Tevreden over haar leven en aanvaardend een nederlaag
Kleinbeeld
Levensles
De charme van een
zelfbewuste dame
![]() |
bron: Sporza.be |
De bekende en succesvolle toptennisster Kim
Clijsters geeft de fakkel door en laat de topcompetitie voor gezien. Na zoveel
succes kan ze met recht terugblikken op een meer dan verdienstelijke loopbaan.
Wat ze nu zal doen? Dat vernemen we wel zeker. Maar om die verdienste is het te
doen, om de vraag vooral waarom we niet blij mogen zijn met haar dat ze na
zoveel jaren aan de top te hebben gestaan en dus voor altijd wel beroemd zal
blijven.
Nu is topsport een terrein waar verdienste
moeilijk te weerleggen valt of voor te wenden als de verdienste er niet is. Wie
nummer 1 heeft gestaan in de ranking van de WTA, die is gewoon goed. In
entertainment ligt dat anders denk ik, want je moet al voortdurend volgen wat
er gaande is in de lichte muziek en dan is het vaak, met verontschuldigingen
voor het woord bijzonder licht wat men aangeboden krijgt. Mag men het ook wel
eens saai noemen, eentonig of langdradig? En toch zijn er mensen die er veel
over hebben steeds weer het laatste nieuwe te horen. En er is een industrie die
steeds weer nieuwe sterren lijkt te produceren. Misschien kan er een enkele artiest
er lange tijd staan en zo een eigen verdienste hebben, toch zien we dat er in
wezen niet zo heel veel uit voortkomt.
Wat ooit een undergroundbeweging was en tegencultuur is door de
muziekindustrie helemaal gerecupereerd.
Het blijft overigens
opvallend dat er maar weinig persoonlijkheden rondlopen in dat wereldje,
althans, dat is mijn indruk, maar je kon van de gasten van Pink Floyd of George
Harrison wel zeggen dat ze iets te vertellen hadden. Vandaag zie je mensen als
Daan en Barman vooral in de comfortzone figureren en zich vooral tegen de
bestaande structuren aanschurken. Het is hun keuze en ik heb er verder niet
veel aan te zeggen of op af te pingelen, maar het is wel zo dat we hen al eens
horen in interviews, waar de interviewers beaat naar hun inzichten luisteren en
weinig moeilijke vragen voorlegt.
De kwestie is dat men verdienste en soms zelfs
genialiteit zoekt waar het eerder over gewoon ontspanning en spel gaat. Als je
dan een zanger hoort zeggen dat hij voor perfectie gaat, dan vraagt een mens
zich af, of die wel weet wat perfectie is. Want in een creatieve sector kan men
toch maar moeilijk van perfectie spreken.
Nu we dit jaar met veel gedruis Louis Paul Boon gedenken, lijkt het er
nog maar eens op dat er naast Boontje geen andere schrijvers waren, die andere
facetten van het leven en het Vlaanderen van toen hebben geschreven – niet
beschreven, want dat doet een schrijver maar zelden. Ik denk aan Johan Daisne,
aan Hubert Lampo ook en anderen die inmiddels vergeten zijn.
Over de verdienste van Louis Paul Boon valt in
Vlaanderen niet te redetwisten, want dat staat zozeer buiten kijf dat ik het
ervan op de heupen krijg, zeker als men dan omwille van de contrastwerking de verdienste van
andere schrijvers, tijdgenoten totaal niet wenst te belichten. Zoals we altijd
weer zullen herhalen, kraakt men daarmee niet alleen die andere auteurs af, men
doet ook schade aan de reputatie van die ene Apolo en beperkt ook het
patrimonium van de Vlaamse letteren. Zelfs een Aster Berkhof, die vooral veel
schreef, kan men toch niet negeren. Hoewel niet zo een fan, denk ik toch dat
hij enkele werken geschreven heeft, die men kan koesteren. Maar neen, er is
Boon, enkel Boon en omdat hij genomineerd zou zijn geweest voor de Nobelprijs
literatuur maakt men het nog groter. Maar niemand zal ooit de perfecte roman
schrijven of het perfecte toneelstuk. En zoals in de sport, het kan een
ingeving zijn van een moment op basis van een constant niveau dat een verhaal
of essay boven het niveau van het gewone uitstijgt. Of het dan ineens geniaal
moet heten?
Het komt me voor, luisterend naar de jonge Kim
Clijsters dat zij inderdaad haar leven vorm heeft gegeven en aan verleidingen
kon weerstaan, zodat ze zo lang een blijvende positie in de top van het
vrouwentennis kon innemen. Een levensles, noemt ze het zelf en daar kunnen we
weinig op afdingen. Als publieke persoon zoiets zeggen? De een zal het verwaand
vinden, een ander misschien juist eerlijk, maar we kennen veel van haar leven,
omdat de media niet nalieten ons van alles op de hoogte te brengen. Toch zie ik
ook nu weer dat ze haar eigen omgaan met de gebeurtenissen goed weet af te
schermen. Door er iets van te zeggen met name, maakt het niet uit dat ze de
essentiële beleving voor zich houdt. Ook dat is een vorm van openheid die ik
wel kan waarderen. Je licht een tipje van de sluier op en houdt de rest
vervolgens goed achter slot. Is dat dan geen hypocrysie? Maar we hebben toch
recht op onze private levenssfeer, waar alleen ons bekenden toegang toe hebben?
Omdat we vandaag zo vaak levensgeheimen van
mensen horen op radio en televisie en lezen in de bladen, levensgeheimen waar
niemand ook maar enigszins uitstaans mee heeft, lijken we veel te weten over die
mensen, tot in persoonlijke gesprekken blijkt dat er ofwel niets is, dan wel
dat de zaken echt wel anders in elkaar zitten. Aan de ene kant zijn er gevallen
van passionele misdaden, soms over een lastige jeugd of een leven dat men zich
anders had ingebeeld. Van de ene acteur weten we dat hij kanker heeft en van
een andere dat de gokduivel hem niet loslaat. Het vertellen van die verhalen
heeft ook wel onderliggend een boodschap: Het zijn net mensen, maar ook, het
toeval en sturing zitten erin. Nu kan men niet veel inbrengen tegen het
vertellen van verhalen over mensen, want van sprookjes tot de romans van Saramago
gaat het over mensen want de goede literatuur evengoed als mythen vervullen die
rol. Vandaag wil men het echte leven en soms, als het om een Clijsters gaat,
kan het interessant zijn. Alleen, moeten we gezondheidsbulletins krijgen?
Het kan interessant zijn te begrijpen dat
iemand op jonge leeftijd echt voor een sport heeft gekozen en naarmate de
successen kwamen er meer tijd en geduld, passie ook in kon leggen. Het wachten
op succes kan immers lastig zijn. Toch kan een renner er vrede mee hebben geen
grote zeges te halen maar wel te rijden in een ploeg die successen bij elkaar
fietst. Maar men kan natuurlijk niet een beetje kiezen voor iets, gewoon omdat
we als persoon weliswaar niet uit een eindeloos menu kunnen kiezen. Het zijn keuzes over wat we zullen studeren
dan wel of we voetballer worden zullen. En ontbreekt het talent en de ijver, de
vasthoudendheid, dan heeft de keuze niet zo heel veel betekenis. Maar op zeker
moment zal blijken dat niet juist kiezen voor een bepaalde schoolopleiding of
beroepsopleiding niet per se een ramp hoeft te zijn. Als men ziet hoe men
moeilijkheden op school vandaag problematiseert, medicaliseert zelfs, dan zou
men ook kunnen denken een vorm van gesprek over de situatie best ook oplossend
kan werken.
Maar hier komen we dan weer bij een van die
aspecten van het boek van Paul Verhaeghe dat niet voldoende onder de aandacht
gebracht kan worden. Wil men dat jongeren hun weg maken, dan moet met ze wel
ernstig nemen, wat zich kan uiten in gesprekken over de dingen. Hoe ontdek je
als knaap van 14 wat er in de wereld te vinden is en hoe men het leven goed kan
leven? Dat is wat je op verschillende niveaus leert, thuis, op school en in de jeugdbeweging
of sportclub. Je kan er de regels van de fair play ontdekken en je kan je eigen
vaardigheden ontwikkelen. Maar uiteindelijk zal de verkenning van wetenschap en
het geestelijke pas kennen als dit wordt aangereikt. Museumbezoek of een avond
in de opera, het brengt allemaal iets mee. Maar als de deuren dicht blijven…
komt er hoogstens iets van Jantje Smit of zo.
In die zin is het van belang dat leerkrachten
met plezier hun kennis overdragen en enthousiasme weten op te wekken. De
trainer kon ervan op aan dat de jonge Clijsters hem zou volgen en wist dat hij
haar een zekere last kon opleggen. Maar in scholen vandaag, lijken leerlingen
ervan uit te gaan dat de leraar niet zo heel veel te vertellen heeft. Een
beetje kennis van Engels of Frans, wat wiskunde, maar die leraar is verder van
geen belang. Als ouders ook geen respect opbrengen voor de leerkrachten van hun
kinderen, dan zal zoon- of dochterlief dat ook niet doen. En toch, de
inspirerende leraar is van groot belang en zijn autoriteit gratuit in vraag
stellen, zoals in de media te vaak gebeurt, draagt niet bij tot een goed
klimaat om leerlingen te laten excelleren. Want dat is wat dan wel zegt te
willen. Waarom schrijven kinderen van elf, twaalf jaar zo weinig opstellen? Het
is de enige manier om de kracht van taal te leren kennen. De mogelijkheid dus
om dingen gezegd te krijgen. Toen Kim koningin van de court was, zegde men wel
eens dat er geen woorden voor zijn. Maar is dat niet juist een teken van
taalarmoede?
Levenslessen, dat is wat men kan meegeven aan
jongeren en hoe ze er later mee omspringen blijft hun zaak. Maar aangezien
jongeren wel degelijk aarden naar hun vader en moeder en dus in hun identiteit
opvattingen, maar bijvoorbeeld ook uitdrukkingen overnemen van de ouders, of
men dat nu wil niet, dan zal dat erop uitdraaien, zegt men dan, dat die
kindjes, eens volwassen klonen zijn van hun ouders. Of dat zo is, valt te
betwijfelen, maar elkeen neemt mee en in de confrontatie die men de
adolescentie noemt, zal zich dat uitkristalliseren of net indikken maar ook
weer verrijken met andere invloeden. Overigens ligt het voor de hand dat de
ouders bij de geboorte niet dezelfde ouders zijn die hun kroost doorheen de
puberteit begeleiden of later bijstaan – en eens draaien de verhoudingen zich
om. Omdat die ouders ook de ervaringen met hun kroost meenemen. Het erkennen
van de ouderlijke autoriteit betekent dus niet per se een blind navolgen.
Zou wijlen Lei Clijsters de trainer van zijn
dochters voor een rechter gedaagd hebben als er iets hem niet beviel? Toch is
het zo dat vandaag jongeren en ouders hun examens gaan betwisten, maar als er
sprake is van discussie, dan is het mogelijk dat de leerling of niet voldoende
gewerkt heeft dan wel niet geschikt voor die opleiding. Het was mevrouw
Vanderpoorten die een aanzet gaf tot het aanvechten van onvoldoendes, zelfs
zonder inbreng van de ouders. In wezen gaf mevrouw Vanderpoorten een motie van
wantrouwen af tegen alle leerkrachten. Er zijn inderdaad wel eens rare dingen
gebeurd bij beoordelingen, maar doorgaans was het eindoordeel van de
klassenraad, de leerkrachten die een klas lessen gaven wel terecht. De
tussentijdse rapporten geven hoe dan ook wel een juist beeld van de leerling
tijdens het jaar. Het zou dus anders kunnen met die regeling en men zou in
plaats van juridisering kunnen gaan voor bemiddeling. In het licht van de
discussie over de verdiensten van de meritocratische maatschappijopvatting zal
dat pleidooi weinig opbrengen, maar dat lijkt me juist het probleem: men kan
niet voor alles naar de rechter lopen, zeker niet voor de relatie tussen school
en leerling. Jawel, de belangen zijn groot, maar als de discussie over
presteren in het onderwijs op die manier behandeld moet worden, dan gaat het
niet meer om vorming, om Bildung, maar om een juridisch attest dat misschien
correct kan zijn, maar noch de persoon in kwestie, noch het onderwijs of de
samenleving dienen kan.
Het zou dus nuttig zijn mocht men die
nuanceringen over de relatie tussen een opvoeder en een pupil in het levensverhaal
opnieuw meenemen in het debat, zeker ook als het de geplande hervormingen net
de rol, enthousiasmerende rol van de leerkracht opnieuw versterkt en die leerkracht
daartoe opleidt. Te veel bureaucratie en verplichte nascholing, maar niet
altijd in de vakgebieden van de bewuste leerkracht. Pedagogie is belangrijk,
maar niet alle pedagogen kunnen goed geschiedenis brengen, om maar iets te
zeggen.
Kortom, het was fijn te horen dat Kim Clijsters
zegde dat haar loopbaan een goede levensles was. Niet iedereen hoeft haar
parcours te volgen, maar het laat wel toe vast te stellen dat we onze keuzes
weloverwogen kunnen maken. In die zin kan men zeggen dat het leven maakbaar is.
Maar het is niet zomaar een kwestie van iets te willen, het gaat er ook om er
zich toe in te spannen en iets op te offeren, zoals een paar jaar, mooie jaren
niet uitgaan met de vrienden en vriendinnen of frieten eten op het dorpsplein
als anderen dat ook doen. En weten wat men zich tot doel stelt, want het gaat
om een moeilijke zaak, een leven dat men kreeg, zonder bijzondere bedoeling en
dat men leven gaat, invulling te geven. Net omdat het absurd is, omdat er dus
geen onwankelbare betekenis aan gegeven kan worden, kan men niet anders dan
zich – met vallen en opstaan – een idee van het leven vormen en dat proberen
uit te werken. De grote doorbraken maken het wroeten en wrochten inspirerend,
maar dan moet men wel weten dat die er niet komen als men niet de kleine stapjes
zetten wil.
Bart Haers
Reacties
Een reactie posten