Europa bron van politieke vervreemding?
Dezer
Dagen
Het dagen van het licht
Van
verwarring gesproken
![]() |
Jeroen Dijsselbloem onderkent het probleem van burgers die zich niet meer herkennen in de politieke besluitvorming en het beleid. Ligt dat enkel aan Europa? |
Pegida ? Ergens hoorde ik
waaien dat die organisatie door Moskou, c.q. de president gesteund zou worden.
Kan men daar meer specifiek over zijn? Bij nazoeken vond ik er niets van terug.
Nu, Rusland had vroeger al de gewoonte fellow travellers te zoeken en te
vinden, maar na het einde van de Koude Oorlog leek het lang dat de oude
concurrentie achterwege werd gelaten. Nu blijkt iets van Russisch revanchisme
aan de orde te zijn, waarbij de steun aan Russian martial arts (systema) zou
een kanaal vormen voor beïnvloeding. Ook zouden een aantal rechtse figuren als
Wilders en Le Pen met sympathie bejegend worden. Zij blijven het zelfde zeggen
en het hoeft niet zo te zijn, denk ik, dat er ook geld in rond gepompt wordt,
maar anderzijds, men kan geen nationalistisch discours voeren en intussen op
enige manier een steun zoeken bij een beleid en regime dat Europa vooral wil
verdelen en dus ipso facto de belangen van de lidstaten waar zij opereren
ondermijnen.
Zou dit een blijk zijn complotdenken?
Het kan zijn, maar het is niet geheel ongegrond, want in verband met die clubs
voor Russian Martial Art in Canada en Europa, zou men ook observeren dat mensen
meteen ook een introductie in de Russische taal krijgt en ook de Russische
cultuur aangedragen wordt. Welke cultuur vraagt een mens zich af.
Dat gaat over veel, denk ik,
want als die organisaties naar Moskou kijken, of Moskou naar de ogen kijken en
weten dat de versnippering van de EU voor Moskou een droomscenario zou wezen,
dan kan men die politieke keuze niet echt als louter een burgers er lucht van
krijgen dat er impliciete inmenging is in het handelen van die partijen, dan
moet men dat als een inbreuk van de soevereiniteit beschouwen. Of het kan ook
natuurlijk dat dit alleen maar geruchten zijn, want er wordt wel eens hoax in
de groep gegooid, zoals we weten van onder meer Boris Johnson.
Eurosceptici leren ons dat
Europa niet deugt, een zware administratieve last vormt en ons geen directe baten
brengt, aan elk van ons. Het blijft bedenkelijk dat men laat geloven dat een
systeem er meteen toe zou leiden dat elkeen er baten van zou krijgen, c.q. dat
de EU rechtstreeks geld zou uitdelen. Er zijn Europese subsidies, al zou men
liever kiezen voor fiscale maatregelen, maar politici laten graag zien dat ze
iets doen, geld uitdelen dus. Het punt is dat Europa, na soms lange
onderhandelingen beleid uitrolt, dat nationale staten via de eigen
administratie vorm geven. Het UK vormt daarbij een modelleerling, België scoort
minder lovenswaardig. Niet zelden geeft Europa een kader, waar landen hun eigen
invulling aan geven binnen een bepaalde bandbreedte.
Natuurlijk zal men bepaalde
maatregelen niet kunnen ondersteunen, is er debat over het gevoerde beleid,
vroeger was dat te vaak afwezig of hoogstens pro forma. Nu zien we dat elke
kritiek op gevoerd beleid uitloopt op een kritiek op het bestaan van Europa als
zodanig, maar zelfs op de ontkenning dat er zoiets als een verenigd Europa bestaat,
terwijl sinds 1945 onze welvaart ook aan de werkzaamheden van de Europese
instellingen een en ander te danken heeft. Dat Duitsland ook na de val van de
Muur een dragende factor is gebleven voor Europa - terwijl Frankrijk
wegdeemstert - op grond van economische prestaties die nogal wat landen
Duitsland benijden, lijkt men ook wel als een interessante suggestie aan te
grijpen. Ondanks de wederopbouw en de kosten daaraan verbonden, slaagde
Duitsland na moeilijke jaren erin economisch opnieuw op de voorgrond te treden.
Is dat voldoende, die economische prestatie? Komt die ten goede van burgers?
Het is een vraag die gesteld moet worden, want het kan inderdaad niet dat er
welvaart zou gecreëerd worden, maar dat burgers er niet zoveel aan hebben.
De toetreding van de
Midden-Europese staten tot de EU in 2004 voedt afgelopen tijd opnieuw de discussies,
want ze zouden niet solidair willen zijn bij het dragen van de asielcrisis,
maar wel graag de hand ophouden om de eigen toekomst te verzekeren. Het ene en
het andere waren en zijn voorspelbaar en past in oude concepten van natie,
staat en homogeniteit. Maar soms slaat men achterover, als men verneemt dat
staatshoofden en regeringsleiders uit die landen menen dat Brussel teveel op
Moskou gaat lijken.
Politiek in een moderne vorm,
in de actuele vorm, met een dubbel gezicht: dat van politici en de
achterliggende administraties, directoraten-generaal, die uiteraard buiten
beeld blijven, tenzij er misstanden te melden vallen. Politici geven open en
bloot hun visies ten beste en proberen stemmen te werven, dag na dag, week na
week, jaar na jaar, en krijgen zonder meer de volle laag als iets mis gaat.
Intussen moet toch aangestipt dat journalisten en commentatoren met veel ups
and downs aandacht hebben gehad voor Europa: wie herinnert zich niet, als men
er oud genoeg voor is, dat de ministers van landbouw vijf minuten voor twaalf
de klok stilzetten om toch maar binnen de beoogde termijn tot bruikbare
oplossingen te komen die het wegwerken van boterbergen en wijnplassen dienden
te bevorderen en de inkomens van boeren/grondbezitters veilig stelden. De
beslissingen over visvangst werden al even vaak onder zware druk gevoerd. Te
zeggen valt, denk ik, dat die beslissingen vanzelfsprekend de kool en de geit
wilden sparen. De gevolgen van de viskwota is in sommige kleinere Spaanse
vissershavens te zien, want de voorziene aanlegplaatsen zijn vaak leeg, ook als
de vloot niet is uitgevaren. Tegelijk blijft men vissen in veraf gelegen
viswateren. en beschermt men Europese viswateren, regelt de gelijke kansen en
de brengt die zoveel als mogelijk in evenwicht met de geografische realiteit.
Maar het probleem van de uitputting van de viswateren kan nu niet meer alleen
op Europees vlak geregeld worden, doch alleen Europa als zodanig kan in dat
globale debat de rechten van de vissers verdedigen, maar ook, wat men dan maar
even vaak vergeet, de vraag naar vis en dus de belangen van de consumenten.
De wijze waarop men zijn
belangen inschat in het debat, moet men toch vaststellen, hangt niet enkel af
van professionele posities, de vragen en verwachtingen van burgers, dacht ik
altijd naïef weg, zouden ook hun gewicht in de weegschaal moeten leggen, maar
dat gebeurt pas bij de afdeling verpakking, door de spindoctors. In het geweld evenwel
van lobbyisten, ngo's en ook nog eens uit de andere hoek, die van
onderzoeksinstellingen, universitaire, particuliere en door de overheid
ingestelde onderzoekseenheden voor sociaal, economisch, ecologisch en nagenoeg
elk ander domein, die de politici en ambtenaren bekogelen met al dan niet
relevante informatie, blijkt de burger heel erg goed verknipt, maar zelden nog
als personen van vlees en bloed met eigen inzichten, wensen en verlangens
behept gezien te worden.
Bovendien, denk ik, kan men
wel wensen dat politici en ambtenaren over een stevige ruggengraat beschikken,
maar kijkt men precies naar het optreden van burgers aan de basis. Oosterweel
en de overkapping laten mensen zien die zich op concrete dossiers organiseren,
maar wie domweg vond en vindt dat Oosterweel een noodzakelijke missing link zou
invullen, moet toch weten dat zijn of haar stem er niet toe lijkt te doen. De
constructie BAM en alles wat er aan vast hangt werd vervolgens door de partijen
die het hadden gesteund weer afgeschoten. Zo kan men niet aan politiek doen, of
toch niet enkel op instigatie van een kleine groep mensen. Overigens, heeft men
nu de toegang tot de Raad van State beter geregeld voor wie wil protesteren
tegen infrastructuurwerken of tegen bouw- en exploitatievergunningen door bedrijven en
burgers, maar dus vooral inzake grote infrastructuurwerken blijkt dat
problematisch. Let wel, iedereen kan kritiek laten gelden, maar of dat
automatisch aanleiding kan geven tot een procedure bij de Raad van State, moet
toch overwogen worden. Het hoge rechtscollege mag alleen kijken, zegt men, naar
de rechtsregels, bijvoorbeeld of partijen gediscrimineerd worden die expliciet
betrokken zijn. Nu, bij overheidsbeslissingen voor verkavelingen,
infrastructuur etc. is de samenleving altijd betrokken partij en als die niet
expliciet als partij vertegenwoordigd in zo een geding, dan mag men van de
raadsheren van de Raad van State toch verwachten dat zij de belangen in deze
kwesties als impliciet doorslaggevend beschouwen: de regering wordt via de Raad
van State aangesproken op beslist beleid, heeft een meerderheid in de bevoegde
assemblee van volksvertegenwoordigers en kan dus alleen geacht worden als
vertegenwoordiger van de samenleving. Helaas blijkt men op dit vlak de regering
- en het parlement die de wetten stemt - als een partij te beschouwen zoals
alle andere. Zou mijn uitgangspunt er aanleiding toe geven dat op die manier
geen juridische stappen kunnen worden, dan moet men bedenken dat in een oproep
is tot meer proportionaliteit in de arresten van de Raad van State.
De Raad van State kan alleen
maar oordelen of alle rechtsregels gevolgd zijn en gezien de staat van onze
wetgeving, kan dat wel eens leiden tot het vernietigen van bouwaanvragen en
andere gunningen, al staat een grote meerderheid achter de plannen en ijvert
men voor de realisatie. In het Vlaams parlement heeft betracht de procedures
voor bouwaanvragen en andere gunningen beter te stroomlijnen, de
omgevingsvergunning, zodat niet telkens nieuwe openbare onderzoeken nodig zijn.
Is dat een inperken van de rechten van de burger verzet aan te tekenen?
Ongetwijfeld, maar komt men er dan nog toe een en ander te realiseren? Niet dus
en dat kan ook niet, want ook zo wordt de burger er nog meer van doordrongen
dat hij of zij niet kan of moet rekenen op de overheid.
Natuurlijk kan de Raad van
State alleen op grond van de bestaande wetgeving oordelen en wat niet conform
is, moet eraan geloven. Wie de weg vindt en in onze hoog opgeleide samenleving
zijn er genoeg mensen die de benaderingen, toegangen van de passende argumenten,
c.q. wetteksten kunnen vinden om hun gelijk te halen. Horen we alleen maar van
die arresten als ze ingaan tegen door de regering duur bevochten besluiten, dan
horen we het meestal niet als procedures vlot verlopen.
De vele beleidsniveaus, zegt men
wel terecht, die elk eigen politieke assemblees als regelgevers hebben en ook
een administratie, zorgen vaak voor een gebrek aan concordantie tussen de
regels, zodat het vinden van de uitsluitende regel niet altijd zo moeilijk is.
Toch zien we dat er veel wetgeving ontstaat zonder dat wij er erg in hebben, of
omdat de media er minder aandacht aan besteden; de commissie Sauwens die op dit
terrein de eenvormigheid en helderheid van de regels wilde bijsturen, heeft
resultaten geboekt, maar hoeveel ervan als decreten is aanvaard is mij
onbekend. De omgevingsvergunning?
Ik weet dat dagbladen en
andere nieuwsmedia graag aan de hand van de actualiteit werken maar soms valt
er van die actualiteit een en ander uit de focus en dan wordt het pas in geval
van urgentie aangedragen. Dat brengt mee dat we gemakkelijk fundamentele informatie niet zien, ook al niet
omdat het verhaal alleen functioneel verteld wordt. Gebruikers van nieuws,
newsjunkies hebben zelf hun verhalen, zegt men dan en toch, de omissies zijn vaak
belangrijker dan het nieuws dat men wel brengt.
Neen, we klagen niet over de
waan van de dag, wel denken we na over de vraag of nieuws iets brengt waar we
iets mee kunnen. Het kan zijn dat men gelooft dat politiek rond conflict,
polemiek draait, maar denkend aan het optreden van Femke Halsema, dan vond ik,
net zoals in het geval van Jan Marijnissen overigens, dat ze hoe dan
strategisch en tactisch opererend dat zowel authentiek als zelfs vrij integer
aan de dag legden. Was ik het altijd met Halsema eens? Het zal u verbazen, maar
bepaalde posities kon ik volgen.
Het dagen van het licht bij
politici, commentariaat en burgers lijkt op til, maar het blijft moeilijk als
een partij, de journalisten er perfect in slagen hen altijd over tactiek en
strategie te ondervragen, terwijl dat heus wel eens goed kan uitpakken, maar
anderzijds dramatische, zelfs tragische gevolgen kan hebben. Eurosceptici zien
het licht nog niet, wel integendeel, ze volharden in de boosheid en zorgen zo
mee voor een tragere economische groei dan nodig, maar wanneer Nigel Farage of
Wilders uithalen, dan kijken journalisten likkebaardend toe en dat hoeft niet.
Daarbij meen ik niet dat men hen moet doodzwijgen of lik op stuk moet geven,
want als men hen uitspraken uitzendt of citeert, dan valt voor de toeschouwer
na enige tijd het gebrek aan virtuositeit op, maar ook dat ze nooit afdoende
kunnen bewijzen waar het op staat. Het zou mogen dagen dat men met dat
eurosceptische gedoe veel tijd verliest. Moet men kritiekloos naar Europa
kijken? Geenszins, want men moet alert blijven en tegenwoordigheid van geest
aan de dag leggen.
Nu blijkt dat de voorzitter
van de Eurogroep, Jeroen Dijsselbloem de hang naar nationalisme begrijpt, want,
zou hij gezegd hebben, we, de burgers, hebben steeds minder in de pap te
brokken. Dat klopt in se, maar ligt eraan dat politici in een steeds beperkter
kader opereren, waarbij elke beweging van politici sito presto van kritiek
voorzien wordt, zonder dat men de tijd neemt om de nodige afwegingen te maken. Dit
zou ook zonder Europa als EU het geval geweest zijn.
Dat we inderdaad beducht
moeten zijn voor mensen als Paul Schnabel die bijvoorbeeld de globalisering in
het onderwijs wil opvoeren door nog alleen voor Engels, Wiskunde en Nederlands
aandacht op te brengen, door dus geen aandacht meer te besteden aan de
geschiedenis van de Lage Landen en van de andere lidstaten van de Unie, of de
geografie, culturele eigenheden, gooit hij op een onvoorstelbaar ondoordachte
wijze niet enkel een rijk patrimonium opzij, hij meent ook dat mensen kunnen
functioneren zonder kennis van de ontwikkelingen in Europa. Dat mensen dat niet
willen, als ze er al interesse voor hebben maar vooral als ze het gewoon
evident vinden, moet hem toch ook finaal dagen. Gelukkig is er Paul Scheffer,
die met zijn essay voor de week van de filosofie ernstig nadenkt over grenzen,
globalisering en lokale verwevenheid en worteling.
Bart Haers
Heb ik het goed begrepen, dan
vertegenwoordigt Paul Schnabel een werkgroep die het onderwijs wil hervormen,
met als horizon 2032.
Reacties
Een reactie posten