Om der wille van het principe
Reflectie
Kritiek
van het
Zelfbeschikkingsrecht
![]() |
De oppertste vorm van zelfbeschikking: Socrates drinkt de gifbeker en gaat niet in op het aanbod te vluchten. |
In een discussie op een forum van DS over een
stuk van Torfs, schrijf ik dat men dat zelfbeschikkingsrecht best eens zou
onderzoeken. Mijn opponent, niet Torfs maar een zekere Karel Kiliaen meent dat
de vrijheid niet veroverd moet worden – ik zou shoppen bij Alicja Gescinska en
haar derhalve schandelijk misbruiken. Maar vooral zou ik absoluut niet
begrijpen dat er niets boven zelfbeschikking
gaat. Misschien kan men wel iets betekenen voor anderen, maar ik zal de
auteur maar beter citeren
Zelfbeschikkingsrecht komt maar tot zijn recht wanneer beslissingen
moeten genomen worden. Uw “maar”, uw bezwaar dus, stelt “er bestaat ook nog
zoiets als betrokkenheid bij de naaste.” Heb ik dat ergens ontkend? Vanzelfsprekend
bestaat dat, maar het is, hoe waardevol ook, ondergeschikt aan het recht op
zelfbeschikking. Indien u dit niet aanvaardt, dan ontkent u eigenlijk het recht
op zelfbeschikking
Vanzelfsprekend is het zo dat zelfbeschikking
pas aan de orde komt wanneer we voor een moeilijke beslissing staan, niet als
we een ijsje willen kopen of een Luikse wafel met nutella. Mijn bezwaar
inderdaad is dat die zelfbeschikking mensen behoorlijk eenzaam kan maken en
bovendien, hoe kunnen we een goede beslissing nemen als we er niet op het
ultieme moment over kunnen spreken. Ik kan mij voorstellen dat mijn
correspondent ook hier geen bezwaar
tegen maken zal, want hij definieert zijn vrijzinnig humanisme precies ook in
termen van goed geïnformeerd zijn, van goed weten wat op het spel staat.
Het komt mij voor dat de heer Kiliaen en met
hem anderen vergeten zijn of graag vergeten dat de strijd van Denis Diderot en
anderen in de achttiende eeuw de discussie over het zelfbeschikkingsrecht van
het individu voerden tegen de achtergrond van een rechtsorde waarin willekeur
heerste en mensen andere mensen konden instrumentaliseren. Een ander mens
inzetten om hem of haar vreemde maar de eigen inzichten dienende doelen te
bereiken is een inbreuk op het zelfbeschikkingsrecht. De gekende “lettre de
cachet”, die men kopen kon en die de staatskas spijzen moest, liet toe
tegenstanders even te laten opbergen in een verzekerde bewaring. Maar er bestond
natuurlijk, zeker in delen van Frankrijk nog altijd een vorm van horigheid en
sommige mensen werkten in een dienstverband dat niet leidde tot ontplooiing,
maar tot eeuwige dienstbaarheid. Tot slot was er ook de driehoekshandel,
waarbij Afrikanen naar de Nieuwe wereld werden gevoerd om slaven te gaan
werken.
Let wel, men heeft in de negentiende eeuw en
tot de dag vandaag de ambachten gezien als een vorm van horigheid, maar te
bedenken valt wel dat de ambachten blijvend meester en gezellen van een
behoorlijk niveau nodig hadden. Goed, er was sprake van corporatisme, maar ook
hier dient men met de vigerende beeldvorming toch wat voorzichtiger om te springen
dan te doen gebruikelijk is.
De kern is namelijk dat de strijd van Diderot
ook tegen een kerk gericht was die de boel zou belazeren en mensen dom zou
houden, maar men weet dat in de achttiende de vroomheid van de gelovigen te
wensen overliet en dat zeker in het welvarende Vlaanderen en Brabant, maar ook
in delen van Duitsland de kerk moeite had de mensen eronder te houden.
Integendeel, er kwamen vormen van verlicht heidendom aan de orde. Alleen, het
genootschap van Diderot en d’Holbach waren in een polemisch discours verwikkeld
en het helpt dan niet als men door die polemiek niet lezen wil of kan.
Juist dus, zelfbeschikking is een fundamenteel
goed, maar er is een ander spoor dat daarbij doorgaans buiten beeld blijft,
namelijk dat spoor dat Rousseau en Hobbes, tot en met John Rawls hebben
getrokken, van de fictie van het sociaal contract, waarin men zegt dat de
samenleving zou berusten op vrijwillig gesloten contracten tussen het individu en de samenleving. De termen van het
contract in die figuur zijn mij echter niet duidelijk, maar behalve het feit
dat men daarin – verregaand? – het zelfbeschikkingsrecht opgeeft, blijkt toch
dat mensen in een bepaalde kring geboren worden en opgroeien en daarbij al dan
niet meer autonomie verwerven. Die autonomie verwerft men niet bij afroep,
maar, hier moet ik aan Alicja Gescinska refereren, die vrijheid moet veroverd
worden. Hoe? Door op allerlei domeinen, van het simpele overleven, hygiëne,
goed en gezond eten tot en met de verwerving van inzichten, over bijvoorbeeld
de filosofische achtergrond van het begrip “zelfbeschikkingsrecht” de
vaardigheden te veroveren om daar succesvol mee om te gaan.
Maar we zijn dus geen eenzame wolven die plots
uit de wildernis opduiken om plots samen te gaan leven. Nee, de werkelijkheid
vinden we bij Darwin en sociaal biologen die vaststellen dat mensen uit soorten
voortkomen die precies in groepen, verwantschapsgroepen leven. Ergens in de
geschiedenis, wellicht in de loop van het neolithicum is de mens in nieuwe
verbanden gaan leven waar de natuurlijke verwantschappen zich gingen beperken
tot kleinere verbanden en tegelijk die groepen in grotere samenlevingsverbanden
gingen leven, onder meer de steden. Fukuyama heeft daar met recht denk ik op
gewezen toen hij de oorsprong van de politieke orde niet situeerde in termen
van een sociaal contract, maar in termen van een steeds complexer en minder
overzichtelijk wordende samenleving, waar de verwantschapsgroep beperkter werd.
In Europa alvast had ook voor gevolg dat de mens als individu belangrijker werd
en dat die persoon via een langdurige opvoeding steeds sterker had te staan om
zich niet enkel te handhaven maar ook iemand te worden. Figuren als Diderot,
Spinoza, Voltaire, maar ook Leibniz hebben het belang van die persoonlijke
ontplooiing vastgelegd en kunnen inderdaad als model dienen. Uiteraard mag
Nietzsche dan niet ontbreken, die vond dat men worden moet wie men is.
Ook als het om keuzes gaat, belangrijke keuzes
gaat, blijkt het van belang goede raad in te winnen, want die is duur,
behoorlijk duur. Precies de genoemde mensen waren zich in hun strijd tegen
vorst en kerk bewust van hun samenhorigheid, hun gemeenschappelijke doel en
zonder zichzelf weg te cijferen, gingen ze wel gezamenlijk de af te leggen weg.
Rousseau is misschien wel de enige echte uitzondering, want hij die zo pleitte
voor een sociaal contract was in een bijna letterlijke zin een eenzame wolf,
alleszins een eenzame wandelaar.
De kwestie is dan ook hoe we tot goede
besluitvorming kunnen komen. Toen ik Tuur van Wallendael op televisie hoorde
afscheid nemen van de wereld, enfin televisiekijkend Vlaanderen vond ik dat
ergerlijk omdat, als het om een daad van zelfbeschikkingsrecht ging, niemand
daarvan hoefde te weten. Hij mocht wel laten weten dat hij in eer en geweten
vond dat hij gebruik kon en zou maken van dat zelfbeschikkingsrecht, duidelijk
was niet hoe hij tot dat besluit was gekomen. Daar nu knelt volgens mij de
schoen. Ik denk namelijk dat men niet zonder goed overleg met anderen en in
vertrouwen kan afzien van verdere verzorging en vragen dat het leed zou
ophouden. Ook daar is, gezien de rol van een derde – c.q. de arts – groot
vertrouwen voor nodig.
Wat we dus willen betogen is dat
zelfbeschikkingsrecht in de feiten en ook in theoretisch opzicht verder
onderzocht dient te worden. Als de vrijheid er is, schrijft de heer Kiliaen,
moet zij niet veroverd worden. Maar als de grondwettelijke vrijheden er zijn,
betoogt Gescinska, moet men er ook nog eens gebruik van kunnen maken. De
arbeiders die Louis Paul Boon ten tonele voert konden volgens Daens hun eigen
leven geen vorm geven, maar zonder Daens, of anders zonder de progressieve
liberalen en beter geschoolde arbeiders zouden de omstandigheden niet mogelijk
geworden zijn voor velen in de beluiken en cités om een beter leven realiseren.
Zelfbeschikking plaatsen in een reeks
voorwaarden om de vrijheid te veroveren en om, ik kan het echt niet helpen,
meer mens te worden, lijkt volgens de overtuigde humanist afbreuk te doen aan
de idee zelf. Maar men moet mij dan niet komen verwijten een idealist in de
traditie van Plato te wezen. Het is precies pas als de voorwaarden voor handen
zijn om zelfstandig over zaken te beslissen, te huwen, kinderen te krijgen,
maar ook dat doe je niet alleen, zelfs als je gebruik maakt van ivf of een
donorbank, dan nog zal die keuze ook veronderstellen dat er enige
verstandhouding is met de omgeving. Het is daarom van belang dat we nadenken
over zoiets als goed overleg en er de voorwaarden toe creëren. Ook hier denk ik
geldt dat we leren de mogelijkheden van het overleg te veroveren. Ook met
onszelf, misschien ook vooral met onszelf.
In verschillende opzichten ontbreekt in het
discours van de heer Kiliaen over zelfbeschikkingsrecht enig zicht op de vraag
hoe mensen zich tot elkaar kunnen verhouden en hoe we die verhoudingen
relateren aan het samenleven. Mensen kunnen inderdaad zich graag onderwerpen
aan een andere om zelf niet verantwoordelijk te hoeven zijn of ze kunnen naar
het beeld van Stirner leven als de “Einzige und Sein Eigentum”, zonder de
andere als een reëel subject te zien, alleen als (on-)bruikbare objecten. In de
discussie over wat er tussen die uitersten mogelijk is, missen we niet zozeer
de eros, maar vooral de Agape, de mogelijkheid om mensen te waarderen en
erkennen als subjecten om wie men bekommerd mag en kan zijn. De vraag is of dat
aan het zelfbeschikkingsrecht afbreuk zou doen.
Kortom, wie de vraag over het levenseinde
voorstelt als een hoogst persoonlijke aangelegenheid, kan zich afvragen of hij
de anderen die hem of haar daarbij bijstaan kan beschouwen als toegewijde
personen. Zij zijn ongetwijfeld toegewijd, maar de vraag of die toewijding aan
hun wilsbeschikking iets veranderen kan mag blijkbaar niet gesteld worden. Ik vraag mij af of ik wel wil leven in zo een
samenleving waar de opvatting zou gelden dat betrokkenheid tussen individuen
nooit zover kan gaan dat een gesprek over wat te doen in articulo mortis niet
aan de orde kan komen. En dan ben ik er mij heel goed van bewust dat voorheen
dit ook onmogelijk werd gemaakt vanuit de kerk. Want inderdaad, die schoot
tekort en kon alleen maar vragen dat de mensen zouden aanvaarden dat deze of
gene uit het leven werd gerukt, niet uit het leven van de betrokkenen. Het gaat
denk ik om wat ene Socrates voor ogen stond, de zelfzorg en hoe we die als
persoon vorm geven. Dan helpt het niet lichtzinnig met principes te zwaaien
maar kan men maar beter ook kijken hoe die uitpakken voor de betrokkenen.
Bart Haers
1.Of Denis Diderot en anderen al of niet in de achttiende eeuw de discussie over het zelfbeschikkingsrecht van het individu voerden tegen de achtergrond van een rechtsorde waarin willekeur heerste en mensen andere mensen konden instrumentaliseren; dat is historisch misschien wel een interessante vraag.
BeantwoordenVerwijderenVoor de huidige discussie anno 2012 is deze vraag echter irrelevant en naast de kwestie. Laat staan dat deze overweging een argument zou zijn om onze huidige invulling van het zelfbeschikkingsrecht te verwerpen.
Historici hebben al te vaak de neiging historische waarheden te misbruiken om huidige problemen te counteren.
2. Het historisch verhaal in de daarop volgende zinnen heeft evenmin iets te maken met onze huidige situatie 2012 en is in de discussie overbodige (jawel overbodige) ballast.
3. Citaat: “Juist dus, zelfbeschikking is een fundamenteel goed, maar er is een ander spoor dat daarbij doorgaans buiten beeld blijft, namelijk dat spoor dat Rousseau en Hobbes, tot en met John Rawls hebben getrokken, van de fictie van het sociaal contract…” . Een ander spoor zegt U. Het sociaal contract. Uw boute bewering dat in het sociaal contract het zelfbeschikkingsrecht (verregaand?) zou opgegeven worden is onwaar en fout. Zonder zelfbeschikkingsrecht is het sluiten van een contract niet mogelijk. Uw kijk op het concept sociaal contract is totaal aberrant.
4. En nogmaals : vrijheid is een gegeven dat desgevallend moet verdedigd worden en niet iets dat moet veroverd worden. Overigens veroverd op wat of wie ?
5. Vervolgens begint u een discours als zou Kiliaen onwetend zijn dat de mens van nature en evolutionair een in groep levend organisme zou zijn. U dwaalt. Meer dan iemand anders is hij zich vermoedelijk bewust van het feit dat de mens een sociaal dier is. Maar inderdaad zeer terecht merkt u op dat in de westerse geschiedenis de betekenis van het individu is gegroeid. Dat u daarmee anno 2012 geen enkele rekening wenst te houden is onbegrijpelijk.
6. Citaat: “De kwestie is dan ook hoe we tot goede besluitvorming kunnen komen.” Ha nu komt het dacht ik. Maar helaas! U vindt de getuigenis van Tuur Van Wallendale omtrent de uitoefening van zijn zelfbeschikkingsrecht ergerlijk, maar de getuigenis van een op stervensna dood zijnde paus Johannes Paulus VI wordt door u eigenaardig genoeg niet opgemerkt als ergerlijk.
En vervolgens komt eigenlijk de kern van gans uw betoog waaruit blijkt dat u eigenlijk niet weet waarover zelfbeschikkingsrecht gaat.
Ik citeer: “ Hij mocht wel laten weten dat hij in eer en geweten vond dat hij gebruik kon en zou maken van dat zelfbeschikkingsrecht, duidelijk was niet hoe hij tot dat besluit was gekomen. Daar nu knelt volgens mij de schoen.”
Welnu mijn beste, de kern van het zelfbeschikkingsrecht is dat diegene die dat recht uitoefent geen verantwoording verschuldigd is noch hoeft te zijn. Noch aan diegenen die hem nabij zijn, noch aan wie ter wereld ook ! Immers indien hij/zij verantwoording zou moeten afleggen is er van zelfbeschikking geen sprake meer !
Men is hetzij meester, hetzij onderdaan.
7. U stelt dat in het discours van Kiliaen enig zicht ontbreekt op de vraag hoe mensen zich tot elkaar kunnen verhouden en hoe we die verhoudingen relateren aan het samenleven. Dergelijk zicht is helemaal niet afwezig bij de stelling van recht op zelfbeschikking. Tevergeefs tracht u de zaken zodanig te verdraaien alsof het recht op zelfbeschikking tegenstrijdig zou zijn met gemeenschapszin, tegenstrijdig zou zijn met rekening houden met de andere, met zich ingebed weten in een gemeenschap. Recht op zelfbeschikking weerhoudt niemand zich verbonden te weten met anderen. Waar het op aan komt zijn uiteindelijke beslissingen. Wie neemt ze ultiem ?
8. Tenslotte komen we terug op het beginpunt van de discussie: Zelfbeschikkingsrecht komt maar tot zijn recht wanneer beslissingen moeten genomen worden. Ik meen niet dat Kiliaen lichtzinnig met principes zwaait zoals u suggereert. Men kan ook zeer zinnig zwaaien met principes !
Het tijdskader waarin Denis Diderot, Voltaire en anderen handelen, schrijven dus, is dus van geen belang? Maar vooral valt het me op u zelfbeschikkingsrecht en verantwoording van elkaar losmaakt. Best stof voor een pittige discussie.
BeantwoordenVerwijderenVerschenen De Standaard
BeantwoordenVerwijderenAuteur Kathleen Vereecken
Datum 30 mei 2013
HOE EUTHANASIE MENSEN DICHTER BIJ ELKAAR BRENGT
‘Alles is gezegd, en veel meer’
Steeds meer Belgen vragen om euthanasie. Het taboe lijkt stilaan doorbroken.
Maar hoe ervaren familieleden en vrienden zo’n kroniek van een aangekondigde
dood? Vaak verandert er iets wezenlijks, en niet zelden ten goede.
Ze waren in de eerste drie maanden van dit jaar al met 445, de Belgen die een
euthanasieaangifte deden. Een consequentere registratie verklaart maar een deel
van de stijging, zo verklaarde Wim Distelmans (VUB), voorzitter van de Federale
Commissie Euthanasie. Vooral de Vlaming is zich blijkbaar steeds beter bewust
van alle opties rond het levenseinde, mede dankzij de sensibilisering door LEIF
(LevensEinde InformatieForum).
We hebben ons ooit allemaal wel eens de vraag gesteld: stel dat je wist dat je nog
maar een week te leven hebt, wat zou je dan allemaal doen? Het plannen van je
dood maakt die fantasie op slag tastbaar en heel echt. Vooral voor wie niet op
sterven ligt, maar fysiek of psychisch ondraaglijk lijdt, wordt meteen een stuk tijd
afgebakend om bewust afscheid te nemen van wereld, leven en dierbaren. Hoe
ervaren die dierbaren dat vreemde gat in de tijd, de periode tussen weten en gaan?
Eind mei 2008 vernam Hermine Couvreur dat Lily, haar zus, een
euthanasieaanvraag had ingediend. Negen maanden later, op haar 54ste, zou ze
sterven.
‘Lily had al vanaf het begin van de jaren 90 een zware vorm van ME (tegenwoordig
beter bekend als CVS, chronische vermoeidheidssyndroom, red.). Haar gezondheid
ging snel achteruit. Ze had steeds meer pijn, kon zich niet meer concentreren, had
moeite met stappen en praten. Op den duur raakte ze door haar ziekte ook haar
werk kwijt. ME heette toen nog psychosomatisch te zijn.’
‘Toen Lily me vertelde dat ze voor euthanasie koos, was ik niet echt verwonderd.
Ik wist ook dat ze het meende, dat haar beslissing zeer doordacht was. Ik heb
haar onmiddellijk gezegd dat ik haar zou steunen.’
‘De negen maanden die volgden, waren bijzonder. Eigenlijk waren Lily en ik uit
elkaar gegroeid in de loop van ons leven. Door het vooruitzicht op haar dood werd
ons contact veel intenser. De band die we in die laatste maanden kregen, kan ik
bijna niet in woorden vatten. Een groot en diep wederzijds begrip, was het. We
hebben zoveel gepraat. Over onze kindertijd, over onze kijk op het leven, over zo
veel dingen waar we het nooit eerder met elkaar over hadden.’
Ze noemt het een mooie tijd, ondanks het verdriet om het naderende afscheid.
‘We hebben meer gelachen en plezier gemaakt dan ooit. Op de dag van haar
euthanasie vroeg ze om nog even haar favoriete muziek op te zetten. We hebben
elkaar vastgepakt en voor het eerst samen gehuild. Toen ze stierf hielden mijn
oudste zus en ik elk een hand van haar vast.’
Goed, mensen kunnen kiezen voor Euthanasie en u neemt het artikel over DS over om mij te laten weten dat een taboe doorbroken is. Intussen schreef ik niet zo lang geleden een stuk waarin ik mij en al mijn tijdgenoten gelukkig prijs dat het avontuur van de verlichting zo succesrijk is geweest als het erom gaat lijden door ziekte weg te werken. Maar nu plaagt de ouderdom ons. We moeten allemaal gaan en soms is het vreselijk. Waar ik mij vragen bij stel, ook bij dit stuk, is of men nu wel zou willen dat iedereen voor euthanasie zou kiezen. Men zal zeggen dat niet zo is. Maar ik heb daar mijn twijfels over. Het eigen levenseinde kiezen? Waarom niet. Maar als het op enig ogenblik plicht zou worden, wat zal men dan zeggen. En ja, waarom zou men niet aanvaarden, om welke ecologische reden dan ook niet zelf in te grijpen... dan zou dat niet rationeel zijn. Ik kan het niet helpen, maar ken minstens een persoon die al dacht aan het onvermijdelijke en een jaar later toch nog onder de levenden verblijft. Daarom ben ik voorzichtig op dat vlak. Het is geen taboe meer en dat juicht men toe. Mooi.
VerwijderenIemand die de beslissing tot euthanasie daadwerkelijk neemt, kun je echt niet vergelijken met "een persoon die al dacht aan het onvermijdelijke en een jaar later toch nog onder de levenden verblijft." Ik kan het moeilijk omschrijven. Ik heb mijn zus bijgestaan zoals dus in het artikel wordt geschreven. Zij was echt klaar met het leven.
BeantwoordenVerwijderenHermine Couvreur
Kan ik antwoorden? Moet ik antwoorden? Misschien niet, en toch, toen ik die brief heb gelezen, wist ik wel dat de brief er gekomen was omdat u het nodig vond uw intieme betrokkenheid en niet enkel die van de stervende aan de orde te stellen.
VerwijderenDat vond ik prachtig, maar ik vroeg en vraag me af, wat die band tot uitdrukking brengt en waarom precies dat facet in het debat over euthanasie vaak over het hoofd gezien wordt. Dat u hiervan toe en nu getuigenis aflegt, vind ik belangwekkend. De zaak is, denk ik, dat we niet kunnen verhinderen dat mensen met elkaar spreken, zeker als de omstandigheden zo zijn dat het einde nakend en onvermijdelijk wordt. Het blijft een persoonlijke keuze, altijd, maar gedragen door anderen, kan het wellicht dragelijker worden.
Zoals gezegd, mij belangde aan, dat we niet alleen hoeven te leven en dus ook niet alleen hoeven te sterven. Dat de wetgeving euthanasie toelaat is belangwekkend en was ook nodig, maar het levenseinde zelf hoeft niemand alleen te ondergaan, verlaten van alles en iedereen. Ik stel het nu extreem, maar daar gaat het bij de discussie over euthanasie net vaak over: men moet de beslissing alleen nemen. Overleg hoeft geen enkel besluit uit te sluiten, dat is in wezen de vraag en zorg die me bezig houdt. Uw getuigenis, denk ik, laat zien dat het precies zo kan.