Geschiedschrijving en integratie
Kritiek
Stalin en Erdogan
omgaan met
het verleden, de toekomst incluis
![]() |
Suleyman de prachtlievende was ook al bezig met de Europese buren en sloot verdragen tegen Habsburg met Frans I |
Het komt stilaan dichterbij,
die vormen van nationalisme die uitgaan van de gedachte dat isolement beter is
dan openheid. Men meent wel eens dat men de grenzen kan sluiten voor deze of
gene zonder het geheel volkomen af te sluiten. De drugshandel laat zien dat
vooral kwaadwilligen er wel bij varen. Ook mensenhandel natuurlijk en handel in
fijne vleeswaren, het aanleveren van prostituees voor de seksindustrie in
Europa, levert grote winsten. Maar de grenzen, zo betoogt ook Paul Scheffer
zijn niet of zelden ondoordringbare verdedigingsmuren, met uitzonderingen,
zoals het IJzeren Gordijn en ook daar bleek, toen de Duitse openbare omroep
haar programma's gewoon uitstuurde en in de DDR handige harry's de ontvangst
konden realiseren, ging voor hen een bijzondere wereld open. Toen ging het om
insluiten, nu om uitsluiten, buitensluiten maar ook dat gaat bezwaarlijk goed.
Nu, de wereld is veranderd met
dank aan de informatica, de digitale wereld en hoezeer dat ook een cliché is,
het valt me toch op dat we verbaasd kijken als die asielzoekers weten dat ze
snel een simkaart kunnen kopen in het land van aankomst. Het feit dat de zware
ontberingen en risico's menigeen onder ons van zo een reis zouden doen afzien,
houdt hen niet tegen en dat moet ons tot nadenken stemmen. Wij menen dat ze
afkomen op onze welvaart en om de idee dat ze iets kunnen opbouwen, gewoon als
we zijn onze eigen economische rationaliteit als norm voorop te stellen.
Zij die zich tegen onze
cultuur en waarden verzetten, tegen de grote vrijheid om een eigen leven te
leiden, dat toch zo verdomd lijkt op dat van de buren, of dat van anderen in
een ander cohousingproject. We weten het wel, die conformiteit gaat wel eens
door voor kleinburgerlijkheid, waarbij we elkaar ook wel eens willen aftroeven
met auto's, dure wijnen of bijzonder restaurantbezoek, dan nog blijft het zo
dat die uniformiteit niet zo sterk is als men wil doen denken. Men kan dat niet
beter merken dan als het om concertbezoek gaat, waarbij men graag voorwendt dat
het publiek te oud wordt, te grijs, te ingedut om nog iets van waarde mee te
brengen. Hoezo, de concertganger wil wel degelijk meegenomen worden en de
waardering - of gebrek eraan - kan men niet zonder meer gespeend van goede
smaak vinden, maar toch lijkt dat een negatief cachet op de klassieke muziek te
stempelen en dat is geheel onterecht.
Anderzijds, het hoeft toch niet zo te wezen dat men echt blind is voor nieuw
werk, of voor andere muziekjes. Of zou het zijn dat die muziek te ernstig is,
of te saai? Het hangt er maar van af.
Muziek en omgang met kunst in
het algemeen vormt maar een van die aspecten waar wij blasé op neerkijken, maar
die voor mensen die van elders komen de uiting vormen van een grote
geborgenheid en veiligheid. Deze week alweer zo een geval dat de media bereikte
waarbij een gezin dat hier jaren kon overleven en waarvan de kinderen hier
Nederlands leerden en gedreven waren er iets van te maken, uitgezet zal worden,
want de wet is de wet. Maar als zij inroepen dat het niet veilig is in Kaboel,
dan komt men aanzetten met allerlei statistieken en overdenkingen om mee te
geven dat zij daar niet zoveel te vrezen hebben. Ik denk dat wij niet bij
machte zijn te begrijpen hoe veilig het hier is, zelfs al leven we nu onder de
dreiging van terrorisme.
Kunnen we al die vluchtelingen
opnemen? Neen, maar we zullen de poort ook niet dichtgooien, want dat zou
economisch, maar ook politiek en cultureel tot grote problemen leiden, ook voor
onszelf, al zal menigeen dat niet zien, tot ze tegen die muur aanlopen.
Overigens stelt Tom Holland in zijn werken over de oorlogen tussen Europa en
Azië, dus over de Perzische dreiging die de Grieken tot tweemaal toe hadden af
te slaan aan het begin van de vijfde voor christus maar ook bij latere
confrontatie, ook weer tussen Grieken en nazaten van de oude Perzen, in de tijd
dat de Grieken, het Byzantijnse rijk in de periode die als een incubatietijd
van de Islam kan worden voorgesteld, al weten we niet of het anders had kunnen
lopen met die religie, met dat rijk een heftige strijd voerde die decennia,
eeuwen aansleepte.
Hoe heftig de vijandschap ook
was, men kan er niet omheen dat er daarnaast wederzijdse culturele invloeden
speelden en hoe hard wij ook roepen dat de Grieken de Perzen barbaren noemden,
die ook nog eens bogen voor hun Grote Koning, bannelingen uit Athene en andere
steden kwamen wel eens goed terecht in Persepolis of aan het hof zonder meer.
Ook later, tot in de achttiende eeuw ging het dus om lang gekoesterde
vijandschappen maar meer dan wij doorhebben ook om wederzijdse beïnvloeding.
Frappeert het echt niet dat we, sprekend over Turkije graag de referenties zien
aan de atavistische trekjes, terwijl zelfs Erdogan, die ongetwijfeld sympathie
koestert voor een regime dat de Islam meer dan lippendienst zal bewijzen, zeer
goed beseft dat hij met het staatsapparaat dat Kemal Attatürk nagelaten heeft, veel
kan bereiken; terwijl hij inderdaad bepaalde invloeden uit Europa liever niet
ongemoeid zijn rijk ziet binnendringen kan de man wel een persoonlijk communicatiebeleid
voeren, daar schuilt voor velen het
grootste gevaar in voor een republiek.
Het is die ambiguïteit die
bijvoorbeeld Merkel wel ziet, waarbij ze ook begrijpt dat een te grote inbreng
in het rijk van Erdogan afgewezen wordt en de man dan weer gebruik of misbruik
maakt van de vrijheid van spreken en vereniging om zijn voormalige medeburgers in
de diaspora bij de les te houden, zoals blijkt als hij in Hasselt komt spreken.
Oneerlijk? Moeten we hem het woord laten voeren? Mag hij indirecte en directe
druk uitoefenen op onze medeburgers met een Turkse afkomst?
Het kan vreemd voorkomen, maar
blijkbaar behoort het tot onze waarden dat we dit wel toestaan, al blijkt het
wel eens tot een ambivalente houding bij onze medeburgers te leiden. Nu, de
aanwezige schotelantennes geven ook wel aan dat ze sowieso graag naar het
voetbal in Turkije of The voice kijken. Het is een van de verworvenheden dezer
dagen, die begrippen als migratie en integratie waziger maken, of we dat nu
willen of niet, want de middelen zijn er en men maakt er dus gebruik van.
Migratie was lange tijd een
kwestie van de trossen losgooien en nooit meer terugkeren, maar al na de oorlog
bleek dat emigranten of bannelingen uit Nazi-Duitsland wel terug wilden keerden
en sommige bannelingen als de Mann's metterwoon terug keerden, maar niet naar
Duitsland, wel naar Zwitserland. Hannah Arendt keerde niet terug maar kwam vaak
terug en ook naar Duitsland, waar ze onder meer met Karl Jaspers en ook met
Martin Heidegger contacten onderhield en hen opzocht. Ook andere migranten
zagen geleidelijk aan kans het isolement te doorbreken, al bleef reizen duur
rond 1974 - per vliegtuig kon men al eens korte bezoeken, van een paar weken
afleggen - en ook telefoneren ging, maar was een kostelijke zaak. Mijn
grootouders belden wel eens naar hun dochter in Canada en dan moest het stil
zijn, maar we hoorden alleen de stem van grootvader of -moeder en gekras van de
andere kant. Maar het was anders, ook de bezoeken uit Canada verliepen steeds
frequenter.
Met andere woorden, wie de
baten accepteert van technologische vooruitgang zal ook wel moeten meenemen dat
de immigratie bij ons niet automatisch tot integratie aanleiding zal geven. Nu
zien we wel dat er in het beroepsleven steeds meer mensen met een
migratieachtergrond hun weg vinden en wel eens uitgroeien tot positieve
prestigemodellen terwijl anderen dan weer bewust zoveel als mogelijk afstand
doen van hun oude cultuur - al zal ook dat nooit volkomen zijn, maar dan vraag
ik mij of wij zomaar alles wat ons maakt tot wie we zijn achterwege zouden
laten. Feit is ook dat het er maar van afhangt of we er ons wel bij bevinden.
In die zin zijn de stemmen
voor goed onderwijs om de integratie te versterken van belang, maar de vraag is
dan hoe of we migranten en hun nazaten kunnen vertrouwd maken met onze cultuur.
Zoals gezegd, door hier te leven en school te lopen en deel te nemen aan het
sociale leven, is die overdracht er al maar die blijkt niet altijd even gunstig
uit te vallen, maar toch, veel van wat voor ons evident lijkt of is, krijgen zo
ook als zodanig mee en voelen het vaak ook als zodanig aan. Het volgende is dan
hoe we die geschiedenis die de onze is, waar wij dus in principe van aannemen
dat het niet de hunne is, aandragen. Het doel kan daarbij niet negatief wezen,
want we kunnen hen niet laten geloven dat het allemaal van hier komt, alleen
zal men dan de relatie binnen de gebieden rond de Middellandse zee en het
achterliggende gebied doorheen de tijd adstrueren, zodat duidelijk kan worden
dat die wisselwerking ruimer was dan alleen een kwestie van kruistochten en
belegeringen, van gebiedswinst en gebiedsverlies, maar ook van culturele
overdracht.
Buitenstaanders kunnen aan een
religie geen jota veranderen, toch niet direct, maar het christendom, bepaalde
verschijningsvormen laten wel zien dat omgang met de Nieuwe Tijd hoe dan ook
invloed heeft gehad en heeft. De negatieve reactie vanwege Paus Pius IX tegen
het liberalisme, die door zijn opvolgers nog wel werd gevolgd, maar niet altijd
consequent en consistent, want de sociale leer, vervat in Rerum Novarum en
verdere acties kan men niet antimodern noemen, want het gaf steun aan
zelforganisatie van de christelijke werknemers, wars van paternalisme van
katholieke notabelen als Charles Woeste.
Deze week kon men een
aflevering zien onder de titel Apocalyps Stalin, waarin het handelen van de
dictator en vader des vaderlands Stalin uit de doeken gedaan wordt. Dat het in
feite om praatjes bij plaatjes gaat, vormt al een tegenvaller, maar tot nog toe
krijgen we alleen de figuur van Stalin te zien en zijn strijd om de macht.
Trotsky en Boekharin komen ook wel aan bod, maar de lens is zozeer op Stalin
gericht, dat zijn eigen positiebepalingen onbegrijpelijk worden. Paranoia? Het
zal wel, maar het blijft merkwaardig dat men er maar niet in slaagt te
refereren aan visies zoals bij Timoty Snyder of Orlando Figes in het geding
komen. Merkwaardig was bijvoorbeeld dat bij beelden van het beleg van Leningrad,
dat 900 dagen duurde niets gezegd wordt over de bewuste weigering van Stalin om
de inwoners van voedsel te voorzien, want het apparaat kreeg dus wel voedsel
dat men aanvoerde via het Ladogameer. Vele van de doden in Leningrad werden
wetens en willens geofferd door Stalin. Omgekeerd ziet men dat de rol van volkscommissaris
Chroesjtsjow nauwelijks belicht wordt, noch dat Stalin bij de nadering van de
Duitse troepen even leek te wankelen en tegelijk de grote inspanningen
onvermeld bleven het industriële apparaat en de vakmensen te evacueren, het kwam
niet aan bod.
Het is televisie zegt men dan
en kijk, daar breekt mijn klomp nog maar eens: waarom zou televisie of radio
alleen maar een vorm van info kunnen brengen of documenteren op zo een manier
dat de kijker, toehoorder, luistervriend achteraf niet met enkele vragen achter
zou blijven. Te vaak wil men het doen voorkomen alsof een periode, een fenomeen
zomaar in een oogwenk kan worden uitgeklaard en dan nog eens zo dat er geen
discussie meer over zou zijn.
Kijken we naar de aanpak in
het onderwijs, dan blijkt ook die vaak minder een kwestie van inzicht dan van
stampen of feitjes blokken. Die kan men maar beter in de vingers hebben, want
relatieve datering is net zo belangrijk als de juiste jaartallen op zich bij de
hand te hebben. Om onze geschiedenis begrijpelijk te maken, kan men er niet aan
voorbij een geschiedenis te brengen van de mensheid, ook hoe we tot kennis
komen van die zeer vroege en lange geschiedenis. Maar vervolgens zal men de
geschiedenis van de landbouwculturen bestuderen en zien hoe in de vruchtbare
sikkel en Egypte al vroeg grote rijken ontstonden. Het gaat er dan ook om die
algemene geschiedenis van de mensheid mee te nemen en vervolgens de vele
aspecten van die samenlevingen te bekijken.
Zal men hen onderhouden over
"de dappersten aller Galliërs", over de Romeinse en Griekse
geschiedenis in de oudheid, dan kan men het belang ervan gemakkelijk
relativeren, maar beter ware het mee te geven hoe bijzondere beschavingen
konden ontstaan en hoe verschillende bestuursvormen leiden tot welvaart dan wel
tot chaos, hongersnood en dood.
De
vraag is niet a priori welke feiten aan de orde moeten komen, maar wel hoe we
aan het verstand brengen dat de samenlevingsvormen die we hier nu kennen konden
ontstaan en dat dit niet een mooie logische lijn, maar dat de conflicten elkaar
afwisselden, doch ook dat er op tijd en stond nieuwe inzichten ontstonden.
Maimonides, Avaroës, de invloed uit het Oosten, Perzië en India zal men ook
niet geheel negeren. Doorheen het onderzoeken van feiten leren we kritisch
denken en leren we dat bepaalde feiten niet zomaar in een context betekenis
hebben, maar op verschillende manieren hun betekenis kunnen hebben. De relatie
tussen François Ier en
Suleyman I de Grote laat zien dat er ambassades uitgewisseld werden en dat
Suleyman en Frans I gedeelde belangen hadden in de strijd tegen Habsburg,
terwijl de Balkan dan veroverd werd op de lokale bevolking en deels Islamitisch
werd.
Het
onderwijs beschikt over mogelijkheden ook via de literatuur en aardrijkskunde
een mens- en wereldbeeld aan te reiken dat niet a priori vernederend hoeft te
zijn voor jongeren met een migratieachtergrond zonder dat we daarbij de eigen
geschiedenis in de uitverkoop zetten. Het zou goed zijn mocht men meer aandacht
besteden aan bestuursvormen doorheen de geschiedenis en hoe de democratie niet
ontstond uit het niets, maar tegelijk dat het verwerven ervan meer behelsde dan
het inrichten van verkiezingen, vrije verkiezingen maar dat ook burgers hun
inbreng te doen hebben. Erdogan heeft zich opgeworpen als een vader des
vaderlands en hanteert autoriteit als wezenskenmerk, maar we moeten ook
opmerken dat burgers in Turkije zich daar lang wel bij voelden en tegelijk dat
anderen in Turkije ertegen in verzet gingen. In de diaspora klinkt een zekere
trots op die man door en dat mag ons niet verbazen, want zij hadden behalve
enkele voetbalclubs weinig om trots over te zijn als het om Turkije ging in
onze media.
Het
blijft merkwaardig dat in de media aan de ene kant spraakmakers doen alsof onze
geschiedenis er niet toe doet, maar tegelijk als het verleden dan van lieverlee
toch ter sprake moet komen, dan komen ze opzetten met benaderingen die de toets
van de beschikbare inzichten zelden kan doorstaan. De geschiedenis van
Frankrijk onder de het regentschap en tijdens de lange regering van Louis XV?
Een lang voorspel op de revolutie. Een strijd ook van enkele verlichte geesten
tegen de machtige instituties, Kerk en Staat, maar de interne machtstrijd
binnen deze instituties komt zelden op de voorgrond. Dat gebrek aan aandacht
kunnen we alleen onszelf verwijten, want er is niemand die er zomaar interesse
voor zal opbrengen. Of nog: de Amerikaanse Revolutie ofte bevrijdingsoorlog,
bekroond met een grondwet die ingenieus in elkaar zit, laat zien hoe vernuftig
bestuursystemen in elkaar zitten maar tevens dat het best mis kan gaan, zoals
Francis Fukuyama uitgebreid beschreef. Hoe uiteindelijk de slavernij werd
afgeschaft en het Westen werd veroverd kan ook al stof opleveren voor heel wat
inzichten over hoe mensen zich gedragen. Vergeten we intussen ook niet te
kijken naar hoe in Rusland de moderne tijd al voor Lenin vorm krijgt, ook met
industrie, fabrieken en geavanceerde productiemethodes. Tegenover de agrarische
sector blijft het bescheiden, maar de steden, zoals Petersburg en Moskou
groeiden wel en leverden de werkgrage handen.
Lenin,
Stalin, Hitler, we kunnen er gemakshalve kort over zijn, maar zelfs als het
over die figuren en wat ze hebben aangericht gaat, valt veel meer te zeggen dan
we doorgaans aangeboden kregen. Wil men het debat over wat het Westen, onze
samenleving voor migranten in de aanbieding heeft, dan moet men hen de brede,
doch vaak kronkelige weg aanreiken en niet de zelfverzekerde snelweg van
apodictische zekerheden. Geschiedenis verloopt zoals ze verloopt en onze kennis
bouwen we geleidelijk op, waarbij theoretische vragen niet onbesproken blijven,
maar niet zo dat de feiten, zoals we die kennen, helemaal in het gedrang komen
of er zelfs niet in passen. De feodaliteit als systeem beantwoordt niet of
nauwelijks aan wat men er doorgaans van maakt, zeker niet in de fase van
complexe verhoudingen en monetarisering, de zogenaamde geldlenen, waarbij ook
het bestuur dat gefragmenteerd was geleidelijk door nieuwe inzichten opnieuw in
de handen van een instantie terecht komt. Natuurlijk was er vorstelijk
absolutisme, maar hoever reikte daarbij de staatsmacht en hoe organiseerde de
vorst en zijn raad de besluitvorming en de uitvoering?
Als
we het over totalitarisme of eender welke andere periode, situatie,
bestuursvorm willen hebben, dan kan men beter de tijd nemen om grondig de vele
facetten ervan onder de aandacht te brengen. Dat we niet zomaar in het diepe
kunnen springen, omdat leerlingen of een breder publiek dan het noorden bijster
raakt, mag niet beletten dat we toch steeds verder gaan en onder de huid van de
tijd kruipen. In de discussie over wat Europese waarden zijn en hoe vaak we er
de hand mee lichten, kan dat enthousiasmeren voor jonge toehoorders, maar ook
een breder publiek. Daarom dient men ook in de media veel meer en veel
doorgedrevener aandacht te hebben voor de geschiedschrijving en wat ermee te
doen valt. Men een herinnerings- en herdenkingsagenda komt men er niet. En ja,
spreken over Lepanto lukt niet als men ook niet het beleg van Wenen in
herinnering brengt.
Bart
Haers
Reacties
Een reactie posten