Europees debat geweest in de nationale assemblees van de lidstaten. In Nederland werd er middels brieven en machtigingen wel degelijk vaak nauwlettend op de posities van Nederlandse ministers aan de respectieve Europese tafels toegezien, maar vaak blijkt nog wel eens vooral een formele kwestie, waarbij men ook in de media niet veel aandacht voor dat facet van het Nederlandse parlementaire werk inzake Europese kwesties te bespeuren valt. Ook in Duitsland worden parlementaire richtlijnen gegeven en debriefings gehouden.

Wijst iemand er in de studio van een of ander televisieprogramma op dat de media, dat journalisten in de uitoefening van hun ambt tekort schieten, dan krijgt men het verwijt dat men de boodschapper aanvalt. Boris Johnson heeft bewezen dat louter polemische journalistiek, inclusief het lanceren van canards en het verspreiden van hoaxes de publieke zaak schaadt. Hij en anderen poneerden dat het UK gebaat is bij een "Sonderweg" en hebben er als journalisten en als politici veel voor over gehad Europa in discredit te brengen bij het Britse publiek. Maar kan dat wel, dat men consistent en persistent bijna dertig jaar een discours hanteert waarbij men altijd munitie voor dat discours in stelling brengt en alle tegenargumenten systematisch onder het tapijt veegt? Mij lijkt het een vorm koppigheid. Bovendien, de feitelijke werking van de Unie en de resultaten ervan voor ons, zijn ongetwijfeld gemengd, maar wel zal het saldo per slot van rekening batig blijken. Waarom we dat weten? Het feit dat men een geschiedenis niet op twee sporen kan beleven, een zonder en een met Hitler, Churchill of Stalin, maakt dat opmaken van de rekening op het oog onmogelijk. Maar men weet hoe tot 1989 Europa in een bipolaire constellatie vooral economische en politieke ambities koesterde binnen Europa, terwijl na de Wende de rol van Europa een andere dimensie kreeg die men als cultureel zou kunnen omschrijven. Voorheen was de culturele dimensie van de EEG bewust beperkt, al werd er wel een Sacharovprijs (1988) ingesteld en werden er wel inspanningen geleverd om het politiek-culturele debat over burgerschap aan te vuren. Onder meer Hendrik Brugman heeft zich daar zeer toe gecommitteerd, maar in de media was de idee van Europa als een vlaggenschip van moderniteit, verlichting en vrede maar ook bescherming van het burgerschap, de rechtstaat pas na de omwentelingen in Midden-Europa aan de orde.

Konrad Adenauer wordt in het proces van de Europese constructie zelden genoemd, net zo min als dat de achterban in onder meer de Benelux voor dat Europa tijdens de jaren van de grote Europese verdragen in rekening gebracht wordt. Overigens, stond Churchill achter die idee al vanaf 1946, blijken de bronnen niet zo duidelijk over Brits lidmaatschap niet zo duidelijk, maar hij steunde wel de idee van een europees leger, wat toch blijk geeft van een grote bereidheid de eigen Britse soevereiniteit in vraag te stellen. Churchill had niet alleen het prestige van een succesvolle oorlogspremier, hij voorzag en doorzag ook ontwikkelingen waarover anderen nog niet nadachten. Dus blijft het vreemd dat men wel de speach over het IJzeren Gordijn onthouden wil, maar die in Zurich over de noodzaak van Europese integratie tot de Verenigde Staten nauwelijks aan de orde komt.

"Post-war Europe" van Tony Judt laat zien hoe vele conflicterende inzichten de West-binding van Adenauer liet botsen op geopolitieke inzichten van Washington, Londen en Parijs zodat de oude man voortdurend de positie van Duitsland in Europa diende te bepleiten en daarbij zelf de harde woorden niet schuwde. Men zal zich afvragen waarom we die oude geschiedenis, nog geen mensenleven geleden, niet meer in de afweging opnemen. Men blijft augustus 1914 in de schoenen schuiven van de Pruisen, maar ook Lord Grey, de minister van Buitenlandse zaken toen had andere keuzes kunnen maken, de Franse regering wilde de oorlog, opgezweept door mensen die de nederlaag van 1870 en het verlies van Elzas-Lotharingen wilden wreken en dachten dat Oostenrijk-Hongarije geen partij zou wezen. Servië heeft op zeker ogenblik successen geboekt, maar kon dat pas nadat Italië tegen Habsburg ging vechten. De Russische legers waren niet geheel ongeordend, stonden vrij snel op voet van paraatheid en in Tannenberg stond er voor de Duitse, keizerlijke legers veel op het spel.

Maar het nationalisme woog niet minder op de besluitvorming in Frankrijk en het UK dan in Duitsland het geval was, terwijl geopolitieke berekeningen in het Nabije, Midden-Oosten en China ook hun belang hadden. Het tekende de Duitsers in hun Vergangenheitsbewältigung, dat ze op zeker ogenblik wel hebben ingezien dat Duitsland voor WO I wel degelijk militaire plannen had gekoesterd, maar, zoals Christopher Clark stelt, bij de twee Balkanoorlogen, 1912 en 1913 en ook bij de Agadir-crisis waar het op Frankrijk botste, hield Duitsland zich gedeisd.

De oorlog kwam er niet stoemelings, maar de uiteindelijke laatste stappen wel, waarbij men niet alleen het Keizerrijk de schuld kan aanwrijven. We schreven al over het Franse nationalisme en de pogingen van Frankrijk om de Dubbelmonarchie te verzwakken via een agressieve steun aan Servië, waarbij intellectuelen zich niet onopgemerkt in het strijdperk begaven. Men kan wijzen op de positie van Jean Jaurès, anderen wilden Frankrijk een nieuwe trots bezorgen, zoals de historicus Lavisse, altijd weer moet men dat argument op tafel leggen.  

Na Wereldoorlog I ontstonden al ideeën over een Verenigd Europa, waaraan ook Karl Jaspers en Hannah Arendt meewerkten. Men kan natuurlijk beweren dat deze mensen Joods waren, maar als we weten dat ook anderen ernaar streefden, na het fiasco van Versailles, een nieuw Europees project op poten te zetten, dan kan het nauwelijks bewondering wekken dat men na 1945 dit spoor verder zette. Konrad Adenauer gold als criticus van het nazisme en heeft moeilijke perioden gekend tijdens het regime van de NS, maar dat lijkt men vergeten. Al die inzichten over Duitsland lijken vandaag buiten beeld te blijven. Maar Boris Johnson die als historicus veel interesse kon en kan opbrengen voor Europese landen, meent dat vandaag nog steeds de soevereine natiestaat moet zijn. Wat moeten de Schotten ervan vinden?

Europa kwam in moeilijke omstandigheden tot stand, waarbij lange tijd antiduits ressentiment de verstandhouding tussen burgers leek te bemoeilijken, maar sinds ergens 1975 zag ik bij het binnenrijden van vlekken en steden vaak dat die vriendschapsbanden onderhielden met plaatsen in andere Europese landen, een project van jumelage dat sinds 1951 werd opgericht, met het doel Europees burgerschap op het niveau van gemeenten aan te jagen. De laatste jaren lijkt dat project stilgevallen en opvallend is dat ik in België zelden jumelages vindt met Britse steden en gemeenten.

Het probleem van Boris Johnson? Dat hij meent dat het oude Empire kan herleven. De werkelijkheid is duidelijker, want de Common Wealth geeft te zien dat het UK niet meer de leidende natie van de club is. Soevereiniteit was een sterke motor voor een nieuw politiek bestel, maar de grenzen ervan waren na 1945, maar zeker in 1960 bereikt voor de bakermat van het begrip, Europa dus. Soevereiniteit impliceerde dat er niets boven de hoogste staatsmacht kon staan, eerst waren dat vorsten, later de natiestaten. Het liet toe dat binnen het rijk, de natiestaat macht georganiseerd werd en dat geleidelijk het bereik van de overheid toenam, niet enkel met militaire oogmerken, maar ook om bij te dragen tot de welvaart en de economische kracht. Dat dit impliciet ook militaire doelen diende, zal men best niet vergeten.

Maar het nieuwe wereldsysteem - of wereldchaos - na 1989, onder meer te koppelen aan het toenemende economische wonder in China, aan de Aziatische tijgers en andere opkomende landen, laat niet langer toe te aanvaarden dat Europa in gespreide slagorde op het terrein komt. Het ware dus beter dat Johnson en co gingen zoeken naar een betere afstelling van de samenwerking en onderkennen dat onze parlementen best meer Europese kwesties motu proprio gingen opnemen, in plaats van te zeuren over Brussel. Verdragen en regelgeving moet in die assemblees goedgekeurd worden. Maar zoals Geert Bourgeois vaststelde, zag men  bij de Europese beleidsvoorbereiding maar weinig politici zich het vuur uit de zolen lopen. Sinds de verkiezingen van 1979 hebben we een Europees parlement en soms menen we dat die verkozenen teveel verdienen en teveel loze kreten slaken. Jawel, dat gebeurt, zoals elk schouwtoneel daar blijk van geeft. Moet men daarom de instelling afschaffen? Of als burgers vragen dat ze hun werk zouden doen. Maar goed, we vergapen ons aan de ijdelheid dier lieden, maar vergeten dat zonder retorica, zonder opvallende gebaren een politicus na vijf jaar zetelen weinig zal kunnen uitleggen. Toch denk ik dat Europese politici door de media niet afdoende gevolgd worden, tenzij om hen bij de eerste gelegenheid neer te sabelen.

Boris Johnson, uw positiebepaling mag niet verbazen, maar ze valt wel te betreuren, want u had uw voorbeeld, Winston Churchill kunnen volgen. Europa is als EU niet volmaakt, noch vrij van zonden of weeffouten, maar het is wel de garantie - als eenieder in die stelling doet wat moet - dat we als Europa in de schuivende machtsverschuivingen in de internationale gemeenschap enige betekenis willen behouden. Uw opvatting over soevereiniteit klinkt correct, maar die is niet meer aangepast aan de omstandigheden. Na het referendum van 1975 is me altijd bijgebleven dat de Britten in grote getale voor toetreding hebben gestemd. Staten kunnen hun engagement in een federatie niet zomaar ongedaan maken, zonder de burgers in rechtsonzekerheid onder te dompelen. Dat u de Britishness wil bewaken, kan ik onderschrijven, al moet ik vaststellen met Theodore Dalrymple vaststellen dat Blanke Britten niet altijd uitblinken terwijl bijvoorbeeld Indische en Pakistaanse inwijkelingen wel degelijk bijdragen aan dat Brits zijn, door hun eigen inspanningen.

Boris  Johnson, U zat op Eton en in Oxford, in een exclusieve club als opvallende corpsbal, maar voor het overige... u had de kans uw oude vergissing als journalist recht te zetten, maar weigert dat te doen. De kromme banaan was uw uitvinding, een hoax, soevereiniteit zoals u die wil herstellen, zal ook niet gauw een batig saldo opleveren. Maar het meest verbazingwekkende blijft dat gewone mensen - als die al bestaan - in u, een product van het elitaire clubje waaruit Westminster volgens David Cameron al te exclusief rekruteert, een tribuun meent te vinden. Of krijgen die lui u vooral te zien in spelletjes?


Bart Haers




Reacties

Populaire berichten