Hoe inconsistent kan beleid worden

Dezer Dagen

Investeren en budgetteren
Politici op zoek naar vrijheid om te doen wat moet

Lange Wapper? Ik had het graag gezien, maar ja, de meerderheid
in A'pen heeft in een referendum anders beslist. Intussen blijft
de verkeersellende duren en de mobiliteit onder druk staan. 
Het viel te verwachten en het ziet ernaar uit dat de Europese Commissie de Vlaamse regering zal verplichten uitgaven voor grote investeringen onmiddellijk in de begroting op te nemen. Projecten die dertig, veertig jaar afschrijving wel velen, moeten dus ineens op het conto. Vreemde besluitvorming, maar tegelijk kan men zich afvragen of we het niet over onszelf hebben afgeroepen, de burgers en de politici?

Nog afgezien van de complexe staatsstructuur van ons land en de budgettaire dwangbuis sinds de crisis van 2008 en volgende jaren, moeten we vaststellen dat politici zelf in hoofde van een zekere rechtlijnigheid soms bijzondere uitspraken hebben gedaan. Een overheid beheert geen gezinsbudget en toch wil men ons doen geloven dat de overheid zuinig moet zijn, als onze eigen belangen en rechten niet in het geding zijn.

De Verenigde Verenigingen maken stennis omdat ze medewerkers zullen moeten ontslaan, maar er komt in de media geen debat op gang over hun bestaansreden. Ik vind het sociaal-cultureel vormingswerk voor volwassenen bijzonder belangrijk, maar ik heb de indruk dat de drive en bestaansreden vervaagd zijn geraakt. Tegelijk zal men Natuurpunt en andere verenigingen hun weg wel laten gaan, maar ook daar blijft het de vraag hoe de overheid zinvol met die organisaties kan werken. Moeten die sowieso subsidies krijgen? Liberalen menen soms dat ze maar de hort op moeten om zelf hun geld bij elkaar te verdienen, anderen menen dat ze goed gesubsidieerd mogen worden, maar aangezien deze organisaties vaak spreekbuis zijn van (deel-)belangen van burgers, verwerven die ook macht. Als de overheid subsidieert en vervolgens met diezelfde mensen die ze moet controleren - om het aanwenden van de subsidies te staven - ook nog eens aan tafel moet om belangen te verdedigen van burgers, dieren, de natuur, wordt het wel lastig.

Dat bestel is opgebouwd doorheen jaren van vergaderen, lobbyen en werken voor het goede doel en wie zal ontkennen dat beleid op cultureel vlak, dat de emancipatie ondersteunt, terwijl het in het publieke debat als softe bezigheden wordt beschouwd, niet zinvol moet heten. Tegelijk merken we dat bijvoorbeeld sportclubs door de gemeenten niet meer afdoende gesteund kunnen worden, erger nog, op de radio horen we een programma waarin culturele vorming van kinderen in de academies afgeserveerd wordt als de bron van ellende, want kindjes leiden aan burn out. Opgebrand voor ze laaiend konden worden van enthousiasme.

Maar de vraag die blijft hangen is deze: wat doet de overheid en hoe verhoudt zich dat tot wat mensen wensen? Er is geen homogene samenleving, maar soms wel groepsdruk onder ouders. Men merkt zelfs dat er voor scoutsgroepen wachtlijsten aangelegd worden, want een groep mag niet te groot te worden, omwille van kwaliteit. Laten we wel wezen, 42 jaar geleden ging ik naar de Chiro en de groep was behoorlijk groot, het kamp was best leuk en achteraf ging ik naar een kleinere groep, de KSA, maar vervolgens kwam ik bij de collegescouts. Het probleem bij de KSA was dat de dynamiek er toen wat uit was en de creativiteit, al wil ik de leiders van toen niets aanwrijven. Maar het is waar, het was toen mogelijk om per fiets naar het zwembad in Eeklo te rijden, te gaan ravotten in de velden. De mobiliteit was op het oog beperkter, maar we deden van alles en hadden geen last van overbezorgde ouders. Maar tegelijk wisten ze wel wat we uitspookten want de sociale controle werkte wel.

De wereld is veranderd en daar moeten we niet om treuren, maar tegelijk hebben we geen oog gehad voor het waardevolle omdat we vooruit moesten, of liever, mensen die doorgestudeerd hadden, wilden van alles voor de samenleving. Ik geloof niet zozeer in "the wisdom of crowds", want dat kan leiden tot de horden barbaren die we kunnen worden. Neen, het gaat erom dat mensen, hooggeschoold of niet wel degelijk persoonlijk eigen inzichten ontwikkelen en men kan programma's maken over mensen die goed in de slappe was zitten en daar graag mee uitpakken, maar als zo een welgestelde mensen iets willen doen, zeer discreet soms, dan vinden we dat niet passend. Laten we duidelijk zijn, ze doen het wel en meestal zonder veel ophef te maken.

De Vlaamse overheid zou volgens sommigen opmerkzaam moeten zijn voor de minder goede leerkrachten, want onderzoek heeft uitgewezen dat er onderpresteerders rondlopen in het onderwijs en dat mag niet kunnen. Ik weet niet of elke directeur in staat is goed te oordelen. De Vlaamse regering heeft vastgesteld dat er iets schort aan het vertrouwen in onze samenleving en daar valt iets voor te zeggen - oeps, de kritiek mag de pennen scherpen - want, zoals Frank Furedi aangeeft, merkt men dat we dagelijks redenen aangepraat krijgen om angstig door het leven te gaan. Bovendien cultiveren we graag de angst dat de dingen niet perfect zijn en gesmeerd lopen.

Maar de grootste angst, waar grond voor is, denk ik, bestaat erin dat we in de volgende decennia een onmachtige overheid zullen zien die toch maar op alle problemen moet inspringen. Althans, dat is het beeld dat we sinds een paar decennia steeds sterker hebben zien worden. Nu, Godfried Bomans schreef al in 1936 een fraai portret van een politicus, Pieter Bas, maar dat zou niet behoren tot het curriculum van de studenten politieke Wetenschappen. Daarin haalt Bomans de neiging van politici over de hekel zich met alles te willen bemoeien, ook als het van belang is dat ze afstand bewaren.

Maar dan komt het erop dat ze goed weten waar ze wel verantwoordelijk voor zijn en dat is veel, maar niet alles. Rechtspleging is er zeker een van, maar meer dan deugdelijke wetten uitvaardigen zit er niet, het is aan de rechtelijke macht, de staande en de zittende magistratuur om de wetten te handhaven. Ook rust en vrede in de publieke ruimte hoort tot het takenpakket, maar ook hier is de politicus als persoon geen handelende persoon. De vragen die we moeten onderzoeken hebben te maken met de kwestie dat politici geen feitelijke daden kunnen verrichten, maar dat zij wel een en ander in beweging kunnen zetten.

Intrigerend is daarom de vraag waarom sommige projecten zo moeilijk gerealiseerd worden. Zelfs in Spanje zou men sneller een verkeersknooppunt opgelost krijgen dan hier, vooral in Antwerpen het geval is. Een bijkomende oeververbinding was al rond 1990-1991 een prangende vraag, twintig jaar later is men nog bezig met de besluitvorming en nu zegt Europa dus dat Vlaanderen dat geheel op de begroting moet nemen, terwijl Europa ook zegt dat de lidstaten veel meer moeten doen om de mobiliteit te bevorderen en de broodnodige infrastructuurwerken vorm te geven. Het mag duidelijk zijn dat de Commissie hier niet goed weet wat moet en wat kan.

Het is evenwel niet zo dat dit het voorrecht van Europa zou zijn tegengestelde inzichten te promulgeren als regelgeving. Het blijft de vraag of het goed is dat de budgettaire orthodoxie inderdaad vereist dat de overheid de grote investeringen en langlopende investeringsprogramma's onmiddellijk in de begroting opneemt, terwijl de betalingen pas op termijn aan de orde komen.

We kunnen nu, zoals de oppositie vraagt, duidelijkheid eisen van de regering, maar we kunnen het ook als een gemeenschappelijke opdracht opnemen die aanpak ter discussie te stellen. We kunnen ook kijken hoe we als samenleving die noodzakelijke aangelegenheden aanpakken. Ik weet dat er scholengemeenschappen zijn die geld inzamelen voor scholenbouw, maar uiteindelijk zijn we het zo gewoon geworden dat de overheid dit opneemt, dat we onze eigen inbreng overbodig achten.

Het gaat dus, finaliter, alweer over actief burgerschap. Men vertaalt dat vaak als mondigheid, maar misschien gaat het om de dubbele beweging: kritisch de overheid beoordelen, maar ook, met vertrouwen in het gemeenschappelijke, meedenken met de overheid. Kritisch en loyaal. Doorgaans lijkt men beide bewegingen niet goed met elkaar te kunnen samenbrengen, rijmen, maar het kan of hoeft niet zo te zijn dat kritiek alleen op afwijzen uitloopt en loyauteit eindigt met verblinde en beate onderhorigheid.

Had men... ach, het zal wel niet helpen nog eens op dat referendum terug te komen, maar feit is wel dat bij beslissingen van de omvang die het Oosterweelproject heeft tegelijk merkt dat men het gehele verhaal niet verteld krijgt en dat de kritische burger ook wel selectief uit de hoek kan komen. Neem nu de universiteiten, die moeten besparen. Tegelijk is de toestroom er niet op verminderd en merkt men dat men in bepaalde richtingen niet voldoende garanties voor kwaliteit kan inbouwen. Maar in dat gehele verhaal komen de studenten niet aan het woord, want zij houden zich, een aantal toch, bezig met de dreiging van hogere inschrijvingsgelden. Maar over de wijze waarop studenten studeren en hoe ze met hun studie als project omspringen, horen we niet zo vaak iets. De hogescholen en universiteiten hebben geld nodig, zeker, maar tegelijk, de universiteit gaat ook gebukt aan administratieve lasten die het onderzoek en het onderwijs inperken en vaak fout sturen. Over die kwestie zou het dus ook mogen gaan: hoeveel kan men besparen als men administratieve verplichtingen zou terugschroeven? Controle kan tot slot ook nog eens een keer contraproductief werken.

Bart Haers

PS misschien is dit ook wel weer bedenking voor een partijblad, maar dat is maar collaterale schade.



Reacties

  1. Op zoek naar vrijheid om te doen wat moet ? Dat lijkt mij weeral eens één van die slogans die mooi klinken maar nergens op slaan. Als het moet (dwang dus) is het geen vrijheid meer. Punt aan de lijn. Moeten en vrijheid vloeken.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Wat moet gezien de omstandigheden, kan mensen en dus ook politici dwingen tot gepaste actie. Maar politici zijn vaak geneigd te zeggen dat ze niet anders kunnen omdat de omstandigheden en dwingen.
    In dit stuk probeer ik aan te geven dat politici zich soms ten onrechte in een dwangbuis van omstandigheden laten dwingen. De vrijheid tot handelen betekent dan, denk ik, dat zij na evaluatie van de omstandigheden inderdaad voldoende tijd nemen om vooral actie te ontwikkelen die het mogelijk maakt betere oplossingen te bedenken dan de omstandigheden lijken te eisen. Eenvoudig is dat niet. Doen wat moet, tot slot, heeft te maken met wat men urgentie noemt...

    BeantwoordenVerwijderen

Een reactie plaatsen

Populaire berichten