Vooruit vallen in de moderniteit



Kleinbeeld



Het goede leven en weemoed
Klacht en vreugde van een jongedame



Dit boek verdient toch wel enige aandacht,
want men pleegt Sloterdijk en diens denken
gemakzuchtig af te serveren. Hij werkt gestaag
door en wellicht is niet alles even aansprekend.
Wel is het zo dat dit essay ons kansen geeft
na te denken over hoe we tegenover het
Hiaat staan, de Franse Revolutie
en de moderne Tijd. 
Het weer kan beter, maar de lente zit in de lucht en ik wandelde naar de vesten bij de Smedenpoort, waar ik me even op een bankje neervlijde, uitkijken over het water en de bomen die opnieuw vol leven blijken. Soms lijk je, glimlachend dat nieuwe leven, het jaarlijkse hernemen van het leven de aandacht te trekken van voorbijgangers. Ik had het boek bij de hand waar ik dringend iets over zou willen schrijven en dat trok ook al aandacht, want ik zat nog geen tien minuten op het bankje en het was al de tweede voorbijganger die even halt hield voor een babbeltje. De derde vroeg of ze ook op het bankje mocht plaats nemen en aangezien het om publiek meubilair gaat, nodigde ik haar uit het zich gemakkelijk te nemen. Nu had ik haar al wel eens ontmoet als ik naar het Centrum wandel, meestal is ze dan strak in het sportpak gehesen en liet ze zien wat fraaie kuiten vermogen, maar nu was ze gewoon casual gekleed en ik vroeg me af of het afgelopen was met lopen, maar vond dat een verkeerde vraag.

Ze hielp me snel uit mijn verlegenheid, want je kan wel een bankje in het park delen, je hoeft je daarom nog niet op te dringen. Maar zij vroeg me op de man af of ik echt die man van dat blog was, de Verwondering? Het gaat meestal zo dat ik moet uitleggen dat ik een blog heb en regelmatig aanvul, maar deze keer dus vroeg iemand of ik het werkelijk was. Ze vertelde me dat ze dat gedicht "Zalige Valentijn" heerlijk had gevonden en zegde dat ze na die toevallige vondst verder was gaan kijken en veel had gevonden dat ze weliswaar niet zocht, maar wel de moeite waard had gevonden.

Je kan natuurlijk gaan blozen, wat ik blijkbaar ook wel deed, maar ik vond het wel zo prettig dat iemand toevallig die ene tekst gevonden had en vervolgens over de bronnen van verwondering begon te praten. Zij vroeg me wat APM nu wel moet betekenen en haar klaterlach deed me goed. Ars Poetica minor? Dat bedenkt geen mens, tenzij je echt wel weet wat voor pretentie dichters wel eens aan de dag leggen. Dat ze die verbondenheid zoals in "Zalige Valentijn" had te zien gegeven zelf ook wel zalig vond, hielp wel, de afwezigheid van haar vroegere geliefde droeg ook bij tot de waardering.

Ik vertelde haar hoezeer dit gedicht actualiteit en herinnering met elkaar verbond, waarbij ik ook meegaf dat het een stille jammerklacht was over het feit dat het erotische zo platvloers verbeeld wordt. Uitzonderingen zijn er wel, maar hoe intimiteit, seksuele prikkeling nu weldadig zijn als we vooral horen dat het bron van ongerief en conflict lijkt of blijkt. Zat die deerne eerst nog op respectvolle afstand, opeens zat ze vlak naast mij en keek ze me aan alsof ik haar iets te bieden had. Maar omdat ze niet de schijn wou wekken, vroeg ze me naar dat boek, Sloterdijk, "de verschrikkelijke kinderen van de Nieuwe Tijd", want ze had gelezen dat Sloterdijk er weer zo een verschrikkelijk negatief mensbeeld in schetste. Nu, om mij op de praatstoel te krijgen, had ze geen betere intro kunnen vinden. Na lectuur van de eerste 4 hoofdstukken, moet ik dat formeel tegenspreken. Sloterdijk benadert de zaken niet vanuit een alledaags standpunt, daarvoor is hij te zeer filosoof, maar wat hij uitleggen wil betreft de vraag hoe we de vooruitgang, het vooruitgangsgeloof best zouden evalueren. Als de Franse Revolutie het "Hiaat" in de geschiedenis vormt, dan is wat erna volgde een eeuwig vooruit vallen in de tijd. Vooruitgang is dan geen willekeurige beweging, maar een vallen, alle richtingen of zonder richting, maar vooral vooruit. "De vrolijke Wetenschap"? Het is altijd leuk als mensen elkaar begrijpen, maar de gedachte dat we telkens zeggen dat god wel dood moet zijn, maar niet meer weten hoe het zit, hoe Nietzsche dit verbond met een opstand van de mens tegen het lot, tegen de vastgestelde verhoudingen ook, draagt evengoed bij tot enig begrip. Maar had Sloterdijk, zegde ze, niet geschreven over de kwestie hoe we ons dienen te oefenen in het mens zijn? Het vallen vooruit lijkt aan te geven dat we het niet in de hand hebben ons mens zijn en het leren meer mens te zijn.

Ik keek haar aan, want je komt zo nu en dan wel eens mensen tegen die met Nietzsche bezig zijn, veel minder vaak valt het voor dat mensen zich met Sloterdijk inlaten. Ze had de proeve van recensie ook wel gezien. Maar ze had gemeend het boek niet te hoeven lezen; voor mij, gaf ik mee, zijn die recensies bewijzen dat recensenten toch de moeite moeten nemen goed te lezen. Vooral het feit dat hij van de sociaaldemocratie de maat heeft genomen en ontgoocheld was over de uitkomsten, zeker na 1989 kan ik wel onderschrijven. Dat hij in een moeite door wel aangeeft dat ook het neoliberalisme ontspoord is en ons geen tijd of kansen meer geeft onze eigen positie te bepalen, kan ik ook wel onderschrijven. Maar of het lezen van deze bladzijden van Sloterdijk nergens toe zou leiden, mij neerslachtig maken? Ik dacht het niet, net omdat het een  aanleiding vormt na te denken over de mogelijkheid van een wormgat, zoals dat sinds Einstein - en Rosen - als hypothese werd bedacht, waardoor het theoretisch mogelijk zou zijn sneller dan het dicht licht naar een verafgelegen plaats in het heelal te reizen. Hoezeer ook hypothetisch, hoezeer ook in een kinderlijke vorm in films en televisiereeksen verteld, lijkt Sloterdijk erop aan te sturen dat we ons niet laten verblinden door de schijnbare onontkoombaarheid van de Nieuwe, van de Postmoderne Tijd.

Ze vond mijn poging Sloterdijk in bescherming te nemen wel fijn, maar begreep ook dat ik goedkope kritiek niet ernstig kon, kan nemen. Het werd al frisser en het licht nam af, waarna we besloten op te stappen. Zij woont niet veraf, zegde ze en nodigde me uit verder te praten, want zelden slechts krijgt ze de kans te praten over de dingen des daags op een niet alledaagse manier. Het genoegen valt mij toe, maar dat wil ze slechts onder protest aannemen.

Haar appartement ligt op een doodlopende weg naast de vest en laat zien hoe fraai het modernisme in Brugge mogelijk is gebleken. Elementen van Art Nouveau en al wat pogingen tot nieuwe zakelijkheid laten zich aflezen en als we eenmaal op de tweede verdieping in haar woonkamer staan, blijkt ze aardig uit te kijken over de daken. Zo een gesprek verderzetten terwijl ze in de keuken een eenvoudige pasta met gerookte zalm en room plus bieslook bereidt, gaat gemakkelijker dan ik dacht.

De fles wijn raakt leeg en we hebben over veel gesproken, hebben een band gesmeed en ik weet niet goed hoe het nu verder moet. Ze helpt me zelf over het dode punt heen, laat me begrijpen dat ze een fijne verderzetting van de avond wel ziet zitten. Wat haar die vrijheid geeft, legt ze me uit aan de hand van een foto, die in het gangetje tussen de woon- en de slaapkamer te zien is. Met haar vriendinnen poseert ze in vol ornaat ergens op een strand, terwijl ze elkaar net niet kussen. Drie gratiën? Zoiets zegt ze, maar geleidelijk kwam de klad in de vriendinnenclub. Een is er getrouwd met een gemeenschappelijke jeugdvriend, de andere is met een vriendin gaan samenwonen en zijzelf wist niet of ze nu van mannen houden zou of van vrouwen. Biseksueel? Neen, dat lijkt haar te uitgesproken, maar ze heeft geleerd, zegt ze, van het moment te houden en dat de liefde bedrijven kan zonder misbruik te maken of achteraf claims te leggen. "Eens in het bed gestegen, voor immer het recht verkregen". Zoiets, glimlacht ze, maar ze vertelt me wel dat ze stilaan kinderen zou willen en dan er niet alleen voor staan.  Redelijk paradoxaal, herkende ze wel, maar nu wilde ze me wel meer dan nachtzoentje geven, voor ik huiswaarts keren zou. Ik ben later die nacht rustig naar huis gewandeld, wetende dat het goed is het leven te leven en kansen te geven, zonder spijt achteraf, maar ook zonder de gedachte dat er nu een recht opgeëist kon worden. Nu ja, we kunnen mailen, bellen en nog meer om elkaar te horen en te zien.

De nieuwe tijd biedt vele mogelijkheden en daar moeten we blij om zijn, maar we gedragen ons al te vaak als verschrikkelijke kinderen en dat kan pijn doen. Een beetje afstand nemen en toch volop in het leven staan, dat kan het leven meer kleuren dan een avond televisie.

Bart Haers

Peter Sloterdijk, De Verschrikkelijke kinderen van de nieuwe tijd. Boom Filosofie 2015. 352 pp. 34,90 euro. Vertaling Hans Driessen



Reacties

Populaire berichten