Over de charme van het openbaar examen
Reflecties
Beethoven,
Liszt en Schumann,
Scriabin
niet vergeten
![]() |
Binnenplaats van het Steen van de familie van der Sickelen waar sinds eind vorige eeuw het conservatorium van Gent is gevestigd. Een portret van de pianiste? Portretrecht betekent ook iets. |
Op weg naar Gent, om iets te horen dat echt wel
de moeite heet te zijn. Jaren geleden mocht ik eens, mee toen ik als jongen op
vakantie was bij mijn oom, naar een openbaar examen in het koninklijk conservatorium
te Brussel. Hoger diploma heette dat toen nog en het was zowat het hoogste wat
men kon behalen aan het conservatorium. Geen orkest, maar een concerto
uitgevoerd op twee piano’s. Het klonk al kende ik er toen nog niet veel van.
De tijden razen door en we kijken soms wat
beduusd toe, maar als je ziet hoe ons muziekonderwijs georganiseerd is, dan ben
je verbaasd dat er vandaag soms zo laatdunkend over het muziekleven en het
muziekonderwijs in Vlaanderen wordt gesproken en geschreven. Natuurlijk zijn de
heren van Beethoven, Schumann, Liszt en Scriabin goed en wel dood, maar zou hun
muziek er dan niet meer toe doen. Tja, te elitair, die muziek klinkt het dan en
dus hoeven er we er verder niet over te zeuren. Ik weet het niet. Het vertrek
kort na de middag, er stond nog een gesprek gepland, was alvast best leuk, maar
ook, het feit dat dit om een openbaar onderzoek zou gaan of een jonge pianiste
aan de vereisten voldeed om als Master verder door het leven te gaan, maakte
het allemaal nog wat spannender. Nu had en heb ik de loopbaan van Elisa D’Haene
al eerder aan u voorgesteld, maar goed, dit mocht en zou best zo goed mogelijk
verlopen. Na het interessante gesprek en een glaasje porto bij het stadhuis
ging naar het conservatorium, gehuisvest in een oud Steen in de stad, van de
familie van der Sickelen en waar in de negentiende eeuw een en ander aan
verbouwd en gesloopt werd. Toch is de zaal, waar het examen zou doorgaan best
aangenaam. Hoorde ik er al filosofen spreken, woonde ik er de uitvoering bij
van de Kreisleriana door dezelfde pianiste, woonde ik er ook het examen bij van
de Turkse pianiste en componiste Ferdes Firdevs Eke, dan keek ik ook er nu al
naar uit de zaal te betreden.
Het examen zou om 18:00 aanvangen, maar het
licht anarchistische gebeuren dat onderwijs altijd wel is, bracht mee dat we
even dienden te wachten tot de piano goed en wel gestemd was. Ik heb mij ooit
laat vertellen dat de examens aan een conservatorium vroeger, zeker het Hoger
Diploma een society gebeuren was en dat de zaal toen vaak vol zat. Vandaag
mocht Elisa niet klagen, magen en vrienden waren er, niet in dichte drommen en
op facebook bleek dat nogal wat mensen haar steunden.
Tijdens het wachten en het praten met haar
ouders, zus en grootmoeder, met familie en vrienden, was ik het even moe en
ging ik buiten een sigaret roken, waar ik de heer directeur van het
conservatorium ontmoette. De man heeft een zwaar leven want hij probeert zoveel
mogelijk van de examens bij te wonen en het conservatorium is geen klein
instituut. Maar goed, desondanks is de directeur nu zelf weer een radertje in
grote hogeschool. Ik weet echt niet of dit soort schaalvergroting dienstig is,
voor de studenten, maar ook voor de docenten en de directie. De centen moeten
eerlijk verdeeld worden op een hoger niveau en dat vergt veel vergaderen, zodat
het eigen creatieve leven eronder gaat leiden. De directeur was het me eens dat
een docent aan de universiteit niet zoveel lessen moet geven, zes uur per week,
met nog twee uurtjes vergadertijger spelen en dan zou de rest moeten gewijd
kunnen worden aan het volle creatieve en artistieke leven, aan het
conservatorium, aan de universiteit drukt die creativiteit zich anders uit.
Maar nu is de balans helemaal doorgeslagen. De eigen inbreng van docenten lijkt
men van bovenaf te willen regelen en het doceren gaat voor op het eigen
onderzoek, het eigen creatieve werken. Docendo discimus? Uiteraard, maar men
moet dat ook voeden en onderhouden en dus moet men ook blijven studeren om zelf
als docent goed het eigen meesterschap te kunnen overdragen.
Kortom, de tijd van wachten was voor ons,
welwillend publiek misschien niet zo erg, voor de jonge pianiste was het geen
cadeau. Had men de piano voordien geprepareerd voor iets anders, of anders
gestemd, om het met een clavicimbel te laten accorderen? Het kon best want er
stond een clavecimbel terzijde van het podium. En toch, de piano was een goed
half uur later dan toch klaar en meteen kregen we van Beethoven geserveerd, de
Waldsteinsonate, die voor de pianist verraderlijker is dan voor het publiek
maar na een kleine aarzeling vlot en met de nodige kracht en nuance werd
aangevat. Hoe muziek, piano kan klinken, dat weet men, maar hoe een jonge
pianiste dit stuk en de andere helemaal spelen kan zonder voor zich een
partituur te hebben. Het gaat om memoriseren maar ook om te weten wat men wil
laten klinken. De vingervlugheid valt te bewonderen, maar evengoed het spelen
met accenten en timbre, waartoe veel coördinatie nodig is.
Veel tijd om te rusten gunde de pianiste ons
niet, want daar kwam Schumann op ons af, in het Nederlands “karnaval in Wenen”,
beter bekend als Faschingsshwank aus Wien, op. 26. Het stuk had ik wel al eens
gehoord, maar bij het luisteren viel me op hoe wat men dan de romantiek pleegt
te noemen toch wel meer is dan ons te beroeren. Het blijft gaan om muziek die
op zich staat, ver van het uitbeelden van scènes die het oproepen wil, maar
toch, een spel spelend met die triviale realiteit. Het vraagt geduld het te
beluisteren? Niet echt, want een keer de pianiste de toetsen beroerde, bleek
het als vanzelf mee te voeren naar het Prater of andere plaatsen waar dat
carnaval gevierd werd. Graag zou ik weten hoe Schumann het spel van variëren en
uitwerken in dit stuk had opgevat, welke muziek hij hoorde toen hij dit op
papier zette, om gespeeld te worden.
Dat ook Liszt op het programma stond, zou niet
mogen verbazen, want hij was een van die mensen die het pianospel tot hoge
virtuoze hoogten heeft weten te voeren. De kritiek klinkt wel eens da het
teveel om het spel, om het virtuozendom ging, maar ik denk steeds meer dat men
verveeld zou raken als Liszt alleen om het spel ging, niet om de klank, niet om
muzikale expressie. Wie luistert en de pianiste neemt ons echt wel mee, merkt
hoeveel er op het spel staat bij Liszt, het gaat om een hoogstaand uitwerken
van de mogelijkheden van de piano en dat kan men niet horen, altijd horen op
cd. Zoals iemand gisteren zei, zelfs Richter kon bij bepaalde stukken prachtig
spelen, maar de letter van de partituur schoot erbij in. Niets erg, want de
uitvoering blijft bijzonder genoeg. Alleen, denkend aan de zorg van Clara Wieck
om partituren zoveel mogelijk recht te doen, kan men zich afvragen hoe men dat
doet.
Met Scriabin vormde het einde van een meer dan
grandioze ervaring. Ach, denkt u, het zal wel zijn, je volgt dat meisje en je
gunt haar het beste, maar het is wel zo dat de muziek in de zaal wel anders
klinkt en bovendien je wil veroverd worden, het spel moet je meenemen en als
het lukt, dan roept iemand van de jury bravo.
Waarom men klassieke muziek, in alle
verscheidenheid die het toch telkens weer tentoon spreidt, vandaag, op een
andere manier dan voordien wil afdoen als iets zonder toekomst, maar ook zonder
bijzondere betekenis, blijkt bij zo een gebeurtenis zonder grond. Het is een
maraton zo een examen, want de pianiste kan niets uitzoeken of opzoeken, er is
geen open boek en er is alleen de kans dat het goed gaat, dus een groot
vertrouwen in zichzelf. En dat valt dan wel te horen. De piano, een grote
concertvleugel laten klinken, niet eenduidig maar met alle mogelijkheden van
het instrument, dat is het wat een mens achterna met zich meeneemt. Dat de
pianiste een grootste onderscheiding kreeg, was voor haar een mooie bekroning
en het werd op aangename wijze gevierd. Een zomerse dag, eentje dan toch en een
aangenaam rustige Belfortstraat, wegens de wegeniswerken, dat maakt het
allemaal best nog genietbaarder. En nu maar hopen dat ze rustig verder bouwt
aan haar loopbaan. Het meesterschap heeft ze, het verder uitbouwen, dat komt er
nu aan.
Bart Haers
Een anomieme reactie, die op het eerste zicht positief lijkt maar in wezen, volkomen naast de kwestie is. Een anomie reactie in deze? Het is bizar want wie feliciteert, maakt zich bekend. En goed, het meesterschap is niet hetzelfde als het master-diploma. Maar men kan die jaren aan het conservatorium en de groei als pianiste niet zomaar afdoen als het gevolg van het volgen van cursussen. De eigen inbreng daarbij is ontzettend groot. Helaas, men stelt vandaag studeren voor, meer dan dertig jaar geleden het geval was of ooit geval was als een logisch verhaal met een diploma aan het einde. Dat diploma moet altijd verworven worden.
BeantwoordenVerwijderenEen reactie niet plaatsen omdat ze anoniem is, noemt men pervers en beneden alle peil. Het zij zo.
BeantwoordenVerwijderen