Kan men radicaliseren zonder geworteld te zijn?


Dezer Dagen


De profundis
Charlie Hebdo als icoon



Burgemeester Ahmed Aboutaleb van
Rotterdam zegde op 8 januari op een massale
bijeenkomst dat wie zich hier niet thuis
voelt, best mag vertrekken - rot toch op. Maar
zij willen juist dat wat hier fout zit
veranderen en verbeteren. Naar een
beeld dat ons wellicht niet zint.
Het was meer dan schrikken, die schietpartij die  een hele redactie van een bekend blad, voor gerenommeerd omwille van haar arrogantie en pijnlijke boodschappen, gebracht als grap. Er zijn reacties die ons het hart verwarmen en andere die ons met enige gêne vervullen. Zo viel in de avond-editie van De Standaard te lezen:

"Wolinksy en co stierven niet voor niets als we in Europa in 2015 onder Belgen en Europeanen een verenigend gesprek zonder taboes over een gezamenlijke toekomst kunnen voeren. Veel keuze hebben we niet. Moslims of linksen stigmatiseren is een heilloze piste, tenzij je een fundamenteel debat reduceert tot schaamteloos electoraal opportunisme en aanstuurt op de een botsing der beschavingen. Kortom, zoals de hoofdredacteur van deze krant (DS) gisteren schreef: "Nous sommes tous des Européens. Maar ook, zoals Arno er altijd aan toevoegt: Nous sommes tous des être humains".

Waarom zou men links niet op de korrel mogen nemen, ze hebben gedurende decennia mee bestuurd. En moslims, sommige gaan me aan het hart maar veel ken ik er niet. Tahar Ben Jelloun, lid van de Académie Française, vond in het programma La Grande Librairie dat er in Frankrijk onverwacht een grote beweging aan de oppervlakte kwam, waarbij mensen massaal de straat op gaan, pennen of potloden meedragen en hun betrokkenheid uiten. Het negatieve zelfbeeld, zo stelde hij, dat rond de eigen navel draait, klopte niet, want mensen bleken betrokken en geëmotioneerd. In Rotterdam hield burgemeester Ahmed Aboutaleb een rede die Martha Nussbaum best in haar reeks redevoeringen met een grote invloed mag opnemen, want hij zorgde ervoor dat moslims en andere Nederlanders in Rotterdam dezelfde kant opkeken.  

Laten we niet vergeten dat nog maar een paar jaar geleden de straten vol liepen met mensen die gekant waren tegen "le mariage pour tous" en dat Marine le Pen nog altijd hoog scoort in de opiniepeilingen. Maar de man heeft gelijk, de Fransen en bij uitbreiding vele Europeanen zijn bewogen, geraakt door deze raid op iets waar ze anders niet zo vaak om geven. Derhalve moet Links zich in deze niet bijzonder aangevallen voelen, want Links zelf, ondanks het feit dat ze vaak aandacht aan de dag leggen voor de achtergestelde positie van mensen met een migratieachtergrond - wat een hol jargon - heeft natuurlijk sinds decennia ook denken in termen van geld, macht en aanzien de nodige brandstof geleverd, net zoals het bijdroeg tot het koesteren van woede en ressentiment. Men kan dit lezen als een verwijt, maar het is wel een poging aan te geven dat Links en Europees samengaan, als het gaat om een gemeenschap van waarden.

Luc Ferry en Alain Renaut hebben in een essay betoogt dat de geest van Mei '68 in filosofisch opzicht misschien niet geheel was wat men ervan verwacht had, dat wil zeggen dat de filosofen die aan die geest gestalte gaven niet geheel origineel waren en meer nog, de Duitse inspiratiebronnen nogal eigenzinnig interpreteerden. Alleen Foucault, zo lijkt het, heeft er een eigen verrijkende invulling aan gegeven. Maar even belangrijk is dat de auteurs wel een aantal interessante figuren niet hebben behandeld, zoals Lucien Goldmann, die precies vond dat het socialisme in die jaren, dus voor 1970 toen hij stierf in een ernstige crisis verkeerde, onder meer omwille van het historisch materialisme en de wetmatigheid van de geschiedenis waarop het gegrondvest was. Lucien Goldmann kwam uit bij Pascal en de "pari", de weddenschap dat er iets zijn zou, zodat we ons leven invulling kunnen geven.

Het blijkt hier het moment  nog eens aan Albert Camus te denken en de inzichten die hij formulerde in "L'Homme révolté", waarin hij uitlegde dat de revolutie bewerken ertoe kan leiden dat de revolutionair uiteindelijk zelf wordt wat hij of zij wilde bestrijden. De enige vorm waarin de opstandige mens zich kan verwerkelijken, ligt dan niet in de revolutie, maar in het vorm geven aan het opstandige zelf, zodat hij of zij dus bezig moet zijn met de dingen des daags en andere zaken. Want de revolutie vernietigt net dat wat de opstandige mens voor ogen heeft staan.

Daarnaast is er nog deze prangende kwestie: is de religie de oorzaak van geweld? Net zomin als de AK 47 of andere wapens handelen religies, maar vertegenwoordigers van religie handelen wel, leiders stampen de adepten in sekten van alles in het hoofd. De vraag is dan of Christendom, Jodendom en Islam, Hindoeïsme oorzaak van geweld zijn geweest. Niet dus, maar wel is het zo dat mensen zich konden bedienen van inzichten uit de Koran, de Bijbel en andere heilige boeken om geweld te legitimeren. Het probleem is dat als men kijkt naar de Kruistochten, naar de Inquisitie en de Godsdienstoorlogen, de Tachtigjarige Oorlog in onze contreien, de Dertigjarige oorlog in Duitsland en de zware conflicten binnen Frankrijk, met de moord op Hendrik IV en de Bartelomeusnacht als trieste dieptepunten, dan is duidelijk dat religies veel destructieve energie kunnen opwekken.

Maar kerken en abdijen, de kerk als geheel waren, lang voor de staatsmacht, die sinds de val van Rome in Europa nagenoeg onbestaande was, heropgebouwd was, de architecten van een kiem van de rechtsstaat en ook slaagden zij erin de beteugeling van geweld te realiseren. Helaas, door de gang van zaken werden kerkelijke leiders ook wereldse machthebbers en zo ontstond er misbruik van kerkelijke machtsmiddelen als het interdict of de excommunicatie. Wie gelooft dat een atheïsme dat zich alleen op wetenschappelijke inzichten zou beroepen volmaakt geweldloos zou opereren, mag het zeggen, maar ik heb er niet zo een groot vertrouwen in, net omdat het incidentele in het leven van mensen zo bepalend kan zijn voor wat goed is voor hem, voor haar, voor anderen.

Het probleem van de radicalisering wordt vaak gezien in termen van een uitdiepen van het geloof, terwijl die man die in Parijs bij Charlie Hebdo de redactie uitmoordde ooit een rapper was en drugs verslaafd. Hij zal het wel als een redding ervaren hebben, toen de religie hem een doel gaf om voor te leven en zo nodig te sterven. Vergeten we niet lichtzinnig het verhaal van Andreas Baader en Ulrike Meinhof, die slechts een korte tijd de RAF hebben geleid? Het valt me op dat in discussie over de religie als motivatie tot geweld de atheïstische ideologie die het marxisme is, ook tot wreedheden heeft aangezet. En overigens, via Cuba en via de PLO of groepen binnen de PLO heeft men elkaar getraind, hoe lastig het was in de woestijn en volgens de leer van de Islam te leven.

Men moet dus ook niet ontkennen dat gelovigen in een religieus systeem zeer modern kunnen ageren, onder meer in de herformulering van de leer. Marc de Kesel heeft dat in Goden Breken uitstekend benaderd en betoogd dat mensen van een religie een stevige stelling kunnen maken die hen de pijn van dwalen in twijfel besparen kan. Maar niet elke scrupuleuze gelovige wil ook het zwaard opnemen. Die stap, die de adept laat geloven dat het mogelijk moet zijn de goddelijke belofte hier en nu te realiseren, zetten mensen nu blijkbaar sneller aan tot daden dan een kwart eeuw geleden. Maar het zijn niet de vaders of grootvaders, die hier kwamen als gastarbeider die zo ontevreden zijn over het leven hier, het zijn jongeren die hier zijn opgegroeid en soms aan de rafelranden leven, soms niet.

De drijfveer is dan ook wel een religieuze invulling van een utopische gedachte en dat is des mensen. Die utopische gedachte heeft altijd ook met een rite de passage te maken waarbij de hinderpalen moeten worden weggenomen opdat de heilssituatie zich kan ontplooien en dat betekent dus dat tegenstanders uitgemoord moeten worden. Het gaat om chiliastische bewegingen die doorheen de geschiedenis vaker zijn voorgekomen en vaak voortkwamen uit een onmiddellijk immanent lijden van grote groepen mensen. De Joden in Egypte, maar ook zij die leefden aan de oevers van de Eufraat bij Babylon hebben uit die uitzichtloze situatie naderhand verhalen gepuurd, onder meer over een heiland. Het verhalen van gebeurtenissen uit een tijd die men niet meer kent, vormt bijna altijd mee de grondslag van utopieën, maar belangrijker is het geloof dat men de utopie kan en vooral moet realiseren.

Zoals gezegd, wie aanneemt dat religies de bron zijn van alle kwaad in de wereld, miskijkt zich op een en ander en vergeet dat mensen wel degelijk altijd - achteraf - redenen vinden om bepaalde daden, misdaden te beargumenteren. Daarom staan we vandaag voor een bijzondere uitdaging, die iedereen voor zich moet onderzoeken, gelovige en ongelovige. Het gaat dan merkwaardig genoeg om de vraag of we kunnen kiezen voor deze wereld zoals die is en daar met de kennis van nu iets van proberen te maken of dat we precies andersom de wereld afwijzen, zonder onderscheid te maken tussen het goede dat er is en het kwade dat er ook aanwezig moet heten. Goed en kwaad zijn hier geen metafysische begrippen, maar refereren aan de ervaringen van welbevinden en van lijden.

Hoe zal men dus jongeren leren uit de dynamiek van het verlaten van een heilloos pad van drugs en andere zaken naar een grondeloos godsgeloof en bijgaande utopie? Merkwaardig genoeg zal dat alleen kunnen als het onderwijs opnieuw de opdracht meekrijgt jongeren echt te vormen naar een bepaald model, het humanistische en dus dat men af zou zien van het constructivistische model, waarbij kinderen niet geleid worden volgens een strak patroon, maar integendeel op hun gemakske zelf mogen kiezen wat ze gaan leren. Rousseau versus... juist, de doelmatige en gestructureerde opleiding. Dat die laatste tot minder kritische discipelen leidt, mag men betwijfelen, want ook toen men het rotje hanteerde waren er snuggere leerlingen en studenten die hun kritiek wisten te presenteren.

Wat dus, voor zover ik het kan zien de doelstellingen van deze strijders vormen, zijn juist een immanent realiseren van een utopie, waarbij men door zeeën van bloed moet gaan. Zij willen namelijk de samenleving optillen uit de diepten van onwetendheid en chaos naar een hemelse toestand op aarde. Het is niet mijn weg, maar ik denk dat men het proces van radicalisering toch wel ruimer moet bekijken dan alleen maar het moment waarop een jongere een AK 47 gaat hanteren. Aan het begin ligt vaak, denk ik, een niet goed gevormde jongen, die niet alles op de woedebank wil inzetten, zoals Sloterdijk dat beschrijft, maar onmiddellijk denkt te moeten handelen, anders is de goede kans op succes voorbij. Anders Breivik vertelde andere zaken, toch? Maar hij zat precies in zo een dynamiek van het realiseren van een heilsstaat, zij het van een ander karakter. Maar voor de mensen die erin zouden moeten leven zou het wellicht evenzeer een hel wezen. Daarom moeten we ervoor zorgen dat jongeren de verleidingen van de utopie doorzien, zoals ze ook best de verleidingen van het consumenten doorzien.

De profundis? We zijn het niet meer gewoon in die termen tegen de dingen aan te kijken, maar het is niettemin nuttig te begrijpen dat we voortdurend moeten kiezen tussen gemakkelijke wegen, zonder hinderlijke twijfels over de juistheid van onze kijk en anderzijds juist het besef dat we wel vaker tussen Scylla en Charibdis moeten laveren om onze levensweg te vervolmaken, met aan het einde inderdaad een sterven zonder verder perspectief, tenzij men gelooft natuurlijk. Maar dan nog, wie kwam ooit terug van "outre tombe"? Wie kan met zekerheid zeggen hoe het na het leven hier verder gaat? Hoeft dat? Voor sommigen klaarblijkelijk wel en het lezen van teksten versterkt  hen in hun overtuiging omdat ze uitgaan en wel moeten uitgaan van de onweerlegbaarheid. Voor twijfel is bij die lezing geen plaats, of het nu om Das Kapital gaat, de Bijbel of een ander heilig boek. Dus is het goed begrijpend lezen te oefenen...

Bart Haers








Reacties

Populaire berichten